Plus

Oostenburg verandert in een nieuw stuk stoere stad

Oostenburg wordt een nieuwe stadswijk waar je over drie jaar kunt wonen, werken en uitgaan. Het 'eiland' hoef je niet meer af, is het idee, en elkaar ontmoeten doe je in de moestuin bovenop het dak.

De VOC-kade met café-restaurant Roest, woontorens en plek voor een kanoverhuurbedrijf Beeld Artist's impression Vorm

Eilandgevoel tijdens rondje Oostenburg
Oostenburg verandert de komende drie jaar in een nieuw stuk stad voor 3000 mensen. Rauw en stoer moet het zijn, levendig met industriële charme.

De gasloze wijk met hoogbouw zal bestaan uit meer dan 1600 woningen, kleine creatieve bedrijven en kantoren, restaurants en cafés. Bewoners kunnen er volgens de projectontwikkelaars wonen, werken en hun vrije tijd besteden zonder het 'eiland' af te hoeven.

"Het is de moeite waard straks een rondje Oostenburg te lopen. De mensen moeten een eilandgevoel krijgen," zegt Peter Kramer, directeur van woningcorporatie Stadgenoot.

De stoere betonnen platen van de oude fabrieken blijven op straat de romantische sfeer van weleer bepalen en moeten herinneren aan de tijd dat het VOC-eiland industrieel gebied werd. "Het beton wordt afgewisseld met groen, de gebouwen variëren in grootte en hoogte en er komen zes ­torens, één van 46 meter hoog."

Stadgenoot streeft naar levendigheid door het 'grachtengordelconcept'. Marien de Langen, bestuursvoorzitter van Stadgenoot: "Ieder gebouw heeft een aparte deur. Daardoor stapt elke bewoner meteen op straat en wordt het druk en minder anoniem. Dat is anders dan bijvoorbeeld op de Piet Heinkade, waar weinig deuren zitten."

Beeld Laura van der Bijl

Projectontwikkelaar Vorm maakt de woningcomplexen naast café Roest aan de VOC-kade en de te renoveren Werkspoorhal, die het centrum van het eiland wordt. Sander van der Wolf van Vorm wijst op het belang van de levendigheid. "Bewoners kunnen elkaar ontmoeten in de moestuin op hun dak of in de 'skipstoplift', die zonder stoppen naar een gezamenlijke ruimte op de derde, zesde of negende etage met koffiecorners gaat. Voor nog een etage nemen bewoners de trap. Of ze treffen elkaar in het fitnesscentrum beneden of in de vele horeca, allemaal op het eiland."

Op het noordelijke deel komen ongeveer 1200 woningen te staan. Stadgenoot ontwikkelt sociale huurwoningen en middenhuurwoningen. Verder komen er koopwoningen, kavels voor zelfbouwers en andere woonprojecten.

Naast de oude Van Gendthallen, op het zuidelijke deel, gaan Vorm en ontwikkelaar Steenwell een vergelijkbaar ­gebied bebouwen, getiteld de 'Stadswerf Op Oostenburg', met ­bedrijven en ruim 500 woningen.

"Er werken vijf architecten aan het fietsparkeren op ­Oostenburg," zegt De Langen. "De Amsterdammer gaat met zijn racefiets, transportfiets, bakfiets of langeafstandsfiets de entree van zijn appartementencomplex binnen en ­parkeert daar meteen."

Op het eiland komt ook een Inntel Hotel met 360 kamers.

Het Leven Lief Huis, voor kunstenaars
Oudere kunstenaars met een ernstige aandoening kunnen over enkele jaren in 'Het Leven Lief Huis' komen te wonen, dat naast restaurant Rosa & Rita wordt gebouwd.

De kleinschalige culturele woongemeenschap is voor kunstenaars van diverse pluimage - zoals schilders, musici, beeldhouwers, schrijvers, balletdansers en acteurs - van boven de 65 jaar met een vergevorderde vorm van dementie of een ­somatische zorgvraag.

"In deze woongemeenschap kunnen zij blijven genieten van de sfeer waaruit ze kwamen. Hun schilderijen hangen aan de muur, er klinkt muziek in huis en er wordt opgetreden door henzelf of door andere musici," zegt Ed Cools, voorzitter van Kunstenaarshuizen Amsterdam en oud-­directeur van het Dr. Sarphatihuis.

Cools was destijds betrokken bij het Ramses Shaffy Huis, een woon-zorgcentrum voor oudere en jonge kunstenaars aan de Oostelijke Handelskade. Het Leven Lief Huis is een vervolg erop. "Ramses Shaffy was door Liesbeth List naar het Sarphatihuis gebracht onder het mom dat hij naar een hotel ging. Hij was zo gelukkig als collega's Kitty Courbois, Liesbeth List en Shireen Strooker op bezoek kwamen. Hij straalde als de acteurs gingen zingen. Als je dat bereikt bij een bewoner, is dat heel wat," zegt Cools. "Mij meed hij altijd. Hij dacht dat ik de hoteldirecteur was die de rekening kwam brengen."

De oude ­Werkspoorhal uit 1929 moet, eenmaal verbouwd, de grote publiekstrekker worden, vergelijkbaar met de ­Hallen in West. Beeld Artist's impression Vorm

Voor het Ramses Shaffyhuis, dat nu een jaar bestaat, staan inmiddels 150 kunstenaars op de wachtlijst. "Peter Faber belt me geregeld of er al iemand is gaan hemelen."

De toekomstige medewerkers van Het Leven Lief Huis worden geselecteerd op hun 'kunstminnende' karakter. "We zoeken bijvoorbeeld muzikale verpleegkundigen, die pianospelen of schilderen. Ze moeten wel iets met kunst hebben."

Het Leven Lief Huis krijgt een theater annex sociëteit op de begane grond, waar een vleugel komt te staan. Er komt een kleine bibliotheek met kunstboeken. Verder is er een tuin.

In Het Leven Lief Huis komen 32 atelierappartementen van ongeveer 45 vierkante meter, elk met een woonkamer en aparte slaapkamer annex atelierruimte. De Zorggroep ­Amsterdam Oost verleent 24 uurszorg aan de bewoners. De huur bedraagt rond de 700 euro.

Publiekstrekker: de Werkspoorhal
De oude ­Werkspoorhal uit 1929 moet, eenmaal verbouwd, de grote publiekstrekker worden, vergelijkbaar met de ­Hallen in West.

De voormalige fabriekshal, waar vroeger dieselmotoren in elkaar werden gezet en getest, krijgt ­doorzichtige gevels met grote schuifdeuren. In de hal ­komen een brouwerij, ijssalon en een kanoverhuurbedrijf. Aan de zijkanten komt horeca met terrassen, waaronder een rokerij en een restaurant.

Het middenterrein is een zogeheten flexpodium, met elke dag een andere functie, zoals een kunstmarkt of een plek voor tentoonstellingen of symposia. Met projectontwikkelaar Vorm in Papendrecht worden gesprekken gevoerd over de restauratie en ontwikkeling van de hal. Oorspronkelijk stonden er twee hallen. De oostelijke hal is gesloopt.

Van VOC-werf tot stadswijk

De Oostelijke Eilanden werden na 1650 aangelegd. Kattenburg, Wittenburg en Oostenburg werden aangeplempt voor scheepswerven, zoals die van de VOC. Het wemelde van de kleinere (schier)eilanden die verbonden waren met bruggen.

Na de ontbinding van de VOC en de Franse bezetting raakten de VOC-­terreinen in verval. ­Ondernemer Paul van Vlissingen kocht de grond van Oostenburg voor de suikerindustrie en de bouw van stoommachines en schepen. De firma kwakkelde en raakte in faillissement. Uiteindelijk volgde een doorstart met de ­productie van locomotieven, wagons en ­dieselmotoren, onder de naam Werkspoor.

Veel scheepswerven verdwenen in de loop der jaren, maar De Nederlandsche Scheepsbouw Maatschappij (1894) hield stand op Oostenburg tot de verhuizing in de jaren twintig naar Noord. Daardoor ontstond op Oostenburg meer ruimte voor de stel- en werkplaatsen van ­Werkspoor.

Na de Tweede Wereldoorlog legde Werkspoor zich ook toe op de ­productie van fabrieksinstallaties. In 1954 ­fuseerde het bedrijf met dieselbouwer Stork. Het duurde tot in de jaren tachtig voor Oostenburg zijn industriële karakter verloor en gebouwen leeg kwamen. Tot voor kort mochten alleen ­bedrijven zich vestigen op Oostenburg. Stad­genoot had het gebied ­inmiddels gekocht. Pas na 2012 mocht Stad­genoot er ook woningen neerzetten en groeide het idee de monumenten op het 'eiland'
te koesteren.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden