Onwillige kroongetuige

Kroongetuige Angelo D. moest opdraven in de zaak tegen de 22 Hells Angels, die volgens justitie een criminele organisatie vormen. Hij heeft vele verklaringen afgelegd over de Angels, maar had niet veel zin die allemaal te herhalen.Angelo D. (48) heeft in talloze verhoren bij de politie, bij de rechter-commissaris en in de rechtbank verteld hoe de Hells Angels opdracht gaven voor moorden, hoe ze drugslijnen opzetten naar Zuid-Amerika en hoe ze ook zelf wiet en cocaïne verkochten. Soms had hij het met eigen ogen gezien, maar de meeste verhalen had hij van Hells Angels gehoord, als 'hangaround': aspirant Hells Angel van motorclub Carribean Brothers op Curaçao.

De stelligheid waarmee hij zijn relaas doet, wil nogal eens wisselen. Daarom had de rechtbank hem laten aanvoeren vanaf zijn geheime schuilplaats, waar hij in een getuigenbeschermingsprogramma zit.

D. had de dag liever anders besteed, liet hij voortdurend blijken. Het gaat allemaal niet zo lekker met hem. ''Ik zit constant in het verleden,'' klaagde de kroongetuige. ''Maar ik wil met mijn leven doorgaan. Ik heb het allemaal achter me gezet en heb alles uit mijn geheugen geveegd. Ik weet niets meer. Na mijn laatste verklaring, in maart bij de rechter-commissaris, zijn zoveel dingen met me gebeurd, zoveel problemen... Ik ben bijna gek aan het worden.''

D. trof het met de rechtbank. Hoewel juist de rechtbank hem had laten komen om zelf zijn betrouwbaarheid te kunnen toetsen, werd hij niet echt op de proef gesteld. Voorzitter Hanneke Lommen-van Alphen stelde hem geen lastige vragen en hielp hem, tot ergernis van de advocaten, op weg met veel informatie en gesloten vragen (''U heeft verklaard dat..., klopt dat?'').

Het verhoor vertoonde sterke gelijkenissen met de verhoren in de rechtbank en het gerechtshof, toen daar de drievoudige moord op drie Limburgse Hells Angels werd behandeld - de zaak waarin D. zijn deal met justitie heeft gesloten. Ook daar antwoordde D. beknopt, warrig en soms tegenstrijdig, waarna rechtbank en hof zijn verklaringen uiteindelijk terzijde schoven.

D. vertelde in het verleden wel over het wapenbezit van de Hells Angels, maar erkende gisteren zelf nooit een 'clubwapen' te hebben gezien. Op het jubileumfeest van de Amsterdamse Hells Angels, toen die 25 jaar bestonden in 2003, zag hij als barkeeper dat joints werden verkocht 'uit een grote vissenkom'. Verder had hij, anders dan eerder gesuggereerd, niet veel drugshandel gezien.

Hij had daags na het feest van de toenmalige 'president' van de Amsterdamse Hells Angels 'Big Willem' van Boxtel gehoord dat het maar goed was dat de Angels 'anderhalve plak hadden kunnen verkopen', zodat met de opbrengst een deel van de kosten voor het feest kon worden gedekt. Die 'anderhalve plak' had D. geïnterpreteerd als 'anderhalf blok cocaïne'. Maar had hij zo'n plak gezien? Nee. Had Van Boxtel het woord 'cocaïne' in de mond genomen? Nee.

De raadslieden die D. voorhielden dat getuigen hem beschuldigden van betrokkenheid bij het stelen van cocaïne en het geven van een moordopdracht, kregen cynische wedervragen. ''Hebben ze me gezien dan?! Hebben ze dat van mij gehoord?! Laat me niet lachen, ik dacht dat u een grap maakte!''

D. besloot met een Engelse sneer, in stijl: ''They say what they say what they say what they say...''

Daarmee was het verhoor wel klaar. De Hells Angels keken nog eens boos of lacherig naar D. Die keek gemeen terug en de deur van zijn hokje kon dicht.

undefined

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden