PlusColumn

Ontmenselijking bestrijden, zonder om je heen te slaan

Johan FretzBeeld Wolff

Tot voor kort behoorden de momenten vlak na een terreurdaad tot de laatste niet gepolitiseerde momenten van onze tijd. Ideologisch gedreven verwijten werden kortstondig overstemd door rouw en medeleven. Omdat er op zulke momenten een collectief besef indaalde van gedeelde menselijkheid. We beseften dat onze mening onderhevig was aan het gruwelijke leed dat zich had voltrokken. Wat we vonden, zou de pijn niet verzachten, dus hielden we even onze mond.

Meestal begon niet lang daarna alsnog het debat over de oorzaken en gevolgen van de tragedie, en onvermijdelijk volgde dan ook de maatschappelijke schuldvraag. Je zou dat verwerpelijk kunnen noemen, maar het is eigenlijk wel gezond in een democratie. Want er zijn nu eenmaal oorzaken en gevolgen van wrede gebeurtenissen. En er is misschien geen schuldvraag, er is wel een verantwoordelijkheidsvraag: hoe kunnen we als samenleving voorkomen dat zulke wreedheden zich blijven voltrekken, waar hebben wij gefaald en hoe kunnen we ervan leren? Echter, die vragen zijn niet bestemd voor het moment vlak na de tragedie, want daarmee verwordt het menselijk leed tot politiek.

De tijden zijn snel veranderd. Inmiddels blijkt het nog verdomd moeilijk om terreur en geweldsdaden niet direct door een politieke bril te bekijken. Het vraagt om een grote mate van zelfbeheersing en ­willen we die nog wel opbrengen? Nee, lijkt het antwoord. Je zag het gisteren. De terroristische aanslag op twee moskeeën in Christchurch, Nieuw-Zeeland, leidde tot tientallen doden en gewonden. Dit betrof zonder meer extreem-rechts, racistisch geweld van de gruwelijkste soort. Vrijwel meteen na de terreurdaad barstte het debat in alle hevigheid los. Ik worstelde ermee. Het is onmogelijk bij zo'n daad niet te denken aan de normalisering van extreem-rechts, xenofoob gedachtegoed, om geen link te leggen met een wereld waarin de ontmenselijking van de ander steeds meer de norm wordt.

Maar zou het helpen wanneer ik nu met de vinger zou wijzen naar degenen die dat gedachtegoed in mijn ogen normaliseren? Zou het tegengaan van de ontmenselijking erbij gebaat zijn, als ik de schuldvraag zou opwerpen? Waarschijnlijk niet. Tegelijkertijd wilde ik ook niet meegaan in dat lafhartige ­'Blame on both sides'-narratief, dat Trump introduceerde na Charlottesville en dat sindsdien steeds ­vaker verward wordt met nuance en als excuus wordt aangegrepen, om maar geen morele positie in te hoeven nemen. Ook in gevallen als Christchurch, waarbij de motieven glashelder zijn.

Het is die spagaat: hoe kun je het moment vlak na de terreurdaad blijven ontdoen van politiek, in naam van menswaardigheid, zonder die persoon te zijn die zich lafjes afzijdig houdt en de realiteit ontkent? Maar ook: hoe kun je ontmenselijking bestrijden, zonder wild om je heen te slaan en dus zelf bij te dragen aan dat wat je bevecht? Het zijn complexe vragen, waar ik zo gauw geen antwoord op heb. Maar ze alleen al stellen lijkt me zinvol. Erover nadenken in plaats van een grote mond van moreel gelijk opzetten, lijkt me een waardevol vertrekpunt voor collectieve groei. Anders kruipt gif nu eenmaal onder je huid, blijft het er plakken, en probeert het zich vast te bijten in je bloedstroom, om van daaruit zijn weg te vinden naar je hart. Ik wil voorkomen dat het daar aanbelandt.

Johan Fretz is schrijver en theatermaker. Hij heeft een wekelijkse column in de krant.

Reageren? j.fretz@parool.nl

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden