Serie

'Om hier te kunnen blijven, moeten we toch eerst de taal leren'

Mohammeds vrienden kijken met grote ogen naar de foto's van Mohammed in Zweden. Geen spoortje jaloezie. Zij blijven liever in Nederland.

Hanneloes Pen
Shant (l) en Hagop bekijken in Het Parool het verhaal over hun vriend Mohammed in Zweden. Beeld Rink Hof
Shant (l) en Hagop bekijken in Het Parool het verhaal over hun vriend Mohammed in Zweden.Beeld Rink Hof

Shant en Hagop zijn zeer opgetogen. Het gaat heel goed met ze en dat straalt van hen af. De reden? 'We hebben sinds een week Nederlandse les. Dat is zo fijn. Ik wil met Nederlanders kunnen praten. Om hier te kunnen blijven en te werken, moeten we toch eerst de taal leren,' zegt Shant.

De lessen worden elke ochtend in het voormalig kantoorgebouw De Oliphant gegeven. Het is een zeer welkome afwisseling in het wekenlange saaie bestaan van Shant en zijn neef Hagop.

'Goedemorgen, goedemiddag. Dank je wel. Hoe gaat het? Goed? Slecht?' somt Shant op. Hagop begint in het Nederlands tot tien te tellen. Ze glunderen. De enorme verveling van de afgelopen maanden waren ze meer dan zat. Er is bovendien een soort van ritme in hun leven gekomen. Shant: 'Na de taallessen in de ochtend gaan we eten en daarna voetballen op een voetbalveld hier in de buurt.'

Arabische films
Ze slaan de krant open van vorige week en zien de foto's van Mohammed in zijn nieuwe onderkomen in Zweden: foto's bij het meer, in een 'winkel' waar hij gratis kleding mag pakken en van zijn slaapkamer. 'Slaapt hij daar? Wow, dat lijkt wel thuis. Heeft hij ook een tv? Is er een douche in de kamer? En een toilet? Met hoeveel jongens moet hij de kamer delen?'

De jongens verbazen zich over de creditcard die Mohammed kreeg en waar elke maand ongeveer 130 euro op wordt gestort. 'Wij krijgen helemaal niets.' Ze lachen om de foto waarop Mohammed een veel te grote winterjas aantrekt. 'Wij hebben hier ook wel gratis kleding, maar alles is zo oud,' zegt Shant.

Ze kennen wel meer jongens die net als Mohammed vanuit de Amsterdamse opvang naar Zweden zijn vertrokken. Zelf hebben ze er geen spijt van dat ze in Nederland zijn gebleven. 'Het gaat hier beter. Er wonen minder vluchtelingen in ons pand, we hebben genoeg te eten en er is een tv waar Arabische films op worden vertoond. En de douches zijn nu ook overdekt.'

Stilteruimte
Van berichten dat Syrische christenen in Nederlandse opvangkampen zouden worden gediscrimineerd door moslims, hebben ze niets vernomen. 'Wij worden helemaal niet aangevallen. De andere vluchtelingen weten dat we christenen zijn maar het maakt niemand wat uit.' Shant pakt zijn telefoon en laat foto's zien van voetballende jongens uit zijn 'kamp', zoals hij zijn verblijf steevast noemt.

In het gebouw is een speciale stilteruimte ingericht, vertelt hij. Zelf komt hij daar nooit. Shant: 'Wij bidden gewoon voor het slapengaan in onze eigen slaapruimte.' Hagop: 'Ik bid voor mijn familie, vergeving van mijn zonden en mijn toekomst. Vroeger gingen we elke zondag naar de kerk.'

Maar in een Amsterdamse kerk komen ze niet. 'We hebben ernaar gevraagd, maar niemand weet waar er eentje staat,' zegt Shant.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden