Olympische resultaten hangen af van geld

AMSTERDAM - Nederland haalt in Peking vier gouden plakken, zeven zilveren en negen bronzen. Dit voorspellen de economen Gerard Kuper en Elmer Sterken in het economenvakblad ESB.

Al sinds 2002 gebruiken Kuper en Sterken een econometrisch rekenmodel waarmee zij het aantal olympische medailles proberen te voorspellen op grond van de economische kenmerken van de deelnemende landen. Kort samengevat komt het rekenmodel erop neer dat de welvaart van een land bepaalt hoeveel medailles er op de Olympische Spelen te behalen zijn.

De berekeningen van de economen wijzen uit dat China de Verenigde Staten gaat verslaan met 47 tegen 29 gouden medailles. Rusland komt als derde, met 22 keer goud. Nederland komt met twintig medailles pas op plaats achttien in de top dertig van deelnemende staten. Daarmee haalt de Nederlandse delegatie geen plaats bij de top tien, zoals het Nederlands Olympisch Comité zich als doel heeft gesteld.

De uitslag voor de komende spelen legt een probleem bloot voor de Nederlandse topsport. In vroeger jaren gold de regel dat hoe meer een land in zijn sporters investeerde, hoe groter de medailleregen op de Spelen. Volgens de economen wordt zestig procent van de kans een medaille te halen, bepaald door economische factoren. Veertig procent van de kans is beïnvloedbaar en hangt af van de hoeveelheid geld die wordt uitgetrokken voor topsportvoorzieningen in een land.

De Nederlandse medailles worden steeds duurder: in Sydney 2000 kostten ze gemiddeld 2,6 miljoen euro per stuk aan overheidsgeld. In Athene 2004 was dit al vijf miljoen per plak. In de vierjarige aanloop naar de spelen van Sydney stak de Nederlandse overheid in totaal ongeveer 95 miljoen euro in de topsport. Resultaat: 25 medailles. In de cyclus naar de spelen van 2004 investeerde de overheid 150 miljoen euro, wat Athene 22 plakken opleverde. Meer geld betekent dus niet automatisch meer succes, vooral omdat andere landen nóg meer investeren in hun topsport.

De ESB-economen bouwden hun economische voorspellingsmodel voor medailles rond een aantal basiscijfers. Zo heeft de bevolkingsomvang van een land een voorspellende waarde voor het aantal medailles. Ook het inkomen per hoofd van de bevolking is van invloed, evenals het aantal takken van sport waarmee een land op de Spelen verschijnt.

Tenslotte houdt het model ook nog rekening met de effecten van het thuisvoordeel. Hierover schrijven de economen: "Men kan meer atleten sturen, maar ook kan men profiteren van een grotere supportersschare en eventueel voordeel van scheidsrechters." In de voorspelling winnen 78 van de ruim tweehonderd deelnemende landen medailles.

De voorspellers hebben ook eens bekeken hoe goed zij en andere voorspellers het eigenlijk deden bij de vorige Spelen van 2004 in Athene. Conclusie: "Voorspellingen op basis van modellen zijn inferieur gebleken." De beste voorspellingen kwamen van de Amerikaanse kranten USA Today en Sports Illustrated. Zij hanteerden geen ingewikkeld rekenmodel, maar vroegen gewoon experts naar hun mening. (HET PAROOL)

Volgens berekeningen van economen zal Nederland twintig medailles behalen tijdens de komende spelen. Foto ANP Beeld
Volgens berekeningen van economen zal Nederland twintig medailles behalen tijdens de komende spelen. Foto ANP
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden