Plus Klapstoel

Oda Spelbos: 'Er is iets in me wat om aandacht schreeuwt, kennelijk'

Oda Spelbos (1964) is actrice. Ze is bij het grote publiek bekend van haar rol als politieagent Marion in de televisieserie Flikken Maastricht. Op 4 mei speelt ze na de dodenherdenking de toneelmonoloog Aan de Grond.

'Ik riep vroeger weleens dat ik zou weglopen. Mijn vader zei dan: dat is goed, als je maar op de stoep blijft' Beeld Harmen de Jong

Utrecht

"Daar geboren, maar opgegroeid in Zeist. Ik ben een tweeling, ik heb een tweelingzusje. Ik was drie pond bij mijn geboorte, zij twee. Ze paste in het broodmandje, zei mijn moeder altijd."

"We hebben lang in de couveuse gelegen. Toen kwam er nóg een tweeling, een jongetje en een meisje, die ook lang in het ziekenhuis moesten blijven. Vanwege de zwakke longen van mijn broer konden we niet in de Utrechtse boven­woning blijven, dus zijn we naar Zeist verhuisd, naar zo'n echte gezinswijk, waar ik tot mijn achttiende heb gewoond."

Toneel

"Mijn vader was meubelverkoper en deed aan amateurtoneel. Toen ik een keer mee mocht - ik was 8 jaar en ze speelden Het flauwgevallen paard van Françoise Sagan, een blijspel - dacht ik: dat zou ik ook wel willen."

"Ik was een heel introvert kind, heel verlegen. Maar op het toneel sta je over het algemeen niet als je zelf. Wat er in je zit aan extravertheid komt eruit als je iemand anders speelt. Straks komt de fotograaf voor de foto bij dit interview. Niemand, geen acteur die ik ken, vindt het fijn om als zichzelf op de foto te gaan. Al zijn we toch ook wel aandachtsjunks. Er is iets in me wat om aandacht schreeuwt, kennelijk."

Tweelingzus

"Die is iets heel hoogs in de make-up, bij Paris XL. Ze is totaal anders dan ik. We zijn twee-eiig, de andere tweeling ook. Ze is volgens mij nooit verlegen. Als je ons vroeger naast elkaar had gezet en je zou moeten aanwijzen: die gaat toneel spelen en die niet, dan was ik het niet. Maar het werk brengt ook met zich mee dat je je erdoor heen weet te bluffen, anders kom je tot niks."

"Als je kijkt naar welk deel ik van mijn ouders heb: de buitenkant van mijn vader, zo van 'we doen het allemaal wel even'. En de binnenkant mijn moeder, een beetje pieperig."

Amsterdam

"De toneelschool, dat wilde mijn vader heel graag, dat was een beetje zíjn droom. Om hem te pesten zei ik weleens dat ik rechten ging studeren. Televisie, daar vond hij niet zo veel aan, maar als ik op het toneel stond, vond hij dat altijd fantastisch. Al was hij niet overmatig complimenteus. Maar hij was wel heel trots."

"Met mijn beste vriendin woonde ik op de Overtoom. Maar de Toneelschool was zo tijdrovend, die nam me zo in beslag, dat ik in het eerste jaar ­alleen de weg naar de toneelschool wist, op ­Keizersgracht 480, en naar café De Doffer. Ik heb heel lang niet geweten waar de Dam was."

Berend Boudewijn

"Het eerste wat ik op de televisie deed was Glad ijs, een improvisatieprogramma dat hij presenteerde. Een leuke man. Nog steeds, als ik hem voorbij zie schuiven. In die tijd had mijn vader hartaanvallen en daardoor kreeg ik paniek­aanvallen. Niet de ideale combinatie met improvisatie."

"Het was een chaotische tijd, de ­paniekaanvallen kwamen en gingen en ik heb gemengde gevoelens als ik eraan terugdenk. Maar als je de beelden van toen terugkijkt, zie je er niks van. Raar als je weet wat er ondertussen allemaal in dat hoofd omgaat. Mijn vader is vroeg overleden, ik was 31. Mijn moeder leeft nog, ze woont in Driebergen."

Marion

"Já! Ik had bij mijn leven niet gedacht dat ik ooit een politieagent zou spelen en dat is wat ik nu al het langste doe. Ik draag normaal bijna altijd een jurk. Ik liep laatst op straat, jurk dus, tas vol boodschappen, toen een auto door rood reed. 'Marion!' riepen een paar meisjes op straat, 'dóe iets!' Het is een rol die heel dierbaar is geworden. Er is steeds meer van Oda in gekomen."

"Ik heb een keer vastgezeten in een toneelgezelschap, dat was toen niets voor mij. Ik hield meer van zwerven. Maar dat is door Flikken wel veranderd. Eén keer per jaar vier maanden weer iets maken met mensen die je al kent, en dat elf jaar lang. Dat voelt als familie, dat is toch heel leuk. Het heeft ook een soort bekendheid gebracht die voor mijn toneelwerk belangrijk is, omdat alles tegenwoordig draait om BN'erschap. Wat natuurlijk debiel is."

"Ik vergeet soms, omdat het zo'n klein deel is van mijn leven, dat er zo veel mensen naar kijken. Dat BN'erschap van mij is ook wel weer een beetje lullig, hoor. Het zijn geen Brad Pittachtige toestanden."

Carly Wijs

"Mijn hartsvriendin, al meer dan 30 jaar. Sinds we samen in een film over Vincent en Theo van Gogh van Robert Altman zaten, allebei een heel klein rolletje. We zijn heel verschillend, zij met haar mooie bruine haar en bruine ogen en ik rossig, en ook verder zijn we tegenpolen. Ze schrijft, ze speelt, ze geeft les, ze duikt telkens op verschillende plekken op en is heel veelzijdig en voortvarend. Ik vind haar fantastisch."

Boeken

"Ik lees heel, heel veel. Ik had als kind al dat ik altijd in mijn boek zat. Je leert zo veel. Door veel te lezen word je verbaal beter, je kunt je in andere werelden verplaatsen. Ik denk dat je van lezen een beter mens wordt, je verlegt je horizon. Ik kan ook net zo veel genieten van een goede zin als van een goed bord eten."

"En lezen biedt tegenwicht aan mijn extraverte bestaan. Op de set is het vaak superdruk, er is veel herrie en ik ben dan supersociaal. Dan is lezen een manier om tot rust te komen. Voor anderen is dat misschien Netflix, maar dat vind ik meer een verdoving. Ik hou ervan als je over iets na moet denken, van die intellectuele prikkel. Mijn hang-up is dat ik me moet blijven ontwikkelen en me niet wil vervelen in het leven."

Marina Tsvetajeva

"Drie jaar geleden heb ik een voorstelling over haar gemaakt. Ik vind haar gedichten zo goed, zo persoonlijk. Per toeval had ik een bundel gevonden met een gedicht van haar dat me trof."

"Ik ging over haar leven lezen, over de Russische Revolutie. Ze was een vrijgevochten vrouw die als vluchteling van Rusland naar Frankrijk trok. Een vrouw van grote verliefdheden, een heel intens iemand met een grote drift om te schrijven. Dat herken ik bij toneelspelen, dat willen máken, scheppen."

"Passie is een uitgelubberd woord, maar dat is het wel. Een drang om te spelen, iets uit te zoeken, je gedachten en talent te ontwikkelen. Stilstand vind ik per definitie achteruitgang. En die vrouw, daar zit nul stilstand in. Ik ben al 24 jaar met dezelfde man, het is niet zo dat ik alle uithoeken van de wereld heb gezien. Maar toch herken ik iets in haar."

Ruud de Jong

"Ja, dat is mijn man. Sinds mijn 28ste dus, al ging dat helemaal niet zonder slag of stoot. Ik zei laatst tegen hem: 'Ik denk dat jij de enige bent die mij zou redden.' Ik heb veel vertrouwen in hem, kennelijk. Als hij zou weten dat we het nu over hem hebben, zou hij zeggen: hou je mond."

"Hij is mijn rots in de branding, al laat hij me wel alleen op de rode loper. In de toneelwereld vindt hij een aantal mensen leuk en aardig, maar van premières heeft hij zich gedistantieerd. Hij is fotograaf en artistiek manager van de Fotoacademie. We hebben een zoon samen, Thomas, van 21. We hebben het leuk."

Hartstocht

"Een stuk dat ik heb gedaan van Koos Terpstra, doel je daarop? O. Ik weet niet of je me zou kunnen omschrijven als een hartstochtelijk type, maar ik ben het wel geworden, door roeien en ruiten. Vurig, ik denk dat je dat wel kunt zeggen. Ik zou mezelf geen thrillseeker willen noemen, maar als iets saai wordt, denk ik wel dat ik wat avontuur voor mezelf organiseer. Maar niet te veel, anders ga ik weer hyperventileren."

"Ik moet nu denken aan mijn vader. Ik riep vroeger weleens dat ik zou weglopen. Dan zei hij: 'Dat is goed, als je maar op de stoep blijft.' Tussen die uitersten blijft het. Laten we het zo zeggen: ik heb een grote dosis gezond verstand. Ik weet: tot hier en niet verder, anders richt het zich tegen mij."

Anne Frank

"Ik ga vanaf oktober haar moeder spelen, vorige week hebben we de eerste lezing gehad. Een ­depressieve figuur, voor mij geen kat in het bakkie. Toen ik werd gevraagd, dacht ik, al durf ik het bijna niet te zeggen: Anne Frank is zo'n uitgekauwd thema. Maar er was de belofte dat het niet - met alle respect - zo conventioneel zou worden als die voorstelling in Theater Amsterdam, het was bijna of die alleen voor toeristen was gemaakt."

"Er is een soort overdreven respect ontstaan voor de figuur die ze in onze ogen is geworden. Maar regisseur Johan van Doesburg is echt van zins het een andere kleur te geven. De benadering is vanuit de groep mensen die tot elkaar is veroordeeld. Ilja Leonard Pfeijffer heeft de tekst geschreven. Hij is verbaal zo sterk, hij laat die mensen de verschrikkelijkste dingen tegen elkaar zeggen onder een saus van beschaving. Heel spannend."

Aan de grond

"Een heel mooi stuk over een vrouwelijke piloot die onverwacht zwanger raakt, haar kind krijgt en terugkeert naar haar werk, maar dan als drone­piloot."

"Ik heb gelezen dat je als vliegenier niet zozeer man bent of vrouw, maar vliegenier. Dat is wie je bent, die lucht en die vrijheid trekken zo sterk. Maar als dronepiloot belandt ze in een container in de woestijn, waar ze 12 uur lang achter een scherm in een gesimuleerd vliegtuig zit. Dat voelt als een degradatie. Het is ook iets heel anders, een digitale oorlog waarin je niet terugkeert op basis en met elkaar stoom afblaast, maar de auto pakt en weer naar huis rijdt. Die twee werelden beginnen voor haar door elkaar heen te schuiven."

"Geldt voor mij nu ook wel een beetje. Ik doe deze weken ook Flikken, dus het moet allemaal tussendoor. Vier repetities, 45 pagina's tekst in je eentje. Het is een dubbeltje op z'n kant of ik het haal. Maar dat is dan ook weer het leuke: net iets boven je macht grijpen. En ach, de Roode Bioscoop, iets van 70 plaatsen, er komen vast veel vrienden. Is het niks, dan springen we in de witte wijn en dan hebben we het ook leuk."

Linda Duits
"Ik ga haar direct googelen."

Oda Spelbos, Aan de Grond. De Roode bioscoop, 4 mei, 21.00 uur

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool.nl.