Noord is ijsvogelhoofdstad van Nederland geworden

In 2013 telde Noord slechts één broedpaar ijsvogels. Door de ijsvogelwerkdag is het misschien wel mooiste vogeltje van de stad bezig aan een opmars.

IJsvogelwerkdag in Noord, op de foto Fred HaaijenBeeld Het Parool/Mats van Soolingen

Herrijzen uit de as. We kennen het van de feniks, maar ook de ijsvogel lijkt het te kunnen. Tien jaar geleden streek hij neer in Noord, tot een reeks strenge winters bijna een einde maakte aan de aanwezigheid van het felgekleurde vogeltje, dat ironisch genoeg niets van ijs moet hebben en het best gedijt in warme oorden. In 2013 broedde er slechts één paartje, maar breidde het aantal ijsvogels zich weer uit: in 2015 zijn zestien broedparen geteld.

De jaarlijkse ijsvogelwerkdag leverde een niet te onderschatten bijdrage aan de terugkeer van de ijsvogel. Ook dit jaar zetten ruim dertig vrijwilligers zich in door goede broedplaatsen te creëren in Noord.

'Een ijsvogel moet broeden in een steile wand langs het water', zegt stadsecoloog Fred Haaijen (58), die de vrijwilligers instrueert. 'Dat doet hij omdat daar geen vossen of wezels bij kunnen. Vorig jaar viel ergens een vijvertje droog. Dan heeft de vogel het moeilijk: die broedplaatsen werden uitgegraven door een vos, die de jongen opat.' De vrijwilligers trekken waterdichte pakken aan waarmee ze naar de oever kunnen waden. Daar steken ze met hun schep de oever af, waarmee ze niet alleen een steile wand maken, maar meteen ook braamstruiken verwijderen die de ingang van de broedplaats versperren. De vrijwilligers steken ook takken in het water waarop de ijsvogel kan landen en visjes dood kan slaan alvorens zijn nest in te gaan.

Portefeuillehouder Erna Berends (36) staat namens bestuurscommissie stadsdeel Noord tot haar middel in het water. 'Een ijsvogel spotten is voor mensen echt een geluksmoment. Geweldig dat hij door dit initiatief weer terug is in de stad. Wij als Noorderlingen zijn daar trots op, het is toch een beetje onze vogel.'

Door de milde winter ziet ook de toekomst van het vogeltje er rooskleurig uit. 'Mijn inschatting is dat we met honderd ijsvogels de winter door zijn gekomen', zegt Haaijen. 'Vroeger gingen mensen naar Limburg om de ijsvogel te zien. Nu heb je een grotere kans hem hier in Noord over het water te zien scheren.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden