Column

Niet alles van het kolonialisme was fout

Theodor Holman Beeld Wolff

Tussen mijn ­vader en mij stond een muur van onzichtbaar prikkeldraad, maar naarmate ik ouder word, verdwijnt die door een beter begrip.

Hij en ik hadden altijd ruzie.

Bijvoorbeeld over het kolonialisme. Hij, oud-assistent-­resident, zelf Indo, heerser over een gebied 'groter dan Nederland' zoals hij zelf zei, was een koloniaal in hart en nieren. Hij wilde daar 'iets grootsch' verrichten. Kolonialisme betekende voor hem onze waarden en normen opleggen aan de 'inlanders'. Dat was de snelste manier om het land te ontwikkelen.

Tevens zag mijn vader - die zijn Couperus en Multatuli kende - dat er een niet te overbruggen verschil was tussen het Oosten en het Westen.

"Jullie zijn uitzuigers. Jullie vinden Indië alleen maar een wingewest," zei ik.

Hij ontkende dat en sprak over de schitterende ontwikkelingen die 'wij' daar tot stand hadden gebracht.

Maar mijn vader zag ook wel dat de woorden van de dichter Kipling waar waren: 'East is East and West is West and ­never the twain shall meet'. Het verschil tussen de Nederlanders en Indiërs was te groot.

Het cultuurverschil kon onmogelijk worden overbrugd, omdat ieder trots was op zijn eigen cultuur en neerkeek op de andere. En bij botsingen van cultuur wint de sterkste, de meerderheid. De minderheid rest dan niets anders dan revolutie, strijd, oorlog.

Ik denk tegenwoordig steeds vaker dat mijn vader het goed zag. Niet alles van het kolonialisme was fout.

J.P. Coen was ongetwijfeld een schurk, maar streep dat nou eens af tegen zijn goede daden. Als ik zijn standbeeld zie, denk ik: hij heeft precies het oerlelijke beeld gekregen dat hij verdient.

Kijk eens naar Indonesië nadat Nederland vertrokken was. Hoeveel slachtoffers zijn er niet gemaakt? Na 1965, in korte tijd, meer dan een miljoen!

Kolonialisme heeft tal van walgelijke trekken waarvoor ik niet blind ben. Maar toch bestonden er bestuursambtenaren die zeer goedwillend ­waren en die Indië wilden vervolmaken tot een groter paradijs dan het vermoedelijk al was.

Het kon en mocht niet.

Die geschiedenis maakt me somber als ik bedenk dat er hier mensen komen met verschillende culturen die zich niet willen aanpassen om de begrijpelijke reden dat zij hun geloof, hun waarden en hun normen beter vinden dan de onze.

Dat leidt onherroepelijk tot revolutie, strijd, oorlog, mensenlevens.

Aan de goede kant staan, is dan een kwestie van geluk, mode, milieu en moment.

Theodor Holman (1953) is columnist, schrijver, televisie- en radiomaker. Elke dag, uitgezonderd zondag, lees je hier zijn column. Lees al zijn columns terug in het archief.

Reageren? t.holman@parool.nl

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden