Niet alleen mooi, maar een 'sensatie': kist van 7 miljoen is weer thuis

Niet alleen mooi, maar een 'sensatie', zo omschrijft directeur collecties Taco Dibbits van het Rijksmuseum de bijzondere en uiterst kostbare lakkist die sinds gisteren is te zien op zaal in het museum.

Zeventiende-eeuwse Japanse lakkist staat nu te pronken in het Rijksmuseum. Beeld Rijksmuseum
Zeventiende-eeuwse Japanse lakkist staat nu te pronken in het Rijksmuseum.Beeld Rijksmuseum

De kist, in juni gekocht voor ruim 7 miljoen, is opvallend groot, bijna 1,5 meter lang, 73 centimeter diep en ruim 60 centimeter hoog. Midden in zaal 2.9, één van de zeventiende-eeuwse zalen, staat de rijkversierde koffer in een vitrine. Twee vrouwen kijken verbaasd terwijl een groepje conservatoren, journalisten en Franse veilingmeesters om de glazen kist staan. 'Ik denk dat dit heel mooi moet zijn,' zegt één van hen.

Goudpoeder
De koffer uit 1640 is gemaakt met de Japanse makietechniek: verschillende soorten goudpoeder, variërend in fijnheid, zijn uitgestrooid in natte lak. Douwdruppels zijn uitgewerkt in ingelegd zilver, bloemen versierd met parelmoer. De voorkant toont het hoofdstuk De herfststorm, uit het elfde-eeuwse Verhaal van Prins Genji, een van de eerste romans ter wereld. Directeur collecties Dibbits raadt aan: 'Druk vooral uw neus tegen de vitrine, de details van de kist zijn verbluffend.'

Tussen kunst & kitsch-verhaal
De vondst van de lakkist is een ongelofelijk Tussen kunst & kitsch-verhaal. Japans lakwerk was in de zeventiende eeuw uiterst kostbaar en gewild. Nederland was lange tijd de enige Europese handelspartner van Japan en in 1643 bracht de VOC vier grote lakkisten en acht kleinere kistjes naar Nederland. In 1658 liet de Franse kardinaal Mazarin, de puissant rijke eerste minister van Lodewijk XIV en kunstverzamelaar, twee kisten naar Parijs komen.

De kleinere versie staat al decennia in het Victoria & Albert Museum in Londen, maar de grote werd jarenlang verloren gewaand, voor het laatst gezien voor de Tweede Wereldoorlog. Deskundigen zochten vijftig jaar lang naar de grote kist. Totdat Philippe Rouillac, eigenaar van een veilinghuis in het Loiredal, op de kist stuitte bij een klant.

Ontboden om een oude Hollandse klok te taxeren, die niet zo veel waard bleek, bleef Rouillac uit beleefdheid nog even hangen voor een drankje. Een doek werd van de huisbar getrokken en daar verscheen de Kist.

Drankkabinet
In juni hield Rouillac in het kleine Franse plaatsje Cheverny een veiling. Nog nooit was er zo veel belangstelling. Singapore, Qatar, New York, Los Angeles en Japan hingen aan de lijn, maar het was uiteindelijk het Rijksmuseum dat 7.311.000 euro betaalde, inclusief 25 procent opgeld, en de koffer na 355 jaar weer naar Nederland haalde.

De voormalige eigenaren, een Franse vrouw van in de vijftig en haar broer, wisten dat de kist door hun vader voor een prikkie was gekocht in Londen in de jaren zeventig. De koffer, die nu miljoenen waard bleek, werd in huis eerst als televisiemeubel en vervolgens als drankkabinet gebruikt.

Anoniem
De dame in kwestie wil anoniem blijven, maar is te gast bij de presentatie van de lakkist en zegt verheugd te zijn dat het monumentale stuk weer in Nederland is. Ze moet het nog verwerken dat de familie plotseling bijna zes miljoen euro rijker is. 'We wisten niet wat wij er mee moesten toen we eenmaal begrepen hoe bijzonder de kist was. Ik ben heel blij dat het nu in het Rijksmuseum staat. Mijn moeder is Nederlands, de kist had niet beter terecht kunnen komen.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden