Nederland doet niet mee in de Tour

Laurens ten Dam deelt 18 juli handtekeningen uit, voor aanvang van de veertiende etappe. Foto ANP

PARIJS - Bondscoach Leo van Vliet deed tijdens de tweede week van de Tour de France een poging om de Nederlandse renners wakker te schudden. Van Vliet luidde de alarmbel omdat Oranje zijn plek bij de beste tien landen op de UCI-ranglijst dreigt te verliezen. In het slechtste geval mag Nederland op het komende WK in Mendrisio slechts zes renners opstellen in plaats van de gebruikelijke negen.

De noodkreet van de bondscoach heeft amper effect gesorteerd. Ook in de voorbije Tour werd op een pijnlijke manier aangetoond dat Nederland niet meetelt in het rondewerk. Beste landgenoot in het eindklassement was Laurens ten Dam op de 60ste plek. De Raborenner deed 1 uur en 34 minuten langer over de Tour dan winnaar Alberto Contador. Een troost misschien: het kan nóg slechter. In de Tour van 2004 finishte Michael Boogerd als beste Nederlander op de 74ste plek.

Een etappezege was al evenmin weggelegd voor de Nederlandse enclave, die de Tour nu al voor de vierde opeenvolgende keer met lege handen verlaat. De laatste Nederlandse ritoverwinning van Pieter Weening dateert al van 2005.

Wellicht dat Robert Gesink de schrijnende statistieken enigszins had kunnen verbloemen. Door het vroegtijdige uitvallen van de Raborenner was de Tour voor Nederland al afgelopen voordat hij goed en wel begonnen was. De leemte die Gesink achterliet en de machteloosheid van de overige Raborenners werd door Tourdebutant Skil-Shimano aangegrepen om zich voor het oog van de internationale wereld in de gunst te rijden. Niet wielerinstituut Rabobank, maar het ongecompliceerde Skil-Shimano veroverde de sympathie van het Nederlandse volk dat ook dit jaar weer massaal langs de Franse wegen stond.

De populairste Nederlandse renner in de voorbije Tour was ongetwijfeld Kenny van Hummel. Zijn eenzame gevecht tegen de tijdslimiet in de bergetappes was het aardigste dat het Nederlandse wielrennen in de voorbije Tour te bieden had. Hoe vermakelijk ook, de media-aandacht die Van Hummel opeiste voordat hij op weg naar Le Grand Bornand ten val kwam, zegt veel over de povere status van het Nederlandse wielrennen.

Hoop op beterschap is er nauwelijks. Ook volgend jaar zullen alle ogen gericht zijn op Robert Gesink. Alleen de Achterhoeker lijkt in staat om het Nederlandse wielrennen in de grote rondes naar een hoger niveau te tillen. Het is een constatering die niet alleen bondscoach Leo van Vliet, maar ook Rabobank zorgen moeten baren. Dertien jaar lang investeert de bankploeg al in de opleiding van Nederlands wielertalent. Het blijkt nog altijd niet voldoende om renners af te leveren die een rol van betekenis kunnen spelen in de belangrijkste wielerwedstrijd te wereld. Van de veelvuldig geprezen generatie jonge talenten heeft tot nu toe alleen Robert Gesink (in de Vuelta van 2008) aangetoond drie weken lang op hoog niveau te kunnen presteren.

Het zijn kwaliteiten die ook werden toegedicht aan Thomas Dekker. Een paar jaar geleden nog de hemel in geprezen als de nieuwe kroonprins van het Nederlandse wielrennen, bevindt de carrière van Dekker zich meer dan ooit op een dood spoor. Enkele dagen voor de Tourstart in Monaco werd Dekker vanwege een positieve dopingcontrole op non-actief gezet door zijn ploeg Silence-Lotto. Het bleek voor Nederland de voorbode van een Tour om zo snel mogelijk te vergeten. (PATRICK DELAIT)

Beste landgenoot in het eindklassement was Laurens ten Dam (foto) op de 60ste plek. De Raborenner deed 1 uur en 34 minuten langer over de Tour dan winnaar Alberto Contador. Foto EPA
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden