Plus

Naomi van As: 'Bami racistisch? Doe effe normaal'

Ze stopte een jaar geleden met hockey. Naomi van As (34) over het vroegpensioen, altijd willen winnen en haar vriend Sven Kramer. 'Wat moet ik straks zeggen? Jij gaat niet trainen, want de baby moet eten?'

'Wat moet ik straks zeggen? Jij gaat niet trainen, want de baby moet eten?' Beeld Marie Wanders

Voor de liefhebber van hallucinante lijstjes: Naomi van As won twee keer goud en een keer zilver op de Olympische Spelen, twee keer goud en een keer zilver op het WK hockey, drie keer goud en twee keer zilver op het EK hockey, drie keer goud, twee keer zilver en vijf keer brons op de Champions Trophy.

Ze werd twee keer door Fédération Internationale de Hockey (FIH) uitgeroepen tot beste speelster van de wereld. De enige overwinning die ze in al die jaren niet mocht proeven, was het kampioenschap van Nederland.

Lang en rank. Altijd nog even dat balletje wegprikken. Voorop in de strijd en buiten het veld de clown uithangen. Flauwe grappen, gek doen. Heel veel lachen.

"Toen ik klein was, wilde ik ijscovrouw worden," zegt ze. "Daarna wist ik het eigenlijk niet meer. Ik ben opgegroeid in Den Haag, in Benoordenhout. Twee-onder-een-kap, zeg maar. Niet groot, maar ik kwam niets tekort. Een prettige buurt met veel kinderen. Lekker op vakantie. Ik heb me altijd veilig gevoeld, ik vond het fijn om naar huis te gaan. Dat heeft lang niet iedereen, dat realiseer ik me heel goed."

Twee jaar geleden stopte Van As als international, een jaar geleden bij haar hockeyclub Laren. Ze maakte televisieprogramma's: Zappsport bij Avro/Tros en, met voormalige teamgenoot Ellen Hoog, 24 uur mandekking bij SBS6. Ondertussen schreef ze een boek voor kinderen: Hockey met Naomi, vol weetjes over de sport en haar carrière.

"Ik kreeg zo veel vragen," zegt ze. "Kun je me helpen bij mijn spreekbeurt, hoe ben je bij het Nederlands elftal gekomen, wie is je beste vriendin, wat is je favoriete positie en heb je nog goede tips? Ik dacht: hoppakee, alles in één boek."

Hockey moet leuk zijn, vindt ze. Chill. Niets moet. "Dan vragen die kinderen: heb jij altijd bij de selectie gezeten? Ik moet voorspelen en ik ben zenuwachtig. Zo zielig. Ze zijn pas tien. Het zijn meestal de ouders die er druk op zetten." Zelf was ze al twintig toen ze bij het Nederlands team kwam.

Binnenkort is haar huis bij Ouderkerk aan de Amstel klaar, nu nog woont ze met haar vriend Sven Kramer, de olympisch schaatser, in Zuid. Een stadskind op zoek naar ruimte.

Leuk: kinderen die haar stiekem achtervolgen in Albert Heijn en dan na eindeloos dralen toch nog een vraag durven stellen.

Minder leuk: als ze met Kramer in Friesland een terras op loopt en iedereen verdraait tegelijk zijn nek. "Dat je denkt: het hoort erbij en kijken mag, maar kun je dat ook even subtiel doen."

U heeft vrij snel met de wereld gedeeld dat u zwanger bent.
"Ik kon het niet meer tegenhouden. Het stond op de voorkant van Story."

Het Bekende Nederlanderschap heeft zo zijn nadelen.
"Nou, dat ik in Story sta boeit me niet, dat lees ik toch niet. Maar de mensen hebben altijd een mening over je. Bij alles wat je doet. Ongegeneerd."

Volgt u het WK voetbal nog een beetje?
"Het staat op terwijl ik andere dingen doe."

Bent u niet jaloers?
"Waarom zou ik?"

Al die aandacht.
"O, op die manier. Nou, nee. Voetbal zal altijd groter zijn dan hockey, dus waarom zou ik jaloers zijn? Ik heb supermooie ­dingen meegemaakt, in volle stadions gespeeld. Ik heb twaalf jaar in het Nederlands team gespeeld. Het zou wel heel treurig zijn als ik dan nog jaloers ben."

Snapt u als voormalig topsporter beter hoe het is om een penalty te missen?
"Iedereen kan zich dat toch wel inbeelden? Gewoon: wat een kutzooi."

Wat heb je als sporter nodig op zo'n moment?
"Dat is per persoon anders. Als ik miste, hoefde er niet iemand naar me toe te komen om me over mijn rug te aaien."

In 2012 heeft u deelgenomen aan een berucht trainingskamp in Alicante.
"Moet je ook een keer doen. Verschrikkelijk. Het was in januari, voor de Spelen in Londen. We zouden vast gaan kijken hoe het olympisch park erbij lag. We hoefden onze sportkleding niet mee te nemen. Op Schiphol zei Max Caldas, de coach: jullie hebben vijf minuten om het nummer van de fysiotherapeut door te geven aan het thuisfront voor noodgevallen en daarna gaan alle telefoons in deze vuilniszak. We gingen ook niet naar Londen."

"Het was echt zóóó erg. Als vrouw - ik weet niet of mannen dat ook hebben - wil je weten waar je aan toe bent. Dat heb ik in elk geval. Ik wil controle hebben, een schemaatje: dan dit en dan dat. Nu wisten we niet eens waar we heen gingen. We kwamen terecht in Alicante, in een militair kamp."

Eten van de grond.
"En slapen op de grond. Het was min zeven 's nacht. Min ze-ven! We moesten werken voor tenten, werken voor slaapzakken, werken voor matjes. We moesten met heel zware zakken water de berg op rennen. Kreeg je boven te horen dat het nog een keer moest, omdat het niet binnen de tijd was, terwijl het dat wel was. Ja, hoe dan!? Rot op! Dit kán écht niet! Zo leerden we met onrecht om te gaan, want op het veld heb je dat ook als de scheidsrechter een verkeerde beslissing neemt."

Waren er afvallers?
"Een aantal meiden had er echt moeite mee. Van mij dachten ze ook dat ik het niet zou kunnen, maar ik liep gewoon vooraan."

Waarom dachten ze dat?
"Weet ik niet. Omdat ik altijd lekker mijn nageltjes lak. Maar ik was echt een beest daar. Ik dacht: ik ga me toch niet laten kennen, hier. Doei."

Beeld Marie Wanders

Waarom laten twintig volwassen vrouwen zich dit welgevallen?
"Omdat je weet: het is ergens goed voor. Zoiets werkt ook maar één keer."

Maar die totale overgave aan een coach?
"Vrouwen zijn heel volgzaam."

Dat klinkt best eng.
"Waarom? Dat is wel lekker voor een coach. Maar hé, we hebben ook een eigen mening en in het veld moet je natuurlijk wel zelf nadenken. We zijn geen robots. Uiteraard konden we als vrouwen ook lekker zeiken."

Werd er veel gepraat?
"In de aanloop naar belangrijke toernooien trainden we twee keer twee uur per dag en dan hadden we vaak nog een urenlange praatsessie."

Om elkaar eens flink de waarheid te vertellen?
"Hebben we ook gedaan: kritiek geven op elkaar. Moest je midden in de groep gaan staan. Best pittig."

Dat lijkt me het recept om een team kapot te maken.
"Soms had je wel even tijd nodig om dingen te verwerken, maar meestal dacht ik: o, oké, doe ik dat? Ik ben bijvoorbeeld heel direct: 'stel je niet aan, lekker boeiend, hup doorgaan'. Dat kan iemand anders best vervelend vinden."

"We deden ook sessies met insights. Dan moet je een test maken en rolt er een profiel uit met kleuren. Als je bijvoorbeeld geel bent, ben je extravert. Dan praat je veel, ben je druk en kun je minder goed luisteren. Dan doe je de dingen zonder erbij na te denken."

Laat me raden: u was geel?
"Met als tweede kleur rood: altijd willen winnen. Dat kan dan weer omslaan in agressie. Pas daarna kwam bij mij groen: lief en sociaal, je bekommeren om anderen in het team, met het gevaar dat je jezelf vergeet. De blauwen zijn heel gestructureerd, de denkers van het team."

Wat gebeurt er als je een heel team van gelen hebt?
"Dan krijg je chaos. We hebben een keer een opdracht gedaan met de gelen aan één kant en de rest aan de andere kant. Daar was het stil, bij ons liep iedereen te schreeuwen. Zelfs ik trok dat niet."

Kunt u tegen kritiek?
"Ik vond het vroeger irritant, maar ik heb er mee leren omgaan. Je wordt er beter van."

Ik begreep dat u nog liever oneerlijk wint dan verliest.
"Ik was zelfs voor trainingspartijtjes zenuwachtig. Ook die moest ik winnen."

Dat lijkt mij dodelijk vermoeiend.
"Heel vermoeiend. Ik zat gisteren in de auto met Kim Lammers, met wie ik bij Laren heb gehockeyd. Ik zei: Sjaan - zo noemen wij elkaar - doe jij ook wedstrijdjes op de weg? Gewoon: dat je geen zin hebt dat iemand je inhaalt? Heeft zij dus ook. Wij lijken op elkaar. Heel fanatiek."

"Op de training hadden we ook gewoon ruzie. Dan keken de teamgenoten: o, mijn god, o, o, o. Die werden er ongemakkelijk van. Maar wij losten het op als mannen. Die schelden elkaar uit en dan is het: hé gast, biertje?"

Vond u het moeilijk om te stoppen?
"Nee."

Geen zwart gat?
"Nog niet gezien. Ik denk ook niet dat het nog komt."

Het moet voelen als vroegpensioen.
"Dat is raar, ja. Bijna 35 en al een hele carrière achter de rug."

Heeft u begeleiding gehad?
"Onze arts heeft een keer gezegd: als je erover wilt praten, kan dat. Maar die behoefte had ik niet. Nu wordt niet meer aan me gevraagd hoe het met me gaat en of ze me nog ergens mee kunnen helpen."

Ik kan me zo voorstellen dat uw vriend, Sven Kramer, meer problemen gaat krijgen als hij stopt met topsport.
"Ik denk het niet, maar daar ben ik optimistischer over dan hij. Hij is zo'n zakentypje, daar kan hij makkelijk in door. Wat de mensen bij hem vergeten: hij steekt zijn nek uit, ook voor anderen."

Wat ziet u in hem?
"Hij heeft leuke ogen en een boevenkop. Maar ik vind het vooral leuk dat hij zo gedreven is. Een doel hebben en resultaten halen, dat vind ik aantrekkelijk. Het maakt me dan helemaal niet zoveel uit of dat in de sport is, in zaken of in de kunst."

Lijken jullie op elkaar?
"We zijn koppig."

Ruzie?
"Ja, ruzie. Tuurlijk."

Schreeuwen?
"Hard praten, haha. Dat hoort er toch een beetje bij. Ik geloof niet dat zoiets kan: nooit ruzie hebben in een relatie. We verschillen ook. Ik ben een echte rasoptimist en hij niet. Hij houdt heel erg van structuur, terwijl ik wel zie wat ik ga doen."

Beeld Marie Wanders

Welke kleur?
"Rood en dan blauw en groen. Tenminste, dat denk ik. Mensen geloven vaak dat hij alleen aan zichzelf denkt, maar hij is heel zorgzaam."

Zelf zegt hij...
"Je moet egoïstisch zijn. Dat moet. Anders red je het niet in de topsport."

Hij is van de school: rusten is ook werk.
"Dat heb ik van hem geleerd. Dat is dan jammer voor andere mensen, voor je familie en je vrienden. Die zie je dan minder."

Dat stoot mensen ook af.
"Ik heb daar niets van gemerkt en bij hem merk ik het ook niet. Mensen die dicht bij je staan, hoef je niet elke dag te zien. Die begrijpen heel goed dat je er bijna nooit bent."

Jullie krijgen een kind, dan leef je niet meer alleen voor jezelf.
"Nee."

Hebben jullie het daarover gehad?
"Dat weten we zo ook wel. Maar het is voor mij anders, hè? Hij moet straks een kind en een topsportcarrière combineren."

Dat lijkt mij best iets om het even over te hebben.
"Ja, nou, nee. Ik denk dat er wel iets verandert voor hem, maar niet voor zijn fanatisme en het feit dat hij altijd moet trainen en er gewoon bijna nooit is."

Dat blijft zo?
"Dat blijft zo. Dat weet ik en dat begrijp ik. Dat vind ik niet erg. Wat moet ik zeggen? Jij gaat niet trainen, want de baby moet eten?"

Bijvoorbeeld.
"Dat zal ik nooit doen. Tenminste: ik dénk niet dat ik dat ga doen. Dat is het voordeel dat ik ook aan topsport heb gedaan: ik begrijp hem. Hij gaat er straks 's nachts niet uit. Ik ga niet ontkennen dat het pittig is, maar ja, zo is het gewoon."

En tegen de tijd dat hij stopt...
"Dan zeg ik: hier! Nu jij."

Uw bijnaam in het team was Bami.
"Ja?"

Sommige mensen schrikken daarvan.
"Hoezo?"

Die vinden dat racistisch.
"Ja, dag. Doe effe normaal. Echt waar? Vind jij dat ook?"

Ik vraag het aan u.
"Jeetje, nou, dat heb ik nog nooit gehoord. Je bent de eerste die me dat zegt. Mijn ene oma is Chinees en de andere een klein beetje Indisch, dus de naam Bami past heel goed bij mij. Die naam heb ik gekregen toen ik veertien was. Er zat een Naomi in het team, dat was ik. En een Noëmi. Dus zeiden ze: 'Hé, Noami, Bami, dat rijmt.' Zo dus."

En u dacht: leuk?
"Ze noemen me ook Sjaan en Priscil. Of Aniet. Heb jij geen bijnaam? Ook niet toen je jong was? Wij hadden in het team allemaal bijnamen voor elkaar. Oh my god, dat mensen daar op die manier over nadenken."

Heeft die Chinese achtergrond nog betekenis voor u?
"Ik vind het wel leuk dat wij daar een geschiedenis hebben."

Bent u er geweest?
"In Beijing voor de Olympische Spelen van 2008 en in het jaar ervoor. Maar ik heb er geen familie. Mijn oma is opgegroeid in Nederlands-Indië, ze is een Indo-Chinees. Een taaie, ze wordt dit jaar 93. Ze heeft van die oude plakboeken, daar kijken we weleens in en dan gaat ze erover vertellen. Haar vader had een suikerfabriek, ze hadden het best goed. Gingen ze twee maanden met de boot naar Europa op vakantie. Van die chique Chinezen met mooie hoedjes op. Na de oorlog is ze naar Nederland gekomen, zoals veel mensen uit Indië."

Veel Chinezen hadden het zwaar in Indië.
"Nou, zij niet hoor. Maar het houdt me niet zo bezig. Soms vragen mensen aan mij: ben jij wel helemaal Nederlands? Dan zeg ik: ik ben Chinees. Ik zou het wel leuk vinden als ons kind ook iets donkers krijgt."

Hoe ziet u uw toekomst?
"Ik ben niet iemand die heel erg vooruit kijkt. Ik wil lekker aan het werk zijn, misschien meer op televisie doen."

Bij uw afscheid schreef de Volkskrant over de vijf gezichten van Naomi van As, de website GeenStijl maakte daar de vijf konten van Naomi van As van.
"O ja? Waren het goede konten?"

Ik bedoel: u was een van de succesvolste topsporters van het land en nu zie ik in uw programma 24 uur mandekking vooral dat er twee lekkere hockeymeisjes in de markt worden gezet, die dubbelzinnige opmerkingen maken.
"Het is de humor van de kleedkamer. Wij zijn gewend aan vieze grappen. En daar gaan die mannen vol in mee. In het programma is ook ruimte voor een goed gesprek. Typisch een hockeymeisje? Ik voel me er niet door aangesproken. Zo zie ik mezelf niet en het interesseert me echt geen ene reet als andere mensen mij wel zo willen zien."

Naomi van As
26 juli 1983, Den Haag

1987-1995
Montessorischool Waalsdorp, Den Haag

1995-2001
Aloysius College, Den Haag

2004-2009
Studie mondzorgkunde, Hogeschool Utrecht (niet afgemaakt)

1989-2017
Clubhockey bij HDM, Klein Zwitserland en Laren

2004-2016
Nederlands Hockey Elftal

2005
Europees Kampioen (Dublin)

2006
Wereldkampioen (Madrid)

2008
Olympisch Kampioen (Beijing)

2009
Europees Kampioen (Amstelveen)

2011
Europees Kampioen (Mönchengladbach)

2012
Olympisch Kampioen (Londen)

2014
Wereldkampioen (Den Haag)

2009 en 2016
Uitgeroepen tot beste speelster van de wereld door de FIH

2017-heden
Presentator Zappsport, Avro/Tros

2018
Presentator 24 uur mandekking met Ellen Hoog, SBS6

Naomi van As woont in Amsterdam, met haar vriend Sven Kramer, en is in verwachting van haar eerste kind.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden