PlusPS

Nachtportier De School zat in Iraanse dodencel: 'Ik zou worden gestenigd'

Mehrshad Tajfar (30) had een gelukkige jeugd in Iran, maar belandde vanwege zijn homoseksualiteit in een dodencel. Hij wist vrij te komen en vluchtte naar Nederland. Nu werkt Tajfar als nachtportier bij De School en droomt hij van een eigen club. 'Het leven is te mooi om te blijven treuren.'

Mehrshad Tajfar: 'Als ik nu terugkijk op die tijd, denk ik dat ik heel naïef was'Beeld Linda Stulic

Mehrshad Tajfar verontschuldigt zich als hij iets later dan afgesproken binnenkomt in de lobby van hotel The Hoxton aan de Herengracht. Hij is een beetje grieperig. Niet verwonderlijk nu de temperaturen rond het vriespunt liggen als hij 's nachts voor de deur van club De School staat. Toch wil hij het interview graag laten doorgaan. En, zegt hij, een kop thee doet vast wonderen.

Tajfar is een bekend gezicht in het Amsterdamse nachtleven. Hij organiseert feesten en iedereen die op zaterdag weleens naar De School in West is geweest, heeft met hem te maken gehad. Als nachtportier bepaalt hij of je naar binnen mag.

Met zijn enorme bontjas, indringende blauwe ogen en strenge blik is hij een ontzagwekkende verschijning. Maar achter die bontjas gaat een verdrietig verhaal schuil dat maar weinig mensen kennen.

In Iran werd Tajfar vervolgd vanwege zijn homoseksualiteit. Hij kwam in een dodencel terecht en zou gestenigd worden. Toen hij moest vluchten, kon hij amper afscheid nemen van zijn oma, de vrouw op wie hij zo gek was en van wie hij de bontjas heeft gekregen.

Wat was je oma voor vrouw?
"Mijn oma durfde alles. Het maakte haar niet uit wat mensen van haar dachten. We woonden in een conservatieve stad in het noorden van Iran, waar vrouwen gesluierd rondliepen. Mijn oma liep in een grote witte bontjas met een witte bontmuts op, haar nagels keurig gelakt. Ze was een opvallende verschijning. Ik vroeg altijd of ze me wilde ophalen van school. Tegen klasgenootjes zei ik dat ze mijn moeder was, zo trots was ik op haar."

Hoe was het om op te groeien in Iran?
"Ik heb een veilige jeugd gehad met veel liefde. Ik groeide op in een mooi huis aan zee, met een grote tuin. Mijn vader was zakenman, mijn moeder huisvrouw. Ze waren heel open-minded en hadden weinig op met de conservatieve regering. Als ik onvoldoendes haalde voor Koranles, zei mijn moeder altijd dat dat helemaal niet erg was."

Wanneer ontdekte je dat je homoseksueel bent?
"Als kind was ik al meer geïnteresseerd in jongens dan in meisjes. Als ik toneelstukjes bedacht, gaf ik knappe jongens altijd de hoofdrol. Toen ik als tiener mijn seksualiteit ging ontdekken, merkte ik dat ik alleen maar gevoelens had voor jongens."

Wist je toen ook al dat het strafbaar is in Iran?
"Ik had geen idee. Ik zocht op internet naar informatie over jongens die op jongens verliefd zijn. Op westerse sites las ik dat dat helemaal geen probleem is. Dat is mooi, dacht ik, dan ga ik een vriendje zoeken. Ik voelde geen enkele angst."

"Toen ik een jaar of 17 was, kreeg ik relaties met jongens. Dat leverde ook weinig problemen op. Ik was toen inmiddels naar Teheran verhuisd, waar mensen minder conservatief zijn dan in mijn geboortestad. Als je werd lastig­gevallen op straat, namen anderen het voor je op. Ik kon ook gewoon hand in hand lopen met jongens."

Had je geen idee van het gevaar dat je liep?
"Ik wist wel hoe de regering tegen homo's aankeek, maar ik was puber en rebelleerde tegen wetten en regels. Fuck them. Ze accepteren me maar zoals ik ben, dacht ik. Als ik nu terugkijk op die tijd, denk ik dat ik heel naïef was. Pas toen ik werd opgepakt, realiseerde ik me dat de dreiging serieus was."

Hoe ging dat toen je werd gearresteerd?
"Dat gebeurde op een feest bij iemand thuis. Ik wilde eigenlijk niet eens gaan, maar vrienden hadden me overgehaald. Ik was nog geen uur binnen toen ik ineens gegil hoorde. Binnen de kortste keren stond het hele huis vol gewapende agenten."

"We moesten allemaal op de grond liggen en werden geschopt. De agenten hadden een lijst met namen van mensen die zouden worden gearresteerd. Mijn naam werd ook genoemd. Ik kreeg een zak over mijn hoofd en werd geboeid aan iemand anders in een bus gesmeten. We lagen als dieren over elkaar heen."

Wat zeiden ze dat er met je zou gebeuren?
"Al in het huis zeiden ze dat we de doodstraf zouden krijgen. Dat we gestenigd zouden worden. We werden allemaal in aparte cellen gezet en kregen geen eten of drinken. Elk uur klonk een keiharde bel. Dan moesten we ons klaarmaken voor executie. Vervolgens gebeurde er niks. Dat ging een paar dagen zo door."

"Ik was zo ontzettend bang. Ik heb geprobeerd in de muur iets scherps te vinden, waarmee ik zelfmoord kon plegen. Het leek me zoveel pijnlijker als ik gestenigd of opgehangen zou worden. Ik wilde het dan liever zelf doen."

Uiteindelijk ben je toch uit de dodencel vrijgelaten. Hoe kon dat?
"Over de muren van de cellen kon ik praten met de andere mensen die op het feest waren opgepakt. Met elkaar bedachten we het plan dat we zouden zeggen dat we transseksueel waren. Dat is niet strafbaar volgens de Iraanse wet. Tijdens de verhoren deden we ons heel vrouwelijk voor."

En dat geloofden ze?
"Ja. De meeste Iraanse politieagenten waren ongeschoold. Ze hadden geen idee wat trans­seksualiteit eigenlijk was, maar ze wisten wel dat het niet op de lijst van strafbare dingen stond. Na een paar dagen werden we overgeplaatst naar een gewone gevangenis."

'In een club is iedereen hetzelfde. Huidskleur, religie, inkomen en gender doen er niet toe'Beeld Linda Stulic

"Daar werkte een bewaker die uiteindelijk ons leven heeft gered. Hij was biseksueel en flirtte met me. Toen hij mijn ontbijt bracht, heb ik het nummer van mijn moeder op een briefje gekrabbeld en hem gesmeekt haar te bellen. Dat deed hij."

"Mijn moeder maakte de zaak groot bij Amnesty International en Human Rights Watch. Onder druk van de internationale pers heeft de regering ons toen vrijgelaten, onder voorwaarde dat we in de vijf jaar daarna niet meer in aanraking zouden komen met de politie én dat we een geslachtsoperatie zouden ondergaan. Zo moesten we bewijzen dat we niet ­hadden gelogen."

Iedereen met wie je had vastgezeten, vluchtte meteen het land uit, behalve jij.
"Ik wilde dat niet. Al mijn vrienden woonden in Teheran en ik had echt een heel leuk leven. Het is ook hartstikke eng om alles achter je te laten en elders een nieuw leven op te bouwen."

En toen werd je, tegen de voorwaarden in, voor de tweede keer opgepakt.
"Dat gebeurde een paar maanden later om politieke redenen. Ik deed mee aan een demonstratie tegen de regering. Heel naïef. Toch kwam ik relatief gemakkelijk weer vrij. Mijn moeder had inmiddels contacten bij de overheid en kon me voor 2000 dollar vrijkopen. Ik moest papieren ondertekenen dat ik de stad niet zou verlaten en dat ik voor de rechter zou verschijnen. Toen ben ik gevlucht. Mijn moeder zei dat ik anders dood zou gaan."

Wist je toen al dat je naar Nederland wilde?
"Nee, helemaal niet. De smokkelaar die ik op de grens van Iran en Turkije had ontmoet, had een ticket naar Londen voor me gekocht, met een overstap in Amsterdam. Toen ik in Istanboel met een vals paspoort het vliegtuig in moest was ik zo bang, dat ik op Schiphol niet nog een keer in een vliegtuig durfde te stappen. Toen besloot ik in Amsterdam te blijven."

Waar ga je naartoe als je in een land aankomt waar je nog nooit bent geweest en niemand kent?
"Ik heb me aangegeven bij de eerste de beste agenten die ik zag. Ik vertelde dat ik met een vals paspoort uit Iran was gevlucht, omdat ik werd vervolgd vanwege mijn geaardheid. Ze waren meteen heel lief voor me. Ze stonden erop mijn tassen te tillen en brachten me naar de immigratiepolitie."

"Toen ik daar in het kantoor zat, kon ik voor het eerst huilen. Ik kon niet meer stoppen. Er werkte een heel lieve vrouw, tegenover wie ik me verontschuldigde dat ik met een vals paspoort naar Nederland was gekomen. Ze zei dat het niet erg was. Dat het niet mijn schuld was, maar de schuld van mijn regering. Een heel mooi moment."

Kreeg je snel een verblijfsvergunning?
"Binnen een maand was alles geregeld, omdat Amnesty en Human Rights Watch een dossier hadden van mijn zaak. Ik was enorm opgelucht, want totdat ik mijn papieren had, was ik elke dag bang dat ik teruggestuurd zou worden en alsnog de doodstraf zou krijgen."

"Ik heb toen wel nog een tijd in het asielzoekerscentrum in Crailo gewoond. Een moeilijke tijd, want ik kon daar niemand vertrouwen. Er waren veel mensen met mentale problemen."

En toen kwam je in Amsterdam terecht.
"Een stichting voor homoseksuele vluchtelingen had een appartement voor me geregeld in Amsterdam. Toen ik het station uitkwam en rondkeek, wist ik: hier wil ik wonen. Ik voelde me meteen thuis. Nu ik er zeven jaar later op terugkijk, weet ik dat die gedachte klopte. Soms vragen mensen of het moeilijk was om hier te aarden, maar dat was het absoluut niet. Amsterdam past in alle opzichten bij mij. Ik heb dezelfde mentaliteit als veel mensen hier."

Lukte het snel om vrienden te maken?
"In het begin had ik moeite om mijn draai te vinden, maar op een gegeven moment ging ik toch vaker de deur uit. Toen leerde ik modeontwerper Mada van Gaans kennen, een van de belangrijkste mensen in mijn leven."

"We raakten op een feestje aan de praat en ze stelde me aan iedereen voor. Ze nam me mee naar Trouw. Die club maakte diepe indruk op me. Ik voelde me er heel veilig. Daarna begon ik echt heel veel te feesten. In Trouw leerde ik ook de mensen kennen die later De School hebben geopend."

Wat betekent het nachtleven voor jou?
"Ik denk dat ik tot aan mijn dood in het nachtleven zal werken. Ik voel me er zo ontzettend thuis. In een club is iedereen hetzelfde. Huidskleur, religie, inkomen en gender doen er niet toe. Je bent er mens, dat is wat telt. Ik droom ervan ooit een eigen club te openen."

Als je jezelf nu ziet, lijk je dan op je oma?
"Ja, heel erg. Het maakte haar niet uit wat anderen van haar dachten. Ze heeft veel meegemaakt, maar ze zeurde nooit. Ze leefde in het moment en genoot overal van. Dat doe ik ook. Ik heb therapie gehad om de trauma's uit het verleden te verwerken en wil het nu achter me laten. Het leven is te mooi om te blijven treuren. Mijn oma is nu overleden. Ik heb nooit echt afscheid van haar kunnen nemen. Ik zou willen dat ze kon zien hoe ik nu leef en wie ik nu ben. Ze zou zeker trots op me zijn."

Mehrshad Tajfar

8 oktober 1987, Astara, Iran

2004-2008 Mojtame Fanni Tehran - Technical institution of Tehran, computer software engineering
2008-2010 Vrije Universiteit Amsterdam, interieurdesign
2012-2013 Out of the closet-winkel (sales assistent)
2013-2016 Dennis Diem (assistent)
2015-heden Willem de Kooning Academie, fine arts
2016-heden Portier De School
2016-heden Medeorganisator Roze Zondagen.

Mehrshad Tajfar is alleenstaand en woont in Amsterdam.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden