Plus

Naar de rechter voor een schoon huis: 'verzet loont'

Anton Witzen (71) vocht tegen de gemeente Amsterdam en won. In plaats van de belofte op 'een schoon huis' moet de gemeente op last van de rechter zeggen hoeveel schoonmaakuren Witzen krijgt. 'Verzet loont.'

Anton Witzen is een van de ongeveer 20.000 Amsterdammers die door ziekte of ouderdom niet in staat zijn zelf hun huis schoon te maken. Zij kunnen via de Wmo hulp vragen bij de gemeente.Beeld Marc Driessen

Hoe vier je een zege in een rechtszaak tegen de gemeente?

"Ik heb een glas whisky ingeschonken," zegt Anton Witzen. "Dat smaakte uitstekend."

Aan de eettafel van z'n rolstoelgeschikte huurwoning van 100 vierkante meter in Zeeburg glundert Witzen nog een beetje na. In samenwerking met advocaat Matthijs Vermaat en met Christiaan Dol, jurist van Cliëntenbelang Amsterdam, heeft Witzen de gemeente een stevige draai om de oren gegeven.

De uitvoering van de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) deugt niet, oordeelde de bestuursrechter vorige week. De uitspraak treft duizenden Amsterdammers (zie kader).

Met moeizame passen geeft Witzen een rondleiding in z'n huis. Door een aangeboren afwijking doet elke stap pijn. Witzen werd niet groter dan 1,50 meter. Het kraakbeen in z'n gewrichten is door overbelasting nagenoeg verdwenen, zodat hij stevige pijnstillers nodig heeft.

"Ik heb ook tamelijk wat ziekenhuiservaring," zegt hij met milde ironie.

Teruggetrokken overheid
Tijdens de rondleiding wijst Witzen op de vuile badkamertegels en de vettige gedeelten van de keuken. Die viezigheid vormde de aanleiding om de gemeente voor de rechter slepen. Net als alle Amsterdammers die door ziekte of ouderdom hun eigen huis niet kunnen poetsen, moet de gemeente op grond van de Wmo zorgen voor 'een schoon huis'.

De gemeente stuurde thuiszorg­organisatie Tzorg naar Witzen. Tzorg bepaalde dat een poetsbeurt van tweeënhalf uur voldoende was voor een schoon huis. Maar in de ogen van Witzen was dat te weinig.

Daarom spande de geboren Amsterdammer vorig jaar een rechtszaak aan. Witzen wilde de gemeente dwingen tot het uitspreken een concreet aantal schoonmaakuren.

Bovendien wilde hij dat de gemeente de verantwoordelijkheid nam voor het aantal schoonmaakuren, niet de thuiszorgorganisatie.

De rechter gaf Witzen gelijk. Dat leidde ertoe dat hij meer poetsuren kreeg: drieënhalf uur. Witzen ging er een uur op vooruit.

"Eigenlijk had ik rechten moeten studeren in plaats van natuurkunde," zegt Witzen grijnzend. "Dat lag me misschien beter. Maar goed, ik ben aardig wegwijs geworden in het recht."

Witzen is ook een kenner geworden van de veranderingen in de verzorgingsstaat. Hoewel hij 'gewoon' naar school ging - het Amsterdams Lyceum - en op de Vrije Universiteit zijn kandidaatsexamen behaalde, heeft hij al vanaf de jaren negentig te ­maken met hulpinstanties.

De gemeente regelde de huishoudelijke zorg tot 2006 via de stichting Tot En Met, maar die is opgesplitst en geprivatiseerd.

"Door het beleid van het paarse kabinet heeft de overheid zich teruggetrokken," zegt Witzen. "Geen goede ontwikkeling, als je het mij vraagt. En het is helemaal spijtig dat de PvdA daaraan heeft meegewerkt. Dat is mijn partij, ondanks alles."

De zorgtaken voor mensen als Witzen koopt de gemeente tegenwoordig in bij Tzorg of Cordaan. Ambtenaren van de gemeente ziet hij zelden.

"In het begin van mijn zorgcarrière was dat wel anders. Toen had ik persoonlijk contact met overheidsinstanties. Er was ook meer continuïteit bij het personeel dat me verzorgde."

Ondanks de nodige lichamelijke ­tegenslag presenteert Witzen zich als een opgewekt mens. Hij heeft al vijf jaar een vriendin in Thailand, met wie hij via internet dagelijks contact heeft. Ook heeft hij een uitgebreid sociaal netwerk; hij houdt van bridgen en zeilen.

"Ik vind het leven leuk."

De gewonnen strijd met de gemeente stemt eveneens tevreden. Eerder won hij al een zaak om de vergoeding van een aangepast vervoersmiddel, een zogenaamde trike. Hij voorziet een nieuw conflict over de vervanging van een gasleiding in z'n aan­gepaste keuken.

Belastinggeld
Witzen omschrijft zichzelf niet als een notoire dwarsligger, maar neemt geen genoegen met minder dan wat noodzakelijk is om een vrij leven te leiden.

"Je moet de regels kennen en er de tijd voor nemen, dan kom je een heel end."

In zijn strijd tegen de lokale overheid is Witzen echter wel geholpen door diezelfde overheid. Advocaat Vermaat wordt gefinancierd met ­belastinggeld, hoewel hij meer uren in de zaak stak dan hij declareerde. De gemeente is de grootste financier van Cliëntenbelang Amsterdam.

"Gelukkig werken de checks and balances van het systeem goed," ­aldus Witzen. "Maar veel oudere mensen zullen het niet kunnen ­opbrengen om daar een lange strijd voor te voeren. Dat is begrijpelijk, maar wel jammer."

Wmo

De overheid wil dat mensen die hulp nodig hebben zo lang mogelijk thuis blijven wonen. Het is daarbij de bedoeling dat ze zo veel mogelijk terugvallen op hun eigen netwerk, zoals ­familie of vrienden. Als die hulp niet toereikend is, bieden gemeenten ­ondersteuning via de Wet Maatschappelijke ondersteuning (Wmo), die in 2015 in het leven is geroepen. Daarbij gaat het bijvoorbeeld om hulp in het huishouden, de begeleiding van gehandicapten op opvang van daklozen. De gemeente moet de hulp zo veel mogelijk toepassen op de ­persoonlijke situatie van de burger.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden