Moszkowicz kan je omschrijven als een wandelende opgestoken middelvinger

Het zal allemaal wel dat hij zijn boekhouding niet op orde heeft, dat hij geen bijscholingspuntjes heeft gehaald en dat hij sommige cliënten nog wat moet terugbetalen, maar dat Bram Moszkowicz geen advocaat meer mag zijn, vind ik een verlies.

Ik hield en hou van zijn tegendraadse gedrag. Je zou hem kunnen omschrijven als een wandelende opgestoken middelvinger. Een thrillseeker, die van balanceren op het randje houdt en vermoedt dat zijn vangnet van vileine verbale acrobatiek sterk genoeg is om hem van een dreun op de grond te weerhouden.

Niet dus. Onaantastbaarheid is niemand gegeven.

Maar ook ik blijf me afvragen waarom hij het zo ver heeft laten komen.

Zijn problemen waren niet zo groot. Je huurt een paar accountants van de firma Haai & Rat in voor de boekhouding en het normaliseren van je relatie met de Belastingdienst en een tutor voor de bijscholing, je betaalt met spoed terug wat enkele ontevreden cliënten van je vorderen, en alles is binnen veertien dagen keurig opgelost.

Dat heeft Moszkowicz niet gedaan.

Hij verdedigde dat door te beweren dat hij zich binnen de korte tijd die hem was gegeven, al tot het uiterste had ingespannen.

Dat geloof ik niet. Het moet iets anders geweest zijn.

Een tijdje geleden droeg Pierre Bokma in de Balie enkele teksten van Moszkowicz voor. Bram werd daar door Kustaw Bessems geïnterviewd. Moszkowicz keek naar Bokma en genoot van Pierres spel en zijn eigen eigenzinnige pleidooien. Daarna vertelde hij over zijn vader en de invloed die de Tweede Wereldoorlog op het gezin had gehad. En toen dacht ik: zou dat kenmerkend zijn voor tweedegeneratieoorlogskinderen? Dat ze denken: ik laat me niets meer zeggen?

Ik zou liegen als ik zei dat ik dat niet herken.

Ik zag bij Moszkowicz dezelfde tegendraadsheid die ik bij Ischa Meijer en Theo van Gogh had gezien. Persoonlijkheden die zich op een gegeven moment in de hoek hadden geverfd omdat ze niet bereid waren geweest zich aan te passen. Ze zagen zich aanpassen als een vorm van verlies. Je aanpassen benauwde hen, omdat hun vrijheid van persoonlijkheid dan beknot werd. Het leverde sterke, kleurrijke ego's op.

En kleurrijke figuren maskeren altijd een wond.

Meestal een oorlogswond.

 
Zou het kenmerkend zijn voor tweedegeneratie- oorlogskinderen dat ze zich niks meer laten zeggen?
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden