Column

Mooi roze weefsel, maar niet op de zaken vooruit lopen

Eva HoekeBeeld Floris Lok

Mevrouw Hoeke?' Ik zat in de wachtkamer van dokter Groot op de Brouwersgracht, en de stem kwam van een jong meisje met lang zwart haar en grote, donkere ogen. Eenmaal in de behandelkamer stelde ze zich voor als Emine, ze liep stage en wilde later doktersassistente worden. Of ik er bezwaar tegen had als zij er bij bleef? En of ik er dan misschien ook geen bezwaar tegen had als zij de handeling verrichtte?

Nu is een uitstrijkje laten maken nooit leuk, zelfs niet als dat slechts gebeurt om de mogelijke eerste signalen van baarmoederhalskanker op te pikken - een standaardprocedure voor iedere Nederlandse vrouw boven de dertig - maar een mens moet nu eenmaal leren en als Dagblad Zaanstreek destijds tegen mij had gezegd 'Nou, nee bedankt' had ik dit stukje vermoedelijk ook nooit kunnen schrijven, dus zei ik dat ik dat geen énkel probleem vond, welnee.

Terwijl Emine de instrumenten klaarlegde, kwam haar, ik mag wel zeggen zéér kordate, begeleidster binnen. Het was Gerda, de hoogblonde doktersassistente in roze leren motorjasje, zwarte laarzen met strass en een french manicure, die ik eerder aan de telefoon had gehad om de afspraak te maken.

'Goeiemorrege,' zei ze tegen mij, en tegen Emine: 'Pak maar een speculum. Eerst even goed voelen of ie niet te warm is. Hier, tegen je pols. Als ie goed is voor jou is ie ook goed voor mevrouw.' En toen, tegen mij: 'Even goed uitademen.'

Daarna ging het snel.
Gerda: 'Ja, goed zo. Recht houden, niet aarzelen.'
Emine: 'Zo?'
Gerda: 'Iets verder. Wat zie je nu?'
Emine: 'Volgens mij moet ik 'm iets draaien.'
Gerda: 'Juist. Niet knijpen hoor! Dan doe je jezelf alleen maar pijn.'
Dat laatste was tegen mij.

Toen we klaar waren, sprak ze van 'mooi roze weefsel', maar ook van 'niet op de zaken vooruitlopen'. Het grootste compliment ging echter naar Emine. 'Je hebt het in één keer goed gedaan! Bij de meesten is het flink zoeken, maar bij jou was het meteen jackpot.' Ze klapte even. Emine lachte, pulkte aan haar elleboog en keek toen weer naar de grond.
'En nu?' vroeg ik, wijzend op het potje. 'Wanneer krijg ik de uitslag?'

Gerda keek naar Emine. Nu kwam het erop aan.
Emine: 'Eh... als het goed is krijgt u een brief, en als u die niet krijgt dan moet u, eh, bellen.'

Gerda: 'Nee lieverd, ho maar, stop maar. Dit komt totáál niet over. Je moet duidelijk zijn: over vier weken krijgt mevrouw een brief. Daarin staat de uitslag. Maar omdat de post tegenwoordig ook niet meer is wat het is geweest, zeggen we er altijd bij: bel ons even. Want nu is er misschien nog niets aan de hand, maar over een jaar kan het te laat zijn.'

Ze keek veelbetekenend naar mij. 'Dui-de-lijke communicatie. Héél belangrijk in ons vak.'
Emine knikte: heel belangrijk.

Gerda: 'Maar verder: goed gedaan. Zo, en dan gaan we nu weer verder want er zitten er nog meer.'

De uitslag heb ik nog niet, over drie weken ga ik bellen. Best spannend, maar als Gerda opneemt, komt alles goed.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden