Filmrecensie

Mission Impossible: geef Tom Cruise een echte schurk

De zesde Mission: Impossible is een sublieme actiefilm die de kijker tweeënhalf uur lang het ene adrenalineshot na het andere geeft. Het enige smetje is het ontbreken van een overtuigende slechterik.

Zes weken nadat Tom Cruise tijdens een stunt zijn enkel had gebroken, zoefde hij alweer over de filmset als een jong veulen Beeld Paramount Pictures

De nieuwste Mission: Impossible bevat een geweldige ­scène waarin Tom Cruise weer eens héél hard over daken rent. Logisch, want dat is zijn handelsmerk. In vrijwel ­elke film laat de 56-jarige acteur op enig moment zien hoe goed hij wel niet kan sprinten en springen.

Dit keer ging het echter flink mis. Na een sprong tussen twee gebouwen - die de film gewoon heeft gehaald - kwam Cruise verkeerd terecht. Hij brak zijn enkel. Doktoren vertelden hem dat hij een half jaar niet mocht lopen. Dat hij misschien nooit meer zou kunnen rennen...

Illusie
Grapjassen! Naïevelingen! Zes weken later zoefde Cruise weer als een jong veulen over de filmset. Achteraf zal hij misschien zelfs blij zijn met het ongeluk, want het past perfect bij zijn imago. Terwijl generatiegenoten langzaam maar zeker opschuiven naar opa-rollen, doet de topfitte Cruise nog steeds al zijn eigen stunts.

Hij is misschien wel de laatste échte filmster, groter dan het leven zelf en schijnbaar ongevoelig voor fysieke wetten. Een prachtige illusie die met het klimmen der jaren alleen maar aantrekkelijker wordt.

In de eerste Mission: Impossible, uit 1996, was Cruise nog een jonge vent. Financieel gezien deed de film goede ­zaken, maar wie hem nu ziet, moet vechten tegen de slaap. Het is een babbelzieke, plotzware thriller met een handjevol geinige actiescènes. De grootste daarvan is de beroemde finale, waarin Cruise aan boord van de TGV een helikopter door de kanaaltunnel sleurt.

Die scène zette de toon voor de vijf vervolgen, waar Cruise steeds meer zeggenschap over kreeg. Hij koos Hongkonglegende John Woo als regisseur voor aflevering twee, maar Mission: ­Impossible werd pas echt leuk vanaf het door J.J. Abrams geregisseerde derde deel. Toen ontwikkelde de serie zich definitief tot de Amerikaanse tegenhanger van James Bond: sensatiefilms met een dikke knipoog, hippe ­gadgets en vaak vette schurken.

Testosteronhemel
Christoper McQuarrie, een vertrouweling van Cruise, is de eerste regisseur die na Rogue Nation terug mocht keren voor een tweede Missie. Hij regisseerde Cruise eerder al in Jack Reacher en schreef de scenario's voor zijn The ­Mummy en The Edge of Tomorrow.

Fallout is de voorlopige kroon op hun samenwerking, een sublieme actiefilm die de kijker tweeënhalf uur lang het ene adrenalineshot na het andere geeft. Achtervolgingen door Parijs zijn al heel vaak gedaan, maar McQuarrie en Cruise zetten een nieuwe, nauwelijks te evenaren ­standaard. Omdat ze niets maskeren.

In plaats van de ­korte, schokkerige beelden die tegenwoordig in zwang zijn, gebruiken zij juist wijde en lange shots, zodat alle ­actie uitstekend te volgen is. De geweldige soundtrack geeft het laatste zetje richting de testosteronhemel, met een opzwepende combinatie van tromgeroffel en een ­hippe variatie op het originele Mission Impossible-thema.

Mission: Impossible – Fallout

Regie Christopher McQuarrie
Met Tom Cruise, Henry Cavill, Rebecca Ferguson
Te zien in Filmhallen, Arena, City, De Munt, Tuschinski

De lange finale overtreft zelfs die van de eerste film. Ditmaal kruipt Cruise zelf in een helikopter. Letterlijk. Hij grijpt een touw dat uit een opstijgend toestel hangt, ­worstelt zich naar boven, valt naar beneden, worstelt zich weer naar boven, slaat de piloot dood en probeert uiteindelijk een andere helikopter uit het luchtruim te botsen.

Wie niet gelooft dat Cruise dit allemaal zelf doet, moet op YouTube maar eens naar de making of kijken. Ja, hij draagt een veiligheidsharnas dat later digitaal wordt weggepoetst, maar verder komen er nauwelijks special ­effects aan te pas.

Betere bad guy
Fallout is zó leuk dat je de film een betere bad guy had ­gegund. Een acteur die, zoals Philip Seymour Hoffman in het derde deel, puur door zijn aanwezigheid al dreiging uitstraalt.

Henry Cavill is weliswaar een overtuigende moordmachine, maar Sean Harris (die ook in de vorige ­aflevering zat) maakt weinig indruk als meesterbrein­ ­achter een nucleair schaakspel dat het hart van de film vormt. In de paar scènes die Harris zijn gegeven, zit hij vaak vastgeketend en kijkt hij simpelweg boos voor zich uit. Zijn enige monoloog, waarin hij Cruise bedreigt met hel en verdoemenis, mist pit.

Jammer, want daardoor blijft deze film honderd procent een fysieke aangelegenheid en is er van psychologische spanning eigenlijk geen sprake. Mochten McQuarrie en Cruise nóg een Mission: Impossible maken samen, en die kans is vrij groot, dan kiezen ze als antagonist ­hopelijk iemand met meer kwaadaardig charisma. En ­geven ze hem ruimte om de show te stelen. In combinatie met hun uitstekende gevoel voor ouderwets spektakel moet dat een waar meesterwerk opleveren.

Inspiratie

Mission: Impossible is inmiddels zo synoniem aan Tom Cruise dat je bijna zou vergeten waar de inspiratie vandaan kwam: de gelijknamige televisieserie. Halverwege de jaren negentig was het heel hip om ­oude series in een modern filmjasje te gieten. Dat ging vaak mis.

The Saint was een ­teleurstelling en The ­Avengers werd zelfs een van de grootste artistieke en financiële flops aller tijden. Overigens waren acteurs uit de originele serie ook niet bepaald te spreken over ­Mission: Impossible. Ze klaagden dat de film te veel nadruk legde op de ­fysieke kant en te weinig op de ­psychologische.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden