Update

Miep Gies (1909-2010) overleden

Jan en Miep Gies in het Achterhuis in Amsterdam (1987). ANP Beeld
Jan en Miep Gies in het Achterhuis in Amsterdam (1987). ANP

AMSTERDAM - Miep Gies, de laatste helper van de onderduikers in het Achterhuis en redder van het Dagboek van Anne Frank, is maandagavond overleden. Over een maand zou ze 101 zijn geworden.

Het Dagboek van Anne Frank, vertaald in meer dan zestig talen, is na de Bijbel het meest gelezen boek ter wereld. Gies vond het dagboek in augustus 1944, na de razzia in het Achterhuis. Ze werd er ook zelf in genoemd. Na de publicatie reisde ze de wereld rond om erover te vertellen.

Op 4 augustus gingen bij het gezin Gies (Miep, Jan en zoon Paul) jarenlang de gordijnen dicht en werd de telefoon van de haak gelegd. Ter herinnering aan die vrijdagochtend in 1944 toen de onderduikers na verraad, werden weggevoerd.

Gies was die ochtend voor haar werk nog in het Achterhuis geweest om de boodschappenlijstjes te halen en had beloofd 's middags terug te keren voor een praatje. Niet veel later stond er een man in het kantoor met een revolver in zijn hand. Ze kreeg het bevel om in het kantoor te blijven zitten. 'Toen hoorde ik over de oude houten trap naar beneden de voetstappen van onze vrienden. Aan het geluid te horen, liepen ze als geslagen honden,' schreef ze in haar eigen boek.

Miep Gies werd op 15 februari 1909 in Wenen geboren als Hermine Santrouschitz. Verzwakt door de honger tijdens de nadagen van de Eerste Wereldoorlog werd ze als tienjarig meisje met een paar duizend andere Oostenrijkse kinderen naar Nederland gebracht om daar bij een gastoudergezin aan te sterken. Ze kwam terecht bij de familie Nieuwenburg in Leiden, die haar uiteindelijk adopteerde en met haar naar Amsterdam verhuisde.

In 1935 leerde ze Jan Gies kennen, met wie zij in 1941 trouwde. Gies kreeg een baantje bij Opekta, een groothandel in specerijen en geleisuiker, eigendom van Otto Frank.

In het voorjaar van 1942 toen de Jodenvervolging onder de nazi bezetting steeds heviger werd, doken Otto en zijn vrouw Edith met hun gezin onder in het bedrijfspand van Opekta op de Prinsengracht 263. Ze namen hun intrek in het 'onzichtbaar' gemaakte achterste deel van het huis.

Vanaf juli 1942 zaten daar naast het gezin van Otto Frank ook dat van zijn compagnon Hermann van Pels. In het najaar voegde zich de tandarts Fritz Pfeffer bij hen.

Terwijl de bedrijfsvoering van Opekta gewoon door ging, werden de acht onderduikers door de overgebleven personeelsleden verzorgd: Miep Gies, die in Annes dagboek Miep van Santen heet, Bep Voskuijl, Johannes Kleiman en Victor Kugler.

Nadat Otto Frank in juni 1945 in Amsterdam als enige overlevende was teruggekeerd, gaf Miep hem het dagboek van zijn jongste dochter. Ook vertelde zij toen pas dat zij en haar man Jan naast de verzorging van de Achterhuisbewoners ook bij hen thuis in de Amsterdamse Rivierenbuurt nog een onderduiker hadden gehad. Bovendien kreeg Otto Frank te horen dat Jan Gies tijdens de oorlog ook actief was geweest in het hoofdstedelijk verzet.

Mede op aandringen van Gies werd het dagboek van Anne in 1947 als boek uitgegeven. Het bedrijf Opekta werd aan de Prinsengracht voortgezet. In 1953 trok Otto Frank zich terug en verhuisde naar Zwitserland. Toen het pand eind jaren vijftig gesloopt dreigde te worden, kon het dankzij een inzamelings­actie worden behouden. In mei 1960 werd het een museum.

Het lange leven van Gies bleef verknoopt met het korte leven van Anne. De toevalligheid dat onder onderduikers in het Achterhuis een meisje zat wier dagboek een symbool en een wereldwijd succes werd, heeft een groot deel van haar latere leven bepaald. Gies hield vele lezingen in Europa en in de VS over haar oorlogservaringen. ''Wij waren geen helden. We deden onze menselijke plicht: mensen helpen die in nood zijn,'' zei Gies overal waar ze over haar onderduikers sprak. Ook hielp ze met rondleidingen in het 'Achterhuismuseum'. Ze had moeite met Duitse bezoekers, maar toen ze begreep dat er ook 'goede Duitsers' waren geweest, ebden haar haatgevoelens weg.

In 2003 bezocht Gies het Achterhuis voor het laatst. Volgens vriendin Teresien da Silva zou ze nog wel vaker hebben willen komen, maar de steile trappen in het huis werden haar te zwaar.

Miep en Jan Gies (die in 1993 overleed) ontvingen de Israëlische Yad Vashemonderscheiding. Zelf kreeg ze ook de Amerikaanse Raoul Wallenberg Award en het Duitse Bundesverdienstkreuz. In Nederland werd ze benoemd tot Ridder in de Orde van Oranje-Nassau.

In 1989 legde Gies voor de rechtbank in Hamburg een getuigenverklaring af in het proces tegen de Duitse neonazi Edgar Geiss, die had beweerd dat het Dagboek van Anne Frank een vervalsing zou zijn.

In 1997 werd ze getroffen door een beroerte. Toch vierde ze op 15 februari 2009 in redelijke gezondheid nog haar honderdste verjaardag in West-Friesland waar ze woonde. Ook toen wimpelde ze alle eerbetoon af. ''Zoveel anderen hebben hetzelfde gedaan of veel gevaarlijker werk.'' (FRANS BOSMAN)

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden