Column

Met Willem is het niet goed afgelopen

Eva HoekeBeeld Ivo van der Bent

In De Avonden, een café op de Middenweg dat werd bestierd door de broers Jean-Pierre en Michel en waar vader Jan, zelf ex-kastelein, vanaf zijn vaste plek aan de bar commentaar gaf op de gang van zaken, kwam het gesprek op Willem Wijnands, een reeds overleden stamgast die niet alleen furore had gemaakt met zijn gewoonte om na het ledigen van een fles port in zijn blote reet over de Middenweg te lopen - 'Vaak nog achteruit ook' - maar vooral ook met zijn kroegpoëzie, korte overpeinzingen die hij toevertrouwde aan bierviltjes en waarvan met name het gedicht Is de macht van de vagina voorbij, wordt het voor vrouwen moeilijke tij indruk had gemaakt op de clientèle.

Barman Jean-Pierre: 'Willempie Wijnands. Markante man, hoor. Ken je die natuurstenen platen die je wel eens bij de schoorsteen ziet? Dat was een uitvinding van zijn vader. Is ie stinkend rijk mee geworden. En dat geld heeft Willem er doorheen gehengst.'
Vader Jan: 'Die man heeft gehoerd en gesnoerd, gezopen en gevroten.'
Broer Michel: 'Hij reed rond in een Porsche.'
Jan: 'Sigaar in zijn bek.'
Jean-Pierre: 'Maar hij was niet achterlijk, hoor. Hij had altijd de mooiste verhalen. Hij wist alles van geschiedenis.'
Jan: 'En hij was gek van mythologie. Hades. Xerox.'
Michel, tegen broer Jean-Pierre: 'Jij bent nog wel eens met hem naar de hoeren geweest.'
Jean-Pierre: 'Niet waar.'
Michel: 'Wel, op de Ruysdaelkade.'
Jean-Pierre: 'Ach welnee man, nou zet je me gewoon in zwart daglicht.'
Michel, tegen mij: 'Willem ging altijd met een ploegje naar de hoeren, mochten zij kijken.'
Jean-Pierre: 'Dat zat heel anders. Willem had een cockerspaniël. Die heb ik toen voor hem uitgelaten, want ik wilde niet mee naar binnen. Die anderen wel, moesten ze een joetje de man betalen om te mogen kijken. Maar op een gegeven moment duurde het zo lang dat ik toch maar naar binnen ging. Zegt dat mens: 'Twee tientjes.' Dus ik zeg: 'Hoezo moet ik twee tientjes betalen? Hun betalen er toch ook maar één?' Zegt ze: 'Die hond kijkt ook'.'

Maar het was slecht met Willem Wijnands afgelopen.
Michel: 'Op een gegeven moment zijn er iets van twaalf familieleden overleden in negen maanden tijd. Toen is ie helemaal doorgedraaid.'
Jan: 'Hij is ook nog een paar keer failliet gegaan.'
Jean-Pierre: 'Maar hij is uiteindelijk vermoord door zijn vrouw.'
Jan: 'Dat heb wel dertig jaar geduurd, hoor.'
Michel: 'Die hád me een tyfuswijf. Als zij binnenkwam gooide ze zijn drank weg en moest ie aan de cola.'
Jean-Pierre: 'En toen was ie al van haar af.'
Jan: 'Van zo'n vrouw kom je nooit af.'

De gedichten van Willem, die vrouwen sinds zijn scheiding alleen nog maar aansprak met 'Feldwebel', ­hingen jaren later nog altijd bij De Avonden aan de muur.
'Als een veldmuis moet ik leven,
Als een ezel moet ik geven,
Tot de goede, zachte dood,
Een eind maakt aan mijn nood.'


e.hoeke@parool.nl

Wil je reageren op deze column? Dat kan! Scroll (een beetje) naar beneden om een reactie te plaatsen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden