Plus

Meeste woningen in de stad moeten van het gas af

In Amsterdam worden de meeste woningen aangesloten op een warmtenet, als gevolg van het nieuwe klimaatakkoord. De rem die de provincie op windmolens zet, verdwijnt.

Ed Nijpels presenteert de hoofdlijnen van het Klimaatakkoord aan Minister Wiebes. Beeld anp
Ed Nijpels presenteert de hoofdlijnen van het Klimaatakkoord aan Minister Wiebes.Beeld anp

Het merendeel van de woningen in Amsterdam wordt op den duur aangesloten op een warmtenet. Zestig procent, schatte Diederik Samsom dinsdag bij de presentatie van de eerste contouren voor het klimaatakkoord dat de CO2-uitstoot van de Nederlandse samenleving per 2030 met bijna de helft moet terugdringen.

Als voorzitter van de 'sectortafel' voor de gebouwde omgeving heeft Samsom zich gebogen over de vraag hoe miljoenen woningen straks duurzaam worden verwarmd. In de grote stad, met veel oudere woningen dicht op elkaar, beloven warmtenetten de grootste besparingen, meer dan de elektrische warmtepomp.

Slecht imago
Zestig procent is een schatting uit de losse pols, haastte Samsom zich te zeggen. Het is ook aan de gemeente om te bepalen waar warmtenetten komen. Uiterlijk eind 2021 moeten alle gemeenten van wijk tot wijk plannen opstellen voor een toekomst zonder aardgas.

Stadsverwarming heeft nu een slecht imago en voor leverancier Nuon is het ook geen vetpot. Het klimaatakkoord komt met suggesties om warmtenetten aantrekkelijker en goedkoper te maken.

"We gaan warmtenetten niet meer als vanzelf gunnen aan de monopolist van dienst, maar aanbesteden. Dan wordt de vraag: wie wil in Nieuw-West 5000 woningen voorzien van water van 70 graden voor dertig jaar, met een rekening die niet hoger is dan huidige gasrekening?"

Dat gas straks zwaarder wordt belast, zal warmtenetten ook aantrekkelijker maken.

Zware industrie
Het gaat dus niet meer om warmte van 90 graden, zoals nu wordt rondgepompt voor stadsverwarming. De toekomst is aan warmtenetten met lagere temperaturen, zodat schone, niet-fossiele warmtebronnen bruikbaar worden. "Het voordeel is dat je kunt werken met restwarmte van datacenters en geothermie."

Aan vijf sectortafels hebben vertegenwoordigers van tweehonderd belangengroepen plannen gemaakt, zodat de CO2-uitstoot in 2030 49 procent lager uitvalt dan in 1990.

Dinsdag werd een 'voorstel voor hoofdlijnen' gepresenteerd. Later dit jaar proberen de belangengroepen het alsnog eens te worden over precieze plannen.

Vooral in de sectortafels over industrie, mobiliteit en landbouw is nog verre van duidelijk hoe de zware industrie, autoverkeer en de productie van vlees schoner worden. Aan tafel zijn pijnlijke keuzes vooralsnog uit de weg gegaan, ook al omdat men het niet eens werd over de vraag wie voor de kosten opdraait.

De uitkomsten van de besprekingen over elektriciteit en de gebouwde omgeving zijn concreter. Zo moet elektriciteit rond 2030 voor 70 procent duurzaam worden opgewekt. Dan gaat het om miljoenen zonnepanelen, meer wind­molens op zee, maar ook honderden op land. De sectortafel rekent op een verdubbeling tot zelfs een verdriedubbeling van de hoeveelheid op land opgewekte windenergie.

Groene stroom
Volgend jaar wordt het land opgedeeld in dertig regio's, die zelf mogen bepalen hoe en waar de groene stroom wordt opgewekt. Dat moet zorgen voor meer draagvlak.

Het gevolg is ook dat Amsterdam niet meer afhankelijk is van de provincie Noord-Holland, bevestigt Kees Vendrik, de voorzitter van deze sectortafel.

Windmolenplannen in de Amsterdamse haven lopen nu stuk op de banvloek die de provincie heeft uitgesproken over nieuwe windmolens.

49%

In 2030 moet de CO2-uitstoot 49 procent lager liggen dan in 1990.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden