Plus

Mbarki: 'Te weinig aandacht voor oprukkend salafisme in Amsterdam'

Salafisme, de fundamentalistische stroming in de islam, rukt op in Marokkaanse moskeeën in Amsterdam. Hiervoor is te weinig aandacht, vindt raadslid Sofyan Mbarki.

'Salafisten zijn conservatief in de leer, maar modern in hun pr. Dat maakt ze succesvol' Beeld Getty Images

Wat hem vooral stoort aan salafisten, zegt Sofyan Mbarki (32), is hun gevoel van superioriteit. Dat alleen zij ware moslims zijn. "Zelf zijn ze veelal religieuze analfabeten, die blind opvolgen wat hun wordt opgedragen. Toch tonen ze geen enkel respect voor niet-gelovigen of moslims die hun geloof anders belijden."

Mbarki is namens de PvdA lid van de Amsterdamse gemeenteraad en was jarenlang docent en lid van het management van het Calvijn College, een vmbo-school in Nieuw-West. Hij is moslim, gaat vaak naar de moskee en kent de Marokkaanse gemeenschap goed.

De discussie in Nederland over salafisme in de Marokkaanse gemeenschap staat op scherp. Toen vorige week bekend werd dat salafisten een schoolgebouw in Rotterdam hebben gekocht, eiste de politiek direct opheldering. Kamerlid Ahmed Marcouch, die een verband ziet tussen salafisme en radicalisme, pleit al langer voor een verbod op deze fundamentalistische organisaties.

Veranderde toon
Ook in Amsterdam zijn salafisten in opkomst. Mbarki merkt dat de toon in de Amsterdamse moskee de afgelopen jaren is veranderd. Die is conservatiever geworden, fundamentalistischer en vooral minder gericht op integratie. Hij komt oud-leerlingen tegen die zijn gestopt met school, omdat ze zich meer willen richten op hun geloof. "Ze krijgen in sommige moskeeën te horen dat ze niet meer moeten stemmen in Nederland."

De opkomst van het salafisme krijgt te weinig aandacht van de Amsterdamse politiek en de Marokkaanse gemeenschap, vindt Mbarki. En dat baart hem zorgen. Hij ziet dat jongeren bestaande moskeeën overnemen of salafistische imams voordragen die de strenge leer verkondigen. Als dat niet lukt, stichten ze hun eigen fundamentalistische geloofsgemeenschap, desnoods aan huis. "Ze staan met de rug naar de Nederlandse samenleving."

Waarschuwing
Het is vijf voor twaalf, zegt Mbarki. Vooral als het gaat om de nieuwe generatie Marokkaanse jongeren, die nu opgroeit in Amsterdam. Hij wil een waarschuwing afgeven, aan de hand van zijn levensverhaal.

"Mijn vader is een bijzondere man. Hij kwam in de jaren zeventig naar Nederland en heeft tot zijn pensioen gewerkt in de horeca, onder meer in een eetcafé in de Spuistraat en later in een hotel aan de gracht. Hij is moslim, maar deed daar destijds niet veel aan. Dat was normaal voor zijn generatie. Die zag geloof vooral als iets cultureels. Maar ze hebben wel de basis gelegd voor de eerste moskeeën in de stad, en daarvoor verdienen ze respect."

Sofyan Mbarki, PvdA Beeld Rink Hof

Andere afslag
"Mijn moeder zorgde thuis voor ons, maar vooral mijn vader gaf ons een basis mee. Hij was erg beschermend. Niet vanwege zijn geloof, maar uit angst voor het onbekende. Van mijn zevende tot veertiende jaar ging ik naar de Koranschool. Daar legde ik mijn religieuze basis."

"In ons gezin van vijf kinderen, drie zonen en twee dochters, was ik de meest opstandige puber. Ik hing op straat, kwam met politie in aanraking. Mijn vader kwam naar de pleintjes om mij te halen. Toen hij een keer naar het bureau moest komen, keek hij mij vol teleurstelling aan. "Dit nooit meer," zei hij. Dat maakte indruk."

"Ik herken de kruispunten waarvoor veel Marokkaanse jongens staan. Ook ik ben op straat door een ronselaar aangemoedigd de jihad te voeren. Ook ik ging als puber op zoek naar mijn identiteit en verdiepte mij in de islam. Maar ik nam een andere afslag dan de Marokkaanse jongens die in de problemen komen of radicaliseren. Dat komt door de basis die mijn ouders mij gaven en de lessen op de Koranschool. Daardoor kon zo'n ronselaar mij niet intimideren."

"Mijn geloof maakt mij succesvoller, ik ben rustiger, doe vaker aan zelfreflectie. In mijn puberteit waren de preken in de moskee vooral instrumenteel: hoe moeten wij ons wassen voor gebed, dat soort praktische zaken. Ik wilde meer, ik wilde handvatten om overeind te blijven in de Nederlandse samenleving. Dus vormde ik clubjes met leeftijdgenoten en sloten we ons aan bij de jongerencommissie van de Badrmoskee in West, waar wij spraken over het geloof. Maar onze grondhouding was dat wij onderdeel zijn van de Nederlandse gemeenschap. Tijdens die gesprekken ben ik gevormd. Veel van die jongens zijn nog steeds mijn vrienden."

Gastarbeiders
"De sfeer in moskeeën is veranderd van een soort volksislam, die weliswaar behoudend was uit angst voor het onbekende, naar een meer fundamentalistische leer. Om dit te begrijpen is het belangrijk terug te gaan naar de tijd dat de eerste gastarbeiders naar Nederland kwamen. Turken namen hun instituties mee, hun imams en hun wetschool, die zorgt voor de wetenschappelijke basis onder de islam. Marokkanen kwamen zonder hun tradities en wetschool."

"In onze moskeeën kwamen dus al vrij snel predikers uit Syrië en Egypte, met hun leer uit het Midden-Oosten. Daar is de basis gelegd van het salafisme. Daar zijn nieuwe groeperingen bijgekomen, uit met name Saoedi-Arabië, die pretenderen de ware leer te verkondigen."

"Vooral jongeren, die net als ik in mijn puberteit op zoek zijn naar hun identiteit, zijn hier gevoelig voor. Ik moet salafisten een compliment maken. Ze weten jongeren erg goed te bereiken. Ze zijn conservatief in de leer, maar modern in hun pr. Daarmee hebben ze succes in Amsterdam."

Mbarki ziet, net als Marcouch, een verband tussen salafisme en radicalisme. "Ik geloof niet dat iedere salafist radicaal is, maar veel radicale jongeren geven wel aan salafist te zijn."
In een verbod ziet hij niets, dat zou ertoe leiden dat de strenggelovige jongeren zich nog meer terugtrekken op hun zolderkamer. "We moeten verbinden en met salafisten in gesprek gaan. We kunnen hen niet loslaten, ze zijn onze jongeren."

Suikerfeest
"Maar tegelijkertijd moeten we kritisch zijn, hen confronteren: diversiteit mag, onverdraagzaamheid niet. Met deze groepen valt heus te praten. Dat heb ik deze week op het Suikerfeest nog gedaan."

"Dit is een oproep aan de Marokkaanse gemeenschap, de moskeeën, maar ook op de gemeente. Burgemeester Van der Laan praat vooral met de Unie van Marokkaanse Moskeeën in Amsterdam en omstreken. Maar die vertegenwoordigt nauwelijks jongeren, laat staan salafisten. Het is belangrijk die wel aan tafel te krijgen. Nu zijn deze groepen de olifant in de kamer."

Salafisme

Salafisme is een verzamelnaam voor fundamentalistische stromingen binnen de islam, die pretenderen de 'zuivere islam' te vertegenwoordigen en strikte naleving van de Koran voorstaan. De leer wijst democratie principieel af en erkent geen wetgeving die niet van God is gegeven. De meeste salafisten in Nederland accepteren de democratie en rechtsorde wel.

Acuut probleem
Salafisme in Nederland groeit, blijkt uit rapportages van inlichtingendienst AIVD, die in 2010 juist nog stagnatie zag. 'Steeds meer moskeeën komen onder invloed van het salafisme te staan,' aldus de inlichtingendienst.

Net als Sofyan Mbarki is ook de Unie van Marokkaanse moskeeën in Amsterdam en omstreken (UMMAO) huiverig voor deze ontwikkeling, zegt voorzitter Mohamed Salihi. "Vooral jongeren belijden hun geloof vaker volgens het salafistische gedachtegoed. Ik zie het terug in hun gedrag en hun kleding."

Volgens Khalil Ait Blal, ondernemer en oud-woordvoerder van UMMAO, zijn de meeste moskeeën in Amsterdam veel meer salafistisch geïnspireerd dan we denken. "De veranderingen in de moskee gaan heel snel. Zo snel, dat ook ik moeite heb die bij te benen."
PvdA-Kamerlid Ahmed Marcouch is het met Mbarki eens dat politici dit 'acute probleem' onvoldoende onderkennen. "Salafisten infiltreren in moskeeën en drukken vervolgens hun stempel, vaak op een intimiderende manier."

Gesprekspartner
UMMAO is gesprekspartner van de gemeente. Salihi geeft aan het salafisme naar voren te hebben gebracht in gesprekken. "Maar ik vind dat dit vooral een zaak voor de moslimgemeenschap zelf."
Volgens hem zijn traditionele moskeeën niet goed in staat jongeren aan te trekken. "De salafistische beweging is daar veel beter in, onder meer op sociale media en internet. Als je via Google een vraag stelt over de islam, krijg je meestal het salafistische antwoord."

Ait Blal vindt, net als Mbarki, dat de overheid, dus ook de gemeente, in gesprek moet met salafistische organisaties. "We moeten verbinden."
In zijn ogen zijn de koepelorganisaties met wie de overheid nu spreekt, niet representatief. "De jonge generatie hecht niet zoveel waarde aan deze koepels."

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden