Plus

Maike Meijer: 'Naar Carice wíl je kijken, bij mij ga je toch even koffie zetten'

De huisarts zei tegen Maike Meijer (49) dat ze een burn-out had én in de overgang zat. 'Zo onsexy, zo stom.' Toch maakte ze een nieuw seizoen van Toren C, met haar muze Margôt Ros. 'Waren we maar lesbisch.'

'Producties waar je niet in wilt zitten, daar zat ik in' Beeld Linda Stulic

Een burn-out, geplande opnames werden uitgesteld, de toekomst van de serie was onzeker; dit seizoen van Toren C was geen gemakkelijk productie voor Maike Meijer en Margôt Ros.

Maar nu is de mist weer opgetrokken. Gelukkig maar, want voor Maike Meijer is Toren C het programma waar ze altijd van heeft gedroomd, en Margôt Ros de duopartner naar wie ze altijd op zoek is geweest. Ondanks de onrust die ze nou eenmaal eeuwig en altijd in zich heeft. Want eens in de zoveel jaar moet alles op de schop.

"Ik ben door die houding ook vaak best ver gekomen hoor. Als ik ergens mee klaar was, begon ik met wat anders. Omdat het niet ­opschoot."

"Twintig jaar geleden, als beginnend actrice, was het aan de orde van de dag. Ik dacht: godverdomme, wanneer belt Johan Simons mij nou eens! En dan: logisch, ik word gewoon filmactrice. Toen bleek het hoogst bereikbare een lijk in Baantjer te zijn. Na twee minuten was ik dood. Met als enige tekst: 'Aaaaaahhhhh!'"

Je hebt toch ook in de politieserie Luifel & Luifel gespeeld?
"Ja, dat was een hoogtepunt op televisie, hahahaha! Producties waar je niet in wilt zitten, daar zat ik in. Natuurlijk heb ik ook leuke dingen gedaan, vooral op het toneel. De Paardenkathedraal. Dingen met Dirk Tanghe. Theu Boermans. Ik heb met Carver meegedaan."

"Ik zei altijd: 'Als ik voor mijn veertigste bij Carver speel, is mijn leven qua carrière wel geslaagd.' Nou, dat is gelukt. Op mijn 39ste. Maar toch: het was allemaal een beetje schrapen. Een beetje net niet. Ik wist: er zit meer in, ik heb mijn plek nog niet gevonden. Er moet iets rigoureus gebeuren."

Wat dan?
"Ik wilde comedy schrijven. Kort gezegd: ik wilde de Nederlandse Jennifer Saunders zijn. Ik wist dat ik dat kón. Maar hoe kom je daar?! Het telefoonboek pakken en Margôt Ros opzoeken: 'Zullen we samen wat gaan doen?'"

Want je wist: zij kan mijn Dawn French worden?
"Toen wij elkaar zagen, was dat vrij snel duidelijk ja. Margôt is mijn muze. Echt."

Romantisch.
"Ja hè? Ik hou zo veel van die vrouw. Waren we maar lesbisch, dat zou het allemaal zo makkelijk maken! Maar we zijn allebei hartstikke hetero. Toen ik Margôt voor het eerst ontmoette, gewoon in de privésfeer, wist ik: dit is wat ze bedoelen met 1+1=3."

"Er kan iets ontstaan waardoor je de controle verliest, dát maakt jou beter. Dat is nodig voor comedy, voor schrijven. Ik geloof er heilig in dat je elkaar kapot moet kunnen tikken in een werkproces. En dat je daarin iets nieuws laat ontstaan. De grote kunstenaars kunnen dat in hun eentje."

"Ik heb een onmetelijke bewondering voor sommige schilders. Dat je voor zo'n doek staat en de tranen je in de ogen springen. Dat je weet: dít is wat ik zou willen zeggen, maar dat lukt mij niet."

Jij redt dat niet alleen?
"Nee. Dat moet met iemand anders. Maar hé: vind zo iemand maar eens."

Had je al eerder gedacht dat je iemand had gevonden met wie dat kon?
"Ja. Maar dat was niet zo."

Wie was dat dan?
"Vind ik lastig om te zeggen. Maar ik heb eerder samenwerkingen gezocht en die lukten niet. Het heeft met van alles te maken. Belangrijk: smaak. Je moet écht dezelfde smaak hebben."

"Ik kan de goorste grappen verzinnen en dan weet ik: er is ten minste één iemand die erom zal lachen. Margôt. En omgekeerd. Het schaamteloze. Maar óók: zoeken naar de schoonheid."

"Twee weken geleden waren we naar een voorstelling van Peeping Tom, Moeder. Zo'n onwaarschijnlijk goede voorstelling. Ik heb in jaren niet zoiets gezien. We kwamen er uit, konden alleen nog maar een soort van huilen, bij elkaar zitten, napraten, denken. Ook in dát gevoel, dat niet over de lach gaat, weten we elkaar te vinden."

Wanneer wist je: ik moet iets anders gaan doen dan wachten op serieuze toneelrollen?
"Ik herinner me het moment dat het ­genoeg was. Mijn oudste zoon was een jaar oud, ik zat aan die keukentafel, en ik dacht: ik ben hier klaar mee, ik moet schrijven, ik ga die vrouw bellen. Niet meer wachten bij de telefoon of ik eens voor een auditie word ­uitgenodigd. Want die audities: ik werd het nooit! Nooit!"

"Ik ben over sommige dingen die ik op het toneel heb gedaan heus tevreden, maar als ik voor een filmauditie bijvoorbeeld moest doen of ik peinzend over de velden aan het kijken was, mijn leven overdenkend - bij Nederlandse films moet er altijd veel peinzend over velden worden gekeken - ziet dat er bij mij dus uit als pure paniek. Terwijl ik bij Toren C álles kan aanboren. Ik doe nu ook helemaal geen audities meer. Ik zeg: 'Kijk naar m'n serie. Als je het wat vindt, hoor ik het wel!'"

Je werd toch altijd nummer 2?
"Nummer 28! En áls ik het werd, was ik heel snel dood in de film."

Hoe kan dat?
"Tja. Ik heb een keer de zus van Carice van Houten gespeeld in een film, De Gelukkige Huisvrouw. Zaten we naast elkaar, de ­cameraman is mij aan het volgen, en je voelt gewoon: ook al ben ík aan het praten, hij wil naar háár toe! Het heeft niets met mijn uiterlijk te maken, het is een soort godsgeschenk als de camera..."

"Marcello Mastroianni! Is voor mij het ultieme voorbeeld. Hij doet gewoon niks. Hij is gewoon een luie flikker! Zit daar maar, in die Fellinifilms, een beetje op zijn reet, en ik zit er met open mond naar te kijken. Die camera wíl die man. Dat is gewoon erotiek. Dat is sensualiteit. Mannen, vrouwen, iedereen wil 'm opvreten. James Dean, ook zoiets. Ik ben een ouwe lul, dus ik noem nu wat ouwe lullen. Carice heeft dat ook, je wíl naar die vrouw kijken. Bij mij ga je toch even koffie zetten."

'Ik geloof er heilig in dat je elkaar kapot moet kunnen tikken in een werkproces' Beeld Linda Stulic

Over al je vorige rollen kan ik niet oordelen, maar bij Toren C heb je dat wel.
"Ja? Dankjewel. Zie je, ik ga mezelf weer helemaal zitten afmaken. Ik moet dat ook niet doen."

Het kan toch ook zijn dat je je vorm nog niet helemaal gevonden had, maar nu wel?
"Jaja, dat klopt. Mijn talent, mijn vermogen zit in de comedyhoek. Ik ontdekte dat ik een maker ben. Je moet mij dingen laten schrijven en creëren."

Die onrust, dat ongeduld, heb je dat altijd een beetje?
"Ja... Wel veel eigenlijk. Ook in het weekend bijvoorbeeld, dan weet ik nooit zo goed hoe het allemaal moet. Dan zit je met je gezin en je wilt iets leuks doen. De kinderen zijn inmiddels zo oud dat ze hun eigen ding doen, maar ik moet er toch voor ze zijn - wat moet ík dan doen?! Ik raak daarvan in een soort paniek. Altijd knaagt er iets in mij: er móet iets met deze dag, hij mag niet zomaar voorbijgaan, wat gaan we DOEN? Praktisch, doenerig en ondernemend ben ik. Vermoeiend voor mijn familie, vooral voor mijn man."

Er moet iets gepland worden?
"Nee, niet plannen! Daar ben ik dan ook weer niet zo goed in. Maar mensen, er móet iets gebeuren. Mijn ideaalbeeld is dat ik een moeder ben die zo'n heel weekend voorbereidt, allemaal leuke dingen doet met de ­kinderen, ondertussen goede gesprekken voert, en dat je dan ook tijd inplant voor de krant lezen. Heel evenwichtig. Is het dus nooit bij mij. Het is allemaal een beetje... ­projectielkotsen. Als een striptekening van Hein de Kort, zo zie ik ons weekend. Ik ben een controlfreak, maar ik heb geen controle. Dat is het probleem."

En daar sleep je je hele gezin in mee.
"Ja. Maar ze krijgen toch zakgeld? Hahaha!"

Je bent twintig jaar samen met je man, is hij inmiddels aan je gewend?
"Ja. Maar we hebben ook ruzies, hoor. ­Relaties, strontmoeilijk. Maar ik ben heel erg trouw in de liefde."

Waarom?
"Ik kom uit een hippienest, mijn ouders waren van de vrije liefde. Mijn vader had vriendinnen, mijn moeder vriendjes. Allemaal openlijk. Ik leerde tellen van de minnares van mijn vader. Maar wat ik bij mijn ­ouders heb gezien, was geen feest. Ze zijn er goed uitgekomen, want ze zijn tot op de dag van vandaag bij elkaar, maar het slagveld in onze vriendenkring was enorm. Het ene na het andere huwelijk ging eraan."

"Ik heb een heerlijke kindertijd gehad - warm, gezellig, vakanties - maar het verdriet heb ik ook gevoeld. Vooral bij mijn moeder. Jaloezie, afwijzing, gedoe, terwijl je moet doen of het allemaal reuzeleuk is. Mijn broer kijkt er misschien heel anders tegenaan, maar bij mij heeft het geresulteerd in: niet blowen, weinig drinken, trouw zijn. Zo zit ik in elkaar. Ik geloof niet in seksuele vrijheid. Nul komma nul. Voor míj dan hè?"

Je wordt ook nooit verliefd op iemand anders?
"Nee. In dat gebied kom ik gewoon niet, want ik moet er niet aan denken. Het zal voor veel mensen heus goed zijn hoor, om vreemd te gaan of uit elkaar te gaan, maar ik wil het gewoon niet. En daarom laat ik het niet toe. Het is voor mij meteen gekoppeld aan het woord 'schade' en daar begin ik niet aan."

Maar toch heb je onrust in je.
"Maar thuis moet het juist heel blijven. En als ik het niet leuk vind, zeg ik het wel hoor: hé gast, moeten wij niet weer eens aan de slag met elkaar? En dat vindt hij dan ook. Gaan we weer leuke dingen doen, samen, al die clichés van quality time en zo. Of we zoeken hulp. Zo gaat het lekker van ploeter-de-ploeter, in het leven."

Het laatste seizoen van Toren C kwam later dan verwacht, omdat jij het tijdelijk rustig aan hebt gedaan.
"Margôt en ik hebben altijd een schrijfhok, steeds op andere plekken in de stad. Ik fietste daar altijd met veel plezier naartoe. Maar op een gegeven moment merkte ik dat ik dacht: wat moet ik vandáág nou weer gaan opschrijven? Altijd had ik maar ideeën in mijn mobiel zitten kletsen, ineens voelde het als druk. Dus ik kwam dat kantoortje in, ging achter mijn computer zitten en begon te zweten. De ochtend ging voorbij, ik raakte steeds meer in paniek. Godverdomme, ik loop vast."

"Ik ken dat donkere gevoel van mezelf, heb ik vaker gehad, dan trek ik naar iets zwarts toe. Er zit iemand in de hoek die zegt: kom maar hier vrouwtje, want je kunt eigenlijk tóch niks. Dat is het oude monster dat altijd bij mij op de loer ligt. Normaal kan ik het pareren: 'Hé Frans, ga jij eens lekker in die hoek zitten! Jij bent straks pas aan de beurt!' - maar nu kon ik er niks mee. En maar zweten. En maar naar de wc."

"Dagenlang heb ik er maar niks over gezegd tegen Margôt - terwijl die vrouw álles van mij kan hebben - en toen ik het toch eenmaal zei, heeft zij geopperd dat ik gewoon eens even helemaal niets zou moeten doen. 'Jij gaat eens even lekker naar kunst kijken. Jij gaat Family guy kijken. Gummbahs teruglezen. Ik zie je wel weer.'"

'Àls ik het werd, was ik heel snel dood in de film' Beeld Linda Stulic

En toen?
"Van de huisarts kreeg ik te horen dat ik een burn-out had én dat ik in de overgang zat. Poing! Jezus Christus! Zo onsexy, zo stom. Flikker toch een eind op man, nee! Die kreeg ik er ook zomaar nog even bij. Binnen twee weken zat ik bij onze producent. Volgens mij gaan wij het niet redden om in mei te gaan draaien, zei hij. Maar dan zijn er dus wel dertig man die daar rekening mee hielden en nu moesten worden afgebeld."

Hoe voelde je je?
"Ik vond alles zó waardeloos. Het was alsof ik alles vanonder een stolp bekeek; alsof er een stuk glas tussen mij en de wereld stond. Al het geluid klonk ook dof. Ik heb nooit een depressie gehad, maar in mijn ­familie komt het veel voor en ik voelde dat ik in de buurt kwam."

"Gelukkig waren Margôt en onze producent bereid alles om mij heen af te fikken. Ik durfde dat niet. Ik zat maar te denken: verantwoordelijkheid! Door! Het is ­belangrijk als mensen om je heen dan zeggen dat je werk totaal onbelangrijk is. En dat je even normaal moet doen. Ik ben naar musea gegaan. Gaan lezen over kunst. Kunst kopen."

Heb je altijd al gehad dat kunst troost biedt?
"Ja. Het hoogst haalbare is dat je voor zo'n doek staat, of naar een voorstelling gaat, en je afvraagt: wat is het toch, dat ik zo geraakt word? Een logische uitleg is er niet. Je staat ernaar te kijken en je gezicht zit ineens onder de tranen. Of je begint verschrikkelijk te lachen. Het is kortsluiting: iets logisch raakt iets onlogisch en er gebeurt wat. Niemand kan het verklaren."

Ging je op zoek naar de essentie van creativiteit?
"Niet bewust, maar ja, natuurlijk! Heb ik ­altijd gehad: ik moet me optrekken aan helden."

Wanneer kon je het weer aan, zelf dingen maken?
"Mei vorig jaar. Ik ging weer naar kantoor om te schrijven. Heel rustig begon ik. Nu zit ik weer vol ideeën, ik wil weer dit-en-dit-en-dit-en-dit."

Ben je ook een beetje een hyper iemand?
"Vind jij dat? Misschien komt het doordat ik nu een glas wijn op heb? Ik heb ooit één trekje van een joint genomen, toen dachten de mensen dat ik coke had gesnoven. Misschien word ik onrustig van middelen waar andere mensen juist sloom van worden?"

'Van de huisarts kreeg ik te horen dat ik een burn-out had én dat ik in de overgang zat' Beeld Linda Stulic

Misschien moet je coke gaan snuiven om rustig te worden.
"Never. Ik zou het niet durven. Echt, ik ben daar te angstig voor. Doodsbang om de controle over mezelf te verliezen. Is ook wel goed, in mijn geval, want als ik denk: ik val met die fiets, vál ik met die fiets. Als ik denk dat ik een been ga breken bij het skiën, breek ik een been. Vorig jaar op de ­Veluwe, met de kinderen: 'Kijk nou toch ­godverdomme uit jongens, er liggen hier allemaal bladeren!' En boem, ik lig op mijn bek. Serieus gebeurd. Iedereen lag dubbel."

Was je bang dat je niet meer op gang zou komen toen je die dip had?
"Ja. Maar ik heb hulp gezocht. Ik ben naar Beppie Melissen gegaan. En naar Kees van Kooten. Oneindig creatieve geesten, mensen die ik bewonder. Kees had ik nog nooit ontmoet. Mijn broer zei: 'Dan bel je hem toch op?!' Nou, toen mocht ik met hem koffiedrinken. Een eer. We hebben het gehad over de eenvoud van weer beginnen. Je ziet een glas en je gaat erover schrijven. Hij pakte zijn Moleskineboekje en begon dat letterlijk te doen, daar, in dat café."

"Drie weken erna ben ik in de tuin aan het werken, zie ik een man aankomen op een fiets. Ik denk: fok, het is Kees. Komt ie een boekje brengen. Dat heeft me allemaal zó goed gedaan, dat soort dingen."

"En nu klinkt het allemaal of ik zulke erge dingen heb meegemaakt, dat is niet zo, maar voor mij was die burn-out een aard­verschuiving. Maar die shit is nu achter de rug - we gaan een film maken, er komt een nieuwe serie Toren C, we gaan het toneel op. Kom maar op met het leven."

"Kijk, vanochtend zat mijn zoon allemaal vragen te stellen aan Siri, op mijn iPhone. Ik zeg dat ie moet vragen: 'Wat is de zin van het leven?' Zegt Siri: 'Dat weet ik niet. Misschien is daar een app voor.' Nou, daar ga je; alwéér een scène."

Maike Meijer

29 april 1967, Nijmegen

1992
Toneelacademie Maastricht

Henriëtte ­Hustinxprijs voor Meest ­Veelbelovende Student

1992-2008
Paarden­kathedraal, het Nationale Toneel, Carver, De Trust

2008-nu
Toren C

2009
Lira Scenario­prijs

2011
Beeld en Geluid Award

2013-nu
Reclamecampagne Jumbo

Maike Meijer woont in Amsterdam. Ze is getrouwd en heeft twee zonen van 16 en 11.

'Ik kom uit een hippienest, mijn ouders waren van de vrije liefde' Beeld -
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden