Review

Maarten van Buuren - Kikker gaat fietsen!

Soms laat je een boek lang liggen om het later toch in één ruk uit te lezen. Dan stond de eerste alinea je niet aan, of de kop van de schrijver op de achterflap, of beviel het onderwerp je niet. Het laatste overkwam mij bij Kikker gaat fietsen!, want na die uitbundige titel komt: of over het leed dat leven heet en bij nadere inspectie gaat het boek over depressie. Mij niet gezien. Een lichte huiver weerhield me ervan het te lezen.

Maar het was een heel ander boek dan je bij zo'n onderwerp zou denken. De schrijver is wars van het vage, op effectbejag gerichte tranentrekkende emoproza waarin we van de televisie over enge ziekten hebben leren denken en praten. Hij probeert zo precies en concreet mogelijk te zijn, ontleedt de ziekte in alle vertakkingen en mogelijke oorzaken, spaart zichzelf daarbij (neem ik aan) niet en houdt zijn toon licht, ook in het diepste der diepten.

Want daarvan weet hij je wél te doordringen: depressie is niet een aandoening van mensen die wel eens 'somber' zijn of 'depressief', het is de totale afbraak van het leven, een zwarte zon boven een geblakerd landschap. Niet alleen kun je niets meer, je wilt ook niets meer.

Van Buuren was net vijftig en een succesvol wetenschapper toen hij ten prooi viel (zo mag je dat wel zeggen) aan depressie. Hij was hoogleraar moderne Franse letterkunde en op dat terrein ook een geslaagd entrepreneur, medewerker van opiniebladen, veelgeprezen essayist. En een gedreven sporter. Als hij in Utrecht onder de klok in de Biltstraat doorreed, moest hij wel zo hard fietsen dat hij binnen twee uur terug was van zijn rondje van zestig kilometer.

Maar dan staat ineens alles stil. Hij kan niets meer, behalve fietsen, en ziet van niets meer de zin. Aan de hand van lange tochten over het Groningse platteland analyseert hij in het moeilijkste hoofdstuk van het boek hoe de depressie ook de waarneming en herinnering ontwricht. Het landschap dat hem nu omringt, is het best beschreven door Samuel Beckett in Eindspel: 'Helder zwart. In het hele universum.'

Dan neemt hij ons mee naar zijn gereformeerde jeugd in Maassluis, met zijn patriarchale grootvader, nerveuze vader en alcoholische (achteraf vermoedelijk depressieve) moeder, zonder dat hij zijn ziekte gemakzuchtig toeschrijft aan de druk van dat calvinistische milieu. We gaan ook met hem naar één van de schaarse sociale verplichtingen die hij nog nakomt: een diner ten paleize op de Dam ter ere van president Chirac, waar hij een geestige beschrijving aan wijdt.

Nam Van Buuren zich vanaf het begin van zijn ziekte voor alles te onthouden (opschrijven lijkt ondenkbaar in die conditie) wat hem overkwam? Het heeft er de schijn van, anders was deze reconstructie onmogelijk geweest. Waarom deed hij dat? Op pagina 230 staat de ontknoping. Hij behandelt in dat hoofdstuk depressieve schrijvers als Sartre, Baudelaire en Cioran en vraagt zich af waarom laatstgenoemde, die zelfmoord steeds beschrijft als de enige weg uit de ellende, nooit tot de daad overgaat. 'Maar het antwoord ligt voor mijn neus. Hij ontsnapt eraan omdat hij erover schrijft. Hij ontsnapt aan het Niets door de woorden waarin hij over dat Niets schrijft. Dat is de reden waarom ik mijn somberheid hier in alle details en om zo te zeggen in geuren en kleuren beschrijf.' (JOHN JANSEN VAN GALEN)

Maarten van Buuren - Kikker gaat fietsen!
Lemniscaat, 19,50

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden