Licht in zaak Van Maurik

AMSTERDAM- Justitie in Amsterdam heeft twee mannen aangehouden die ervan worden verdacht vijftien jaar geleden de geruchtmakende moord op sportschoolhouder Tonnie van Maurik te hebben gepleegd. De aanhouding vloeit voort uit verklaringen van Peter la Serpe, kroongetuige van justitie in een reeks moordzaken.

Beide verdachten, de 39-jarige Freek S. en de even oude Nampaul de B., zitten al drie maanden vast, maar justitie heeft hun arrestatie steeds stilgehouden. Hun advocaten spreken van 'opgeklopte poeha'. ''Die La Serpe is aantoonbaar onbetrouwbaar,'' aldus Pelle Tuinenburg, raadsman van Freek S. ''Op die verklaring worden deze mannen niet veroordeeld.''

Tonnie van Maurik, (mede)eigenaar van een sportschool op de Oudezijds Voorburgwal, werd in de avond van 19 april 1993 door het hoofd geschoten terwijl hij in zijn auto zat op het parkeerterrein van het Altea Hotel aan de Joan Muyskenweg in Duivendrecht (nu Mercure Hotel). Getuigen zagen twee mannen weghollen.

Politie en justitie ontwikkelden een aantal theorieën. Zo zou Van Maurik betrokken zijn geweest bij pogingen gestolen obligaties (met een papieren waarde van circa dertig miljoen gulden) te verzilveren. De meeste waarde hechtte de recherche aan de theorie dat Pinny S., een prostituee uit de Stoofsteeg, achter de moord zat. Zij had aanvankelijk een verhouding met Van Maurik, maar de sportschoolhouder zou haar zijn gaan afpersen.

Uiteindelijk zou S. op zoek zijn gegaan naar huurmoordenaars. In eerste instantie benaderde zij Geurt Roos, ex-bodyguard van maffiabaas Klaas Bruinsma, maar ze ving bij hem bot. Daarna zou zij Mohamed 'Moppie' R. hebben benaderd. Getuigen herkenden Moppie bovendien van een compositietekening.

Drie maanden na de moord werden derhalve Moppie en zijn jeugdvriend Jesse R. opgepakt als uitvoerders van de liquidatie. Niet lang daarna moest justitie het duo weer vrijlaten wegens gebrek aan bewijs.

Sindsdien lag het onderzoek stil, totdat Peter la Serpe S. en De B. vorig jaar begon te beschuldigen in verklaringen bij justitie. In het geval van Freek S. is daar nog een analyse bijgekomen van oude gegevens van zijn mobiele telefoon.
In het onderzoek naar de moord dook in 1993 al een mobiele telefoon op. Die stond op naam van S. Destijds is echter ook al vastgesteld dat S. die telefoon niet feitelijk in gebruik had, maar dat Jesse R. en 'Moppie' R. erover beschikten, met name Jesse R. ''De telefoongegevens waarmee justitie nu komt, brengen mijn cliënt niet in verband met die liquidatie,'' aldus advocaat Tuinenburg.

De twee verdachten Freek S. en Nampaul de B. moeten volgende week voor de rechter verschijnen. Tuinenburg verwacht dat ook de rechtbank uiteindelijk zal oordelen dat er te weinig bewijs is om de twee verder te vervolgen. ''Justitie moet nu nog even de schijn ophouden dat ze iets hebben, maar Peter la Serpe heeft alles van horen zeggen en hij haalt alles aantoonbaar door elkaar.''

Freek S. wordt er ook van verdacht dat hij begin dit jaar ruim twee kilo van het explosieve semtex in bezit heeft gehad. (BART MIDDELBURG)

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden