Paradiso-blog

Lees terug: de mooiste herinneringen uit 50 jaar Paradiso

Naar aanleiding van 50 jaar Paradiso verzamelt Het Parool herinneringen aan het poppodium. Wat was jouw meest gedenkwaardige bezoek? Stuur je verhaal, eventueel met foto/video, naar nieuwsdienst@parool.nl.

Beeld anp

3 april 2018, 12:16

In de kleedkamer met Splodgenessabounds

Een van de mooiste songteksten aller tijden is die van Two Pints Of Lager And A Packet Of Crisps Please van de Engelse pretpunkformatie Splodgenessabounds. Het nummer appelleert aan de grootste angst van iedere kroegbezoeker, namelijk dat hij of zij simpelweg zijn bestelling niet geplaatst krijgt.

In 1982 speelde Splodgenessabounds tweemaal in Amsterdam. In het najaar in De Schuilkelder, het punkhol onder kraakpand De Groote Keijser (een optreden dat de voorpagina van Het Parool haalde omdat het werd ontsierd door skinheads die de verkiezingsoverwinning van de Centrumpartij kwamen vieren) en in het voorjaar zowaar in Paradiso.

Voorafgaand aan dat concert ontmoette ik de bandleden in, waar anders, de Engelse pub in de Korte Leidsedwarsstraat en van daaruit liep ik gewoon met hen mee naar de hoofdstedelijke poptempel, de zaal door, de trap af en de kleedkamer in. Niemand van Paradiso die daarbij vragen stelde.

Van die kleedkamer herinner ik me een koelkast vol gratis bier en een tafel waarop sneetjes brood met zalmsalade lagen (maar het kan ook Heinz sandwichspread zijn geweest). Met dat brood en dat beleg werd uiteraard flink gegooid.

Na afloop van het optreden ging er ook nog witte wijn rond. Althans, zo leek het. Ik prijs me nog altijd gelukkig dat ik op tijd zag dat het geen sauvignon blanc was, maar dat zanger Max Splodge de fles had volgepist.

Ja, mensen: punk!

Michiel Blijboom

3 april 2018, 6:47

'Bekers met het dna van Bowie'

David Bowie met Tin Machine, 24 juni 1989. Slechts 400 mensen mochten er bij zijn. Vooraf moest je een ansichtkaart opsturen en werden uit de duizenden kaarten door een notaris de ‘uitverkorenen’ getrokken. Ik zat erbij!

Voor de deur van Paradiso stonden duizenden mensen die wel 200 gulden voor mijn kaartje boden. Om die massa weg te krijgen werd met spoed, voor het allereerst, een videoscherm op het Museumplein geplaatst.

Ik stond in de punt op het eerste balkon vlak boven het podium. David Bowie kwam op met zijn Tin Machine. Ze zagen eruit als beursmannen, strak in het pak en ik was eigenlijk een beetje teleurgesteld en stond met mijn armen over elkaar vies naar het podium te kijken.

Bowie zag mijn stramme houding, liep met zijn gitaar tot onder mijn balkon en bracht een serenade net zolang tot ik mij ontspande, mijn armen los liet en glimlachte. Ik was ontdooid en het werd een weergaloze avond.

Tussen de nummers dronk Bowie water uit milkshakebekers die op het podium klaar stonden.

Na afloop bleef ik nog nagenieten op mijn balkonplek terwijl de zaal leegstroomde. Op een gegeven moment kwam zijn crew het podium op en ontkoppelde het instrumentarium.

Ik bleef kijken en riep naar een van hen mij de bekers van Bowie aan te reiken. Hij pakte de bekers en strekte zijn arm naar boven. Ik hing over de balustrade om ze aan te pakken, maar kon zijn hand niet bereiken. Nog verder hing ik over de balustrade en eindelijk kon ik erbij, maar de man lachte naar me en trok plagerig de bekers terug. Toen zag ik dat mijn luchtige zomerjurk door de zwaartekracht mijn borsten vrij liet vieren. Jammer dan, ik noem het een bedrijfsongeval (bovendien was ik nog maar 38 jaar en hoefde me er niet voor te schamen).

Ik had de bekers met Bowie’s dna! Ze staan al jaren braaf op mijn nachtkastje. Trots.

Thea Laffra

De bekers van Bowie Beeld Thea Laffra

2 april 2018, 16:36

Koude kermis in een kille kerk

Paradiso heeft een grote naam, maar ik haat de kille sfeer in die kerk. Ik hou van harde rock, maar in gemoedelijkheid, meer zoals je in de Melkweg hebt.

Toen ik Paradiso leerde kennen, 1977, was het een open inrichting met een leiding zonder merkbare interesse in morele onderwerpen. Het publiek was moeilijk, de artiesten zochten oproer, en de organisatie loste alles op door weg te kijken.

De bar werd bemand door prikkelbare, snuivende narcisten, de Hells Angels namen de macht tijdens concerten, en ook de 'rockdichter' en drummer die toen de hoofdportier was, Ton Lebbink, was geen vredestichtende cultuurdrager, met zijn vechtlustige entourage van randgroepjongeren ('Kinkerjeugd').

Het was na een optreden van de Runaways, 1978, waarbij de roadies de toon zetten door degenen die het podium opklommen er met trappen in buik en borst vanaf te schoppen.

Een klein gezelschap zat na in de bovenbar, kleine zaal. De portiers kwamen sluitingstijd afroepen en men nam zijn gang naar buiten. Een magere jongen met lang haar waggelde voor mij de brede marmeren trap af naar de hal, hij was zo te zien dronken, hij was alleen. Hij kreeg het bevel sneller door te lopen, en pruttelde toen wat, onverstaanbaar, verwaarloosbaar.

Dat was niet naar de zin van de heer Lebbink, die met een gebaar van zijn zwart gehandschoende rechterhand zijn vechthond op hem afstuurde. Deze, lange, tanige blonde man, met bomberjack, zonnebril en zwarte leren handschoentjes, haalde meteen vol uit.

Een getrainde hoek, de studentikoze hippie ging neer als een blok, de ´portier´ trapte hem nog. Ik protesteerde, vanaf de trap. Dus wachtten ze tot ik beneden was, begeleidden me door de zijdeur naar buiten, en daar kreeg ik van de blonde portier onverwacht een uithaal midden in mijn gezicht, en trappen.

Ik lag op een net gemetselde vloertje op de verhoging voor de deur. Er stonden nog stapeltjes verse bakstenen, en de portier pakte een baksteen van een stapeltje en hief die om zijn werk van de avond af te ronden.

Toen praatte ik op hem in, en zei de achter hem toe loerende Lebbink zijn verantwoordelijkheid te nemen. Ik noemde de hoofdportier bij zijn naam, want ik kende hem wel, hij was in kleine kring een publieke figuur.

Met een knik en een gebaar en een grom - ´laat maar..´ - gaf Lebbink de instructie, en de portier liet zijn baksteen vallen.

De tandarts heeft mijn voortanden goed bijgevijld, maar toch denk ik nog vaak aan dit optreden.

De Runaways - het was kunst - vind ik na al die jaren nog steeds een opbeurend fenomeen, Lita Ford was een goede gitariste en Joan Jett bij vlagen een echte rockster. Ik hoor haar single I Love Rock 'N' Roll nog geregeld op de radio, en heb 'm zelf ook.

Fred van Essen, 61 jaar, Amsterdam

1 april 2018, 19:39

'Ik schop ze zo over het balkon hoor'

Van de eerste keer naar Paradiso weet ik niet eens meer welk concert het was. Elk bezoek was voor mij een onderneming en een belevenis. Het begon er al mee dat het in mijn rolstoel vanaf CS te ver was terwijl tram en bus niet toegankelijk waren. Dus met de auto, maar raak die maar eens kwijt.

De eerste keer was ook de entree een verrassing: ik had nooit verwacht dat je met een rolstoel het gebouw niet in kon. Na een vraag aan deze en gene vormde zich direct een groepje dat mij met vereende krachten de trap op tilde.

Dat hebben we nog vaak herhaald. Op een dag bleek er zo waar een hellingbaan aangelegd. Dat maakte het binnenkomen wel makkelijker, maar ik werd niet meer geacht door de hoofdingang naar binnen te gaan. Het automatisme waarmee je als rolstoeler uit het zicht wordt gemanoeuvreerd en naar een zijingang wordt gedirigeerd zal zelfs de organisatie van Paradiso niet zijn opgevallen.

Binnen was het nooit een probleem om op het balkon te komen. Als de sleutel van de lift kwijt was dan waren er altijd wel bezoekers en personeel om je naar boven te tillen. De verbroedering bij van een concert blijft altijd weer verbazen.

Soms ging dat wel erg ver. Mijn broer wilde naar punkband UK Subs toe om deze helden uit zijn jeugd nog eens te zien en ik ging ook mee. Ik zat wat achteraf op het balkon, vrijwel in het midden. Het voorprogramma was beroerd: de muziek kon niemand bijzonder boeien en dat het geluid bar slecht was afgesteld wilde ook niet echt helpen.

Naast mij zat een groepje in vesten van een chapter van een motorgang. Een van hen liet zijn oog op mij vallen en vroeg of ik ook een biertje wilde. Nou, graag. Dat scheelde mij weer het gedoe om het gedrang voor de bar te trotseren.

Ik kreeg een biertje van hem en hij knikte naar een paar jongens die voor mij zaten.

“Die zitten wel in de weg, hé?”

Ik vond het wel meevallen en het voorprogramma was toch niet veel soeps.

“Als je er last van hebt dan doe ik er wat aan,” zo bood hij aan. Ik herhaalde nog een keer dat dat echt niet nodig was.

“Nou, ik schop ze zo over het hek van het balkon en je ziet ze niet meer terug,” drong hij nog een keer aan. Het beeld van deze vier magere kereltjes die op de vloer beneden zouden kwakken trok mij niet echt aan. Daarbij kwam dan ook nog dat ik in de vechtpartij die daarop ongetwijfeld zou volgen ik nooit op tijd weg zou kunnen komen.

Hij maakte zich al wat breder en groter en zette al een stap in hun richting. Dit kon wel eens heel vervelend aflopen voor het viertal. Tegen deze kennelijk getrainde vechter die zat te springen om een verzetje, waren ze nooit opgewassen. Zeker niet als ook zijn vrienden zich er mee gingen bemoeien.

“Nee, het hoeft echt niet,” herhaalde ik nog een keer en door langer op hem in te praten kalmeerde hij weer. Ik zag de adrenaline in zijn ogen zakken en hij ging terug naar zijn groepje. Hij draaide zich nog eens naar mij om: ”Als ze vervelend worden moet je mij echt roepen hoor!”. Natuurlijk beloofde ik dat te doen.

Even later was het viertal verdwenen en begon het hoofdprogramma. Ik keek rond om te zien of ze veilig beneden in de zaal waren gekomen Al gauw verschenen ze in beeld. Ze stonden als begeleidende bandleden op het podium.

Die avond was bijna de laatste van hun tournee geweest. Ze hebben nooit geweten dat ze toen door het oog van de naald zijn gegaan.

Almer Regter, 53 jaar

31 maart 2018, 13:00

'Nooit meer op dat feest gekomen'

In mijn studietijd in Utrecht als twintiger kind aan huis in Paradiso. Mijn broer Fedde woonde in Amsterdam, dus een slaapplaats was er altijd. Samen met hem vele concerten in Paradiso bezocht, tot op de dag van vandaag.

Eén concert dat ik nooit zal vergeten was het optreden van de Red Hot Chili Peppers, in 1990. Samen met mijn broer en mijn toenmalige vriendje gingen we uit ons dak.

Pogoën hoorde er bij, lachen om gekke Flea ook. Na de toegift zo hoog mogelijk springen om de drumstokken te pakken te krijgen. Spaarde een ander plectrums, wij wilden de stokken. En ja hoor: we hadden ze!

Toen ik zag dat de roadies wat meisjes achter het podium toelieten, riep ik er eentje en vroeg of wij ook mochten. Het mocht. Wij het podium opgeklommen en meegelopen naar achteren, de kleedkamer in.

Mijn broer, zelf drummer, vloog naar de drummer om met hem te kletsen. Ik bleef wat schaapachtig om me heen staan kijken. Wat moet je zeggen? Mooi concert, kwam er nog net uit. De drumstokken laten signeren door alle bandleden was een goed idee.

Na een tijdje werd er gezegd dat er een feestje was bij HankyPanky (tatoeëerder Henk Schiffmacher), de band vertrok en iedereen mocht mee. Ook wij. Maar ho even: het was best koud buiten en onze jassen hingen in de garderobe. Die moesten we eerst even gaan halen.

Stom, stommer, stomst. Natuurlijk nooit meer op dat feest gekomen. Later die nacht hebben we het adres van HankyPanky nog opgezocht in het telefoonboek, zouden we alsnog binnen kunnen komen? We hebben het bij de backstageherinnering gelaten.

Af en toe denk ik met wat spijt terug, maar vooral herinner ik me de lol van die avond en dat we toch maar mooi de bandleden de hand geschud hadden.

Esther Monsma

31 maart 2018, 9:41

Hasjlucht en Wim van Lakwijk als God

Op 1 en 2 februari 1977 speelde het tegenover gelegen Barlaeus Gymnasium de Ark van Noah van Benjamin Britten in Paradiso. Ik zat als tweedeklasser in het orkest onder leiding van Arnold van Akkeren bij het slagwerk.

Tijdens de pauzes van de repetities dwaalden we overdag door het gebouw en kwamen in de half donkere kelder terecht, waar het, ik moet het eerlijk zeggen, heerlijk en alles overheersend naar hasj rook.

Achter diverse tafeltjes werden kleine, platte blokjes hasj verkocht, waar we aan mochten ruiken. Ik vraag mij af of dat daar nog steeds gebeurt.

Van de voorstelling herinner ik me dat Wim Boswinkel, journalist bij de NRC en vader van mijn goede vriend Jan, met verve Noah speelde en onze toen al legendarische leraar Latijn en Grieks, Wim van Lakwijk, God.

Vanaf de galerij klonk zijn onversterkte, zware basstem door de grote zaal, alsof het inderdaad God zelf was. Maar ook de grootse inscheping van de bijna oneindige rij mannetjes en vrouwtjes dieren, gespeeld door eersteklassers, is op mijn netvlies gebrand.

Het affiche voor de voorstellingen was ontworpen en met de hand gedrukt door mijn oudere broer Felix, zoals hij elk jaar voor de schoolvoorstelling deed. Zijn initialen staan onderaan het affiche: ff.

Guido Frankfurther, 55 jaar, Amsterdam

Het affiche voor de voorstelling Beeld Guido Frankfurther

31 maart 2018, 7:37

'Ik begon te geloven in ons succes'

Vastgoedondernemer Jan 't Hoen, die de band Wild Romance heroprichtte en zelf achter de drums kroop, heeft mooie herinneringen aan het eerste optreden in Paradiso:

Een overgetelijk avond. Spelen in Paradiso! Het was mijn eerste keer met Romanza Brava (spaans voor Wild Romance). Een mooi optreden samen met Dany Lademacher. Er is gefilmd maar dat zit helaas niet in de documentaire van Teus van Sintmaartensdijk over mij en de band.

De afgelopen vijf jaar hebben we een aantal maal in Paradiso gespeeld. Ook een met avond in de zomer van 2013 samen met Eric Burdon and The Animals.

We zijn nog tot laat op stap geweest met Eric Burdon en zijn bandleden. Die avond begon ik te geloven in ons succes.

Niet lang daarna heb ik samen met Dany Lademacher de naam weer omgedoopt van Romanza Brava in Wild Romance.

Gefeliciteerd Paradiso, namens alle leden van de Wild Romance.

Jan 't Hoen

Jan 't Hoen achter zijn drumstel tijdens de souncheck Beeld Jan 't Hoen

30 maart 2018, 17:47

Dé foto van Amy Winehouse

Het was Februari 2007 en ik was 19 jaar. Het album ’Back to Black’ van Amy Winehouse was net een paar maanden uit.

Ik volgde Amy al sinds 2003 en had haar een paar jaar eerder live gezien in Rotterdam. Het album Back to Black maakte grote indruk op mij en moest en zou haar dus in Paradiso zien. In die tijd maakte ik ook foto’s voor online hiphop website statemagazine.nl en die stuurde mij daar met mijn camera op af.

Ik stond in het midden helemaal vooraan en kon als ik wilde Amy’s drankje pakken als ze het net had neergezet. Dit was toen het nog relatief goed met haar ging.

We hadden oogcontact. Ze deed de microfoon opzij zodat ik een goede foto kon maken (althans dat dacht ik). Dit is de mooiste foto die ik van haar heb gemaakt. Ze kijkt eigenlijk heel afwezig, alsof ze er niet helemaal bij was.

De foto hangt ingelijst in mijn huis. Veel mensen herkennen haar niet, of hebben überhaupt niet door dat ik die foto heb gemaakt. Maar ik ben er enorm trots op. Die foto van Amy en dat geweldige concert.

Mylou Oord (30), Amsterdam

Beeld Mylou Oord

30 maart 2018, 11:12

Gemiste kansen

Ook columnist Gijs Groenteman schreef over zijn herinneringen aan de Amsterdamse poptempel - vooral wat hij er juist níet heeft meegemaakt.

‘Zo heb ik jarenlang rondgelopen met ongebruikte kaartjes voor het concert van Oasis. Waarom ging ik daar niet heen, in godsnaam?’

30 maart 2018, 7:49

Backstage glippen

Als tiener in de jaren negentig gingen mijn toenmalige vriendje en ik vaak naar concerten in Paradiso. We waren creatieve types; we droegen opvallende kleding en pruiken. Door onze onschuldige gezichtjes en mooie outfits lukte het ons vaak om backstage te komen na een concert. Tegen de stage manager zeiden we: “Aah meneer, toe nou heel even,” of “Ik heb wat laten liggen".

Dat werd op een gegeven moment een sport, een kick. Avonturen beleven; hangen en wodkaatjes drinken met de artiesten. Het ging ons niet eens om de artiesten, maar om de spanning van het glippen zelf.

Sommige artiesten werden opdringerig. Ik denk omdat ze dachten dat we groupies waren. Zo zijn we ooit hard weggerend nadat ik eerst gezellig op de bank bij George Clinton zat, maar door een ander bandlid de wc in werd getrokken. Net op tijd ontsnapt. Mijn vriendje met zijn blauwe ogen werd ooit het doelwit van Lydia Lunch. De hele avond hing ze om zijn nek en probeerde hem mee te krijgen naar haar hotel.

Op een avond waren we bij een concert van Nick Cave and the Bad Seeds. Van het concert zelf weet ik eigenlijk niet veel meer, want ik was al bezig met kijken hoe we het beste beneden konden komen in de backstage van Paradiso, met haar spannende kleedkamers en gangen waar je kon komen door over het podium achter het gordijn door te gaan.

Zodra het podium leeg was, klommen we erop, renden snel met bonkend hart naar de deur en namen we de trap omlaag. Er stond dit keer gelukkig niemand bij de deur. En daar was een volle rokerige kleedkamer met alle artiesten en een hele hoop andere types. Het was ons weer gelukt! Zoals meestal het geval was, reageerden de artiesten in de kleedkamer verrast op onze verschijning en verwelkomden ons om bij ze te komen zitten.

Ik weet nog dat ik die avond in de kleedkamer met een Duitse man zat te praten en dat ik probeerde indruk te maken op deze man met mijn kennis van de Duitse taal en muziek (in hakkelig Duits overigens).

Ik had het met hem over de band Einstürzende Neubauten en of hij zanger Blixa Bargeld kende. Direct kreeg ik een por en een intense blik met opgetrokken wenkbrauwen van mijn toenmalige vriendje.

Wat bleek; de man waarmee ik zat te praten was Blixa Bargeld zelf, die inmiddels 30 kilo zwaarder was en ik niet had herkend.

Na ongeveer een jaar zijn we er mee opgehouden, het glippen naar de backstage bij Paradiso. Het was genoeg geweest en we waren volwassener geworden.

Sita Willemse (44), Amsterdam.

30 maart 2018, 6:49

Niemand zo stoned als Shaun Ryder

Waar je nu soms nog een walmpje ruikt, kon je de weed vroeger uit de lucht snijden. Drugs en Paradiso waren één.

In het publiek, maar ook op het podium. Nu heb ik heel wat stonede artiesten gezien, maar niemand maakte het zo bont als Shaun Ryder.

De zanger van Happy Mondays (ook bekend van de film 24 Hour Party People) nam zo’n beetje de halve drugsvoorraad van Amsterdam tot zich voor hij het podium besteeg. Hij had dan ook serieus geen idee wat hij kwam doen.

Hij murmelde wat in zijn microfoon en keek wappie voor zich uit. Zich afvragend waar hij was. Oh ja, in Paradiso. Om wat te doen? Eeh, zingen. Vervolgens zag je hem vertwijfeld naar zijn microfoon en woorden zoeken.

Daarom had hij altijd velletjes papier in zijn hand. Met songteksten erop gekrabbeld. Want buiten het feit dat hij eigenlijk niet kon zingen, kon hij evenmin zijn teksten onthouden. Te stoned voor alles. Extra aangedikt door zijn vaste danser Bez, die met sambaballen zijn wappie dansje opvoerde.

Met ogen zo groot als bierviltjes. Dat Shaun Ryder de stoned benchmark was, bleek na afloop van één van de concerten. Want terwijl de band al lang van het mistige podium was verdwenen, klom Shaun Ryder op een speaker om minimaal een uur lang totaal van de wereld de zaal in te kijken.

Meedeinend op de grooves van de afterparty. Hoe de concerten verder waren….één groot mistgordijn.

Martijn de Vreeze

29 maart 2018, 20:32

Patatje speciaal tijdens George Clinton

Honderden concerten heb ik gezien in Paradiso. Van het legendarische optreden van Stetsasonic eind jaren ’80 tot The Red Hot Chili Peppers. Van Troublefunk tot Grace Jones.

Van James Brown vlak voor zijn overlijden tot George Clinton. Nog steeds elk jaar op het podium van Paradiso en ik blijf hem trouw. Samen met vele andere funkateers.

Bij George Clinton duurde de concerten vroeger nogal lang. Een uurtje of vier was niet vreemd. En soms nog langer. Het leek mij een leuk idee om mijn vrouw een keer mee te nemen. Ergens halverwege de jaren 90.

Zij hield en houdt enorm van funk, maar dan vooral de strakke variant. Bij George kan een nummer lang duren. Zomaar een half uur. Met ellenlange gitaarsolo’s. Maar ik dacht… laat ik het proberen.

Na 2,5 uur gitaarlawaai was ze wel een beetje klaar met 'Dr. Funkenstein' George. Mijn vaste funk-maatje nodigde haar daarom uit om naar snackbar Hannibal aan de overkant te gaan.

Het nummer Maggot Brain was toen al een minuut of vijf aan de gang. Toen ze terugkwamen, hadden ze rustig een patatje speciaal en gehaktbal naar binnen gewerkt, maar was de gitarist van George Clinton nog steeds bezig met zijn Maggot Brain solo.

We zijn een half uurtje later maar naar huis gegaan.De volgende ochtend fietste ik langs Paradiso en ik dacht… het zou mij niet verbazen als ome George nog steeds bezig is. In juli zie ik ’m weer.

Martijn de Vreeze

29 maart 2018, 14:20

'You sure have grown'

Ergens begin jaren 90 fiets ik op een mooie middag langs Paradiso. Door de openstaande deuren streelt bekend geluid mijn oren: Baby Love van Mother’s Finest.

Ik parkeer mijn fiets en loop even naar binnen om het staartje van de soundcheck mee te pikken. Het geluid van Mother’s Finest in Paradiso neemt me onmiddellijk zo’n 20 jaar mee terug in de tijd.

Ik ben 11 en voor het eerst met mijn oudere broers mee naar Paradiso. Om als 11-jarige nog iets van de show te kunnen zien kruip ik tussen alle volwassenen door naar voren waar ik een plekje op de rand van het podium weet te bemachtigen.

Twee meter bij mij vandaan geeft bassist Wizard breed grijnzend zijn goedkeuring over mijn kleine inbreuk van de podiumprivacy. De band is op zijn best en ik had me geen betere Paradisodoop kunnen wensen.

We spoelen vooruit naar 1994. De band is inmiddels klaar met soundchecken en komt van het podium. Ik loop op Wizard af, schud hem de hand en vertel hoe ik als jochie van 11 daar op het podium heb gezeten tijdens hun show.

Hij kijkt me even nadenkend aan alsof hij in zijn geheugen naar de datum graaft en zegt dan: “Man, you sure have grown.” Die avond sta ik opnieuw te genieten van Mother’s Finest live in Paradiso.

Dit keer niet op het podium, maar rechts achterin op het verhoginkje voor de bar (de beste plek volgens insiders). Inmiddels is het 2018 en Mother’s Finest toert nog steeds. 28 april staat de band in Tivoli Vredenburg. Ik denk niet dat ik ga kijken.

Maxim van Wijk

29 maart 2018, 9:40

Lenny Kravitz huilt bij Let Love Rule

Het is 20 dec 1989 en vanavond speelt er een man die een hitje geschreven heeft dat ineens op 1 staat in de top40. Hij zou eigenlijk in de kleine zaal spelen maar zijn single was zo onverwachts een hit geworden dat hij nu in de grote zaal mag staan.

Hij heeft net een cd uit, maar het Amsterdamse publiek zingt veel van zijn nummers mee. Hij heeft en speelt maar 10 nummers. Op het moment dat hij Let Love Rule inzet, zetten 1200 man in de zaal dit ook in.

Lenny Kravitz is totaal verrast en heeft dit niet eerder meegemaakt. Hij schiet vol en stopt met spelen, en gaat op rand van het podium zitten met bengelende beentjes.

Het publiek zingt harder en harder en Lenny huilt! De band komt naast hem zitten en zo zingen we 15 minuten door.

Na het concert zwermt het publiek de stad in. En nog tot uren erna hoor je mensen rond het Leidseplein 'Let Love Rule' neuriën, zingen of hummen.

Remco Boas (52)

Onderstaand een 15-minuten versie van het nummer tijdens een concert in de Ziggo Dome.

29 maart 2018, 6:19

Dochter vs The Rolling Stones

Mijn dochter is geboren in juni 1994. Eind mei 1995 fietste ik in de middag met haar in een kinderstoeltje op het stuur door het centrum van Amsterdam. Het was mooi weer. Wij waren gelukkig. De stad was op zijn best.

Voor Paradiso stopte ik en legde ik uit dat The Rolling Stones die avond in Paradiso zouden spelen. Daar begreep zij natuurlijk niks van.

De fans zonder en met kaarten zorgden in het centrum van Amsterdam voor een positief gespannen sfeer.

Die avond zouden we gaan varen in Amsterdam. Ik werd gebeld door een vriend in de muziekindustrie. “Of ik die avond wat te doen had?”. Hij had een kaartje voor me voor The Stones.

Een mooie herinnering was ontstaan; met mijn dochter op de fiets door Amsterdam, of The Rolling Stones in Paradiso?

Connie Kemp

29 maart 2018, 6:12

De wereldpremière van Leftfield

Ik was nog een mannetje van 16, woonde op Texel, maar met een oudere broer in Amsterdam kwam ik snel genoeg in Paradiso.

Door pion te zijn in een Levend Schaakspel, geen idee meer hoe ik daar terecht kwam, kregen we Paradiso-vrijkaartjes die ik altijd zou kunnen gebruiken, werd ons verzekerd.

Het waren de hoogtijdagen van de alternatieve dance: Underworld, Chemical Brothers, Orbital. Ook op Texel - in stamkroeg De Pilaar - draaiden we het grijs.

In 1996 zou Leftfield, van de magische cd Leftism, voor het eerst ooit optreden in Paradiso. Een wereldpremière!

Van heinde en verre kwamen liefhebbers op het concert af. Met veel moeite kregen we de vrijkaartjes ingewisseld voor de show. Half Engeland en half Texel stonden in de zaal. DJ's draaiden het publiek warm. Er werd drugs geslikt en gesnoven, de bierkranen stonden open. Iedereen was euforisch.

Maar waar bleef Leftfield toch? We dansten en dronken en voorzichtig vroegen we ons af of de wereldpremière ooit zou plaatsvinden.

Na twaalven begonnen we te roepen. Rond enen stond de helft van het publiek te fluiten. De eersten gingen naar huis.

Toen brulde een misthoorn. Dampend, zwetend, joelend en woest dansend maakten we het concert van ons leven mee. Dreunende bassen. De albumopener Release The Pressure. Het dromerige Original. Buiten was het al licht toen we naar buiten strompelden. Wat een sensatie.

Arnold van Bruggen

28 maart 2018, 20:31

Willy DeVille, slepend en smerig

Daar was-ie. Willy DeVille. Met een raar bandje achter zich, met een Roemeen, een Belg en nog een stel andere ‘authentieke’ latinmusici.

Het was februari 2008 en Willy zat een groot deel van het concert op een stoel, rokend, kuchend, grinnikend, cynische blikken de zaal in gooiend. Af en toe zei hij iets onverstaanbaars tegen al die mensen die Paradisio zweterig en broeierig maakten. Precies zoals hij het graag had.

Come a Little Bit Closer werd slepend en smerig gespeeld. Heel anders dan de cleane versie van Jay and The Americans, waar mijn vader zo gek op was. Die had vroeger gevaren, in het Caribisch gebied, waar hij een levenslange liefde voor latinmuziek aan had overgehouden.

Ik was in Paradiso met twee vrienden, waarvan eentje zoek was. Hij zou wat later komen en we zouden elkaar treffen bij de bar. Dus niet.

Ik speurde de zaal af, maar zag hem niet. En toen vergat ik hem, gegrepen door de muziek. Later, buiten, liepen we elkaar alsnog tegen het lijf.

"Hoe vond je het?"

"Ja, geweldig.

"Waar was je nou?"

"O, vooraan een beetje. Ik zag jullie niet."

"Bel dan even."

"Ja, doe ik, de volgende keer."

"Volgende keer: come a little bit closer, eikel!"

"Hahaha."

Die volgende keer kwam er niet. Want dik een jaar later was Willy dood; 59 jaar oud. Een wonder dat-ie het nog zolang had volgehouden.

Zijn versie van Come a Little Bit Closer is voor altijd in mijn brein opgeslagen. Slepend en smerig gespeeld. Compleet met de rare, verwarrende keelgeluiden vol gevoel, waar hij het patent op had. Dankjewel Willy. Ook namens mijn vader.

Ben Koster (63)

28 maart 2018, 18:37

Hells Angels fluiten Iggy Pop terug

Ik heb Paradiso zeer regelmatig bezocht tussen 1970 en 1988, vaak meerdere malen per week. Uiteraard heel veel indrukwekkende concerten gezien. Een kleine greep in willekeurige volgorde: Patti Smith, The Jam, Van de Graaf Generator, Stiff Little Fingers, Larry Coryell, Stranglers, John Cale, Undertones, Clash, Ramones, Jonathan Richman, Blondie, Motorhead… en Iggy Pop.

Eind jaren zeventig trad er een heel vervelende Iggy Pop op uiteraard met ontbloot bovenlijf en beide handen in zijn broek. Een kort concert en een hoop gezeur van hem tegen het publiek.

Het moet gezegd dat het Paradiso-publiek zeker niet bekend stond om hun enthousiasme. Een beetje blasé en gelaten liet men meestal de muziek over zich heen komen, en de artiest moest echt wel hard werken om waardering te krijgen.

In ieder geval zinde het de heer Pop niet. Hij begon te schelden en te zeuren op het in zijn ogen suffe publiek. Na een laatste tirade stopte hij met spelen en liep hij het podium af.

In het publiek was ook een flinke groep Hells Angels aanwezig. Enkelen van hen stampten toen de zaal door, beklommen het podium en verdwenen door de deur achter het toneel naar de kleedkamers.

Een paar minuten later kwamen zij weer terug en weer enkele minuten later kwam Iggy ook weer op het podium. Met één hand zijn blauwe oog betastend riep hij “Amsterdam, I love you!” en hij speelde nog een hele set. Hilarisch concert.

Jan Nijkamp (65), Koog aan de Zaan.

28 maart 2018, 17:23

Knock out bij de Ramones, 12 juli 1995

Mijn eerste concert in de grote stad! Net 15 jaar oud en dan samen met vrienden naar de Ramones: een betere start van mijn loopbaan als concertganger leek er niet te zijn.

Met vijf gulden in mijn zak voor twee cola namen we de trein vanuit Alkmaar. Van de trams snapten we niks, dus lopend vanaf CS. Geen probleem.

De hittegolf die de hele dag al over de stad hing, zette zich met volle kracht voort in de zaal. Binnen was het nog heter, met genoeg zwetende lichamen voor een heel jaar Paradiso.

De band telde af (ONE TWO THREE FOUR!) en de zaal leek te exploderen. Nog nooit zulk hard geluid gehoord! De warme douche van zweet was niet dorstlessend, dus voor de piepkleine bar bestelde ik een cola die omviel voor ik hem van de bar op kon pakken.

Dan maar naar voren. Het was zo heet dat zelfs Joey Ramone zijn leren jasje uittrok. Ik stond recht voor hem, strekte mij uit en kon bijna zijn hand aanraken, die hij met de duim omhoog uitstak. Met nog tien centimeter tussen ons ging bij mij het licht uit: iemand bleek op mijn schouders gesprongen te zijn en met een voorwaartse zwembeweging zijn kist in mijn gezicht geplant te hebben. Ik weet dat nog dat ik achter de geluidsman in de zaal op de grond zakte. Einde concert.

Het colaatje was 2 gulden 50. Die andere rijksdaalder kreeg een straatmuzikant die voor Paradiso een Beatles liedje speelde.

Jeroen Scheppers (38), Amsterdam.

Joey Ramone, in 1996 in Paradiso. Beeld anp

28 maart 2018, 14:07

16-jarige bij Tower of Power

Ik zal er maar rond voor uitkomen: ik heb niks met Paradiso gehad in de hippietijd. En toen die punkgolf losbrak, ben ik met een vriendje op 26 september 1977 eens gaan luisteren wat dat nou was, tijdens het fameuze concert van The Clash met in het voorprogramma Siouxsie and the Banshees.

Drie keer niks vonden we het, popmuziek teruggebombardeerd naar het stenen tijdperk. Hadden daar bands als Yes, Genesis en Gentle Giant nou van die lekker-ingewikkelde muziek voor gemaakt…

Maar tijden veranderen, en muzikale smaken al evenzeer. Na een paar jaar begon ik toch een beetje moe te worden van die moeilijkdoenerij, en stiekem vonden de eerste soul- en rhythm & blues-platen hun weg naar mijn platencollectie.

Nóg veel later ging mijn dochter bas spelen, en begon zij onder leiding van haar muziekdocent zich te oriënteren op wat er allemaal in de wereld van de ‘zwarte muziek’ te koop was.

Dat betekende dat ze regelmatig kwam grasduinen in mijn platenkast, en dan met wat lp’s en cd’s naar haar kamer afreisde. En toen haar leraar haar attendeerde op het werk van Francis Rocco Prestia, de fameuze bassist van de Amerikaanse toet-en-blaasfunkband Tower Of Power (anno 1968!), duurde het niet lang voordat ze bij me kwam met de mededeling dat die band nog steeds toerde, en binnen afzienbare tijd een concert in Paradiso zou geven.

Dan ben je als vader natuurlijk niet te beroerd om twee kaartjes te kopen, en met dochterlief (toen net zestien) naar dat concert te gaan. Zo geschiedde, en na het afgeven van de jassen liepen we met z’n tweeën de zaal in.

Dat deze band al zo’n vijftig jaar langs de wereldpodia trekt, heeft natuurlijk zijn weerslag op de gemiddelde leeftijd van het publiek. Mijn dochter keek daarom wat onderzoekend naar het publiek rechts van haar, toen naar het publiek links van haar, keek me vervolgens wat peinzend aan en stelde me de vraag: “Pap, ben ik de jongste hier?”

Peter Stöve (62), Amstelveen

28 maart 2018, 11:52

Courtney Love was here...

In 1995 trad Courtney Love met haar band Hole op in Paradiso. Een jaar na de dood van Kurt Cobain, haar man.

Lang wachten op een band was in die tijd gangbaar in Paradiso, maar Hole maakte het wel heel erg bont. Pas na uren wachten begon de band te spelen, zonder Courtney Love. Die wandelde uiteindelijk stomdronken het podium op en begon aan haar 'optreden'. Vals zingend en zonder enige interesse in publiek of band.

Dat leverde boegeroep op. Love begon te schelden en kreeg een beker bier over zich heen vanaf het balkon. Daarop klom ze via de stapel boxen het balkon op en trapte de biergooier in elkaar. Om vervolgens direct te vertrekken.

Hole kwam enige minuten later nog een keer terug, werd verwelkomd met een bierdouche, waarna Courtney Love het hele podium afbrak, de voorste rij met een microfoonstandaard omver sloeg en definitief vertrok.

In mijn herinnering duurde dat alles bij elkaar nog geen 15 minuten.

Willem Wagenaar

Courtney Love Beeld anp

28 maart 2018, 11:47

The Dead Kennedys met Sinterklaas

Eén herinnering die mij heel erg bij is gebleven is een gedenkwaardige, en memorabele Sinterklaasavond in 1982.

De zaal was reeds lang van tevoren uitverkocht. The Dead Kennedys traden op in Paradiso.

De stampvolle zaal was vol met zwart leer en gescheurde t-shirts. Het publiek ging te keer vanaf de eerste noten en zou niet meer stoppen.

Stageclimbing en stagediving waren aan de orde van de dag.

Het was ook het enige concert waarbij de bouncers, die het podium leeg moesten houden, aan het eind een groot applaus kregen voor hun sportive wijze waarop zich van hun taak hadden gekweten.

Een topavond, Sinterklaas had geen mooier cadeau uit Spanje kunnen meenemen.
Evert Krist

28 maart 2018, 10:36

Het gebouw zelf is de echte superster

Ook columnist James Worthy heeft herinneringen aan Paradiso. 'Als je binnenkomt, stagedivet het verleden zo je borstkas in. Iedereen heeft er gestaan en iedereen heeft er iets achtergelaten. Als het boven Paradiso onweert, dan bliksemt het Bowie en als het boven Paradiso regent, dan zijn de druppels paars.'

Lees zijn column: In Paradiso doet de zwaartekracht wat hij wil

28 maart 2018, 9:01

Dat eerste concert ooit

Ik zal 16 of 17 geweest zijn, het was 1990 of 1991. Motorhead in Paradiso zou mijn eerste concert ooit worden. Ik ging samen met een vriend, allebei langharige metalheads.

We stonden ontzettend gespannen in de zaal en het duurde eindeloos voor de band begon. Toenmalig directeur Hans Dulfer kwam het podium op om te melden dat Lemmy en de andere heren het podium te klein vonden en dat het concert niet door ging.

Totaal ongeloof bij mij en de rest van de zaal. Dulfer kreeg een regen van bier over zich heen. Geen eerste concert ooit dus. Gelukkig heb ik er de jaren erna nog tientallen geweldige concerten gezien.

Etienne Donicie

28 maart 2018, 7:06

Sure, zei Ian Brown

Hoogtepunten? Dat waren er veel in De Kerk; Kraftwerk, The Jam, Happy Mondays, Massive Attack, Oasis, The Verve. Maar het optreden van de Stone Roses in april 1995 was het meest bijzonder.

De band had met hun gelijknamige debuut in 1989 een nieuwe genre neergezet; britpop, een puur mengsel van dance en rock. Het duurde vele lange jaren voor ze naar Nederland kwamen. Dik uitverkocht.

Shit, ik had een vriend een kaart beloofd! De middag voor het concert ging ik op zoek naar kaarten voor de deur van Paradiso. Helaas was ik niet de enige. Opeens zwaaide de zijdeur open en verscheen zanger Ian Brown bovenaan de trap.

"Euh Ian, my best friend is going to marry and it's sold out, can you put him on the guestlist?" vroeg ik hem snel.

"Sure," was het antwoord. Hij noteerde de naam van de vriend op een papiertje en vroeg naar die van mij. Ik antwoordde en Ian riep in vet Mancunian accent: "Yeah right, plus one." En weg was ie.

's Avonds bleken we inderdaad echt op die lijst te staan. +1. Dit concert kon nu al niet meer stuk, ook al was de zang zo vals en stronken als maar kon. Fools Gold.

Winfried Splinter

Ian Brown, hier rechts in beeld Beeld anp

27 maart 2018, 18:16

NK luchtgitaar: snuifje tegen de zenuwen

In 2004 deed ik mee met de Nederlandse Kampioenschappen luchtgitaar spelen. Ik werd tweede in de voorronde en mocht opdraven tijdens de finale in het heilige der heiligen, namelijk Paradiso. Een droom kwam uit. Ik mocht zomaar op hetzelde podium staan waar al mijn muzikale helden hadden gestaan. Maar ik stond er met niets. Dat wil zeggen: m'n luchtgitaar. In m'n eentje.

Ik weet nog dat ik vanachter de gordijnen naar binnen gluurde en zag dat de zaal was uitverkocht. En m'n vriendin zat op het eerste balkon in dat mooie halfronde nisje. Ik was al nerveus, maar toen ik dat zag kreeg ik echt zwaar de kriebels. Ik kon nog net een snuifje en wat wodka’s nemen en toen werd ik aangekondigd met: 'Jimmy Dunlop!'

Ik weet nog goed hoe ik naar voren liep en de energie van het publiek in m'n buik voelde stromen, en daarna steeg het naar m'n hoofd. Wow: dus dit is wat al die artiesten hier hebben gevoeld. Waanzinnig.

Ik won niet de eerste prijs maar dat boeide mij ook niet meer, want ik had er gestaan. Paradiso, in m'n eentje, dat pakken ze mij nooit meer af. Iedere keer als ik er weer ben en de band begint te spelen weet ik precies wat er door hun heen gaat: het goddelijke gevoel van Paradiso.

Henk Paul Drost( aka Jimmy Dunlop).

Jimmy Dunlop Beeld Henk Drost

27 maart 2018, 16:20

'Atheïst zingt halleluja'

Het is een doordeweekse avond in mei, 1992. In de grote zaal zitten denk ik 450 mensen. Op het podium vijf blinde oude mannen die gospel zingen zoals ik het nog nooit gehoord heb, The Five Blind Boys of Alabama.

Het oogt fragiel en ontzettend intens. De muziek is swingend en opzwepend. Het publiek gaat uit zijn dak. Paradiso gloort in zijn oude functie met de oude glas-in-lood-ramen in combinatie met deze mannen.

De muziek duikt in je hart en voel je in je hele lijf. Als de mannen het podium afstappen in een treintje met de rechterhand op de schouder van hun voorganger, staat zelfs deze atheïst halleluja te zingen en reikt het hele publiek naar de mannen. Ze moeten aangeraakt worden, gevoeld.

Remco Boas (52), Assendelft

27 maart 2018, 12:19

'Flashing Freddy won de juryprijs'

In 1979 kwam ik op een feestje de man van Paradiso's Latente Talenten Show tegen. Bert Blanken, een aardige vent en heel muzikaal. We hadden het over muziek en hij vroeg of ik ook iets deed. Eigenlijk niet, maar ik speelde wel ooit mondharmonica, gaf ik toe.

Bert was geïnteresseerd en zei: kom spelen op de talentenshow, dan krijg je een goede band achter je. Dat was toen The Scene, dacht ik.

Ik werd geboekt voor een woensdagavond ergens in november, in de kleine zaal.

Om mijn optreden handen en voeten te geven wilde ik onder de naam Flashing Freddy een podiumact doen als vunzige straatmuzikant, tevens potloodventer.

In de apotheose aan het eind van het nummer zou Freddy zijn regenjas opentrekken en Bert moest mij dan als de bliksem van het podium gooien.

De bewuste avond: Bert kondigt mijn optreden aan en zet zich zelf achter de piano. De band begint en ik kruip zo vunzig mogelijk het podium op naar de microfoon toe.

Blindenzonnebril, frommelig hoedje, vale regenjas, gympen, ik had een paar tanden zwart gemaakt, afijn. Ik hijs me op aan de standaard, lach wat naar de zaal en val in.

Met zulke muzikanten achter je zit je gewoon in een leunstoel en we komen al snel in de fade out. Het publiek applaudisseert, Flashing Freddy slaakt kreten en doet in extase zijn regenjas open en dicht.

Bert weet echter niet van ophouden en laat de band nog minstens zestien maten de exhibitionistische act van Flashing Freddy begeleiden, voordat hij mij in een goedmoedige houdgreep het podium afzet. Evengoed een leuke ervaring.

Een paar maanden later kom ik Bert tegen in de Utrechtsestraat. Ik zit in de finale van de Latente Talenten Show, zegt-ie, verdomd als het niet waar is.

Daar stond ik dus zomaar in de grote zaal. De act werd daar een degelijk leernicht-nummer. De pet en spulletjes kreeg ik van Rob's Leather, onder mijn jas zat een camera met flitser.

The Lau heeft zich rotgelachen, ik zie het nog voor me.

Evengoed de juryprijs gekregen. Brigitte Kaandorp stond in dezelfde finale en werd derde, geloof ik.
Louis van Poeteren (72)

Flashing Freddy op het podium van Paradiso Beeld Herman Boogaerdt

27 maart 2018, 11:47

'We sliepen op de brandtrap'

Radio 538-dj Dennis Ruyer (45) ging 'als puberjongetje' voor het eerst naar Paradiso, voor een concert van de Amerikaanse hiphop-groep Boogie Down Productions met frontman KRS One.

Hij schrijft: 'Het zal waarschijnlijk 1988 of 1989 geweest zijn. Het album By All Means Necessary was net uit, en hits als My Philosophy zetten de zaal op z’n kop.'

Ruyer had tegen zijn ouders verteld dat hij zou blijven logeren bij de tante van zijn schoolvriend Atilla.

'Hij vertelde ongeveer hetzelfde aan zijn ouders. Na het concert hebben we geslapen op de brandtrap achter Paradiso. De ochtend erna werden we rond half zes wakker van het stadsgeluid, en met de stalen noppen van de brandtrap in onze huid gegraveerd keerden we tevreden huiswaarts.'

Dennis Ruyer van 538 Beeld anp

27 maart 2018, 11:39

Met een filmpje wachten op Freddie King

Het was een zaterdagavond in 1975, ik was vijftien en zou voor het eerst naar het beruchte Paradiso gaan. Ik mocht van mijn ouders gaan omdat er wat oudere buurjongens meegingen die zij blijkbaar wel vertrouwden.

Natuurlijk gingen wij vroeg weg, om maar niets te hoeven missen van het concert van de Texaanse gitarist Freddie King. Eigenlijk wist ik niet goed wat mij te wachten stond, maar volgens mijn buurjongens was Freddie King geweldig.

Aangekomen in Paradiso keek ik mijn ogen uit; een oude kerk gelegen aan het Leidseplein, er hing een enorme wietlucht en het publiek was een mengeling van hippies, Surinamers en uiteraard de bluesliefhebbers.

Gespannen wachtte ik af wat komen zou. Een dia maakte duidelijk dat de tourbus met pech was komen te staan en dat het zeker tot twaalf uur zou duren voordat de band zou beginnen.

Als opvuller zou de film Once Upon a Time in the West worden vertoond. Dan maar even snel naar huis bellen, dat ’t ietsje later zou worden. Ondertussen kon ik mooi even boven gaan kijken.

In wat nu de kleine zaal is, stond een groot poolbiljart. Dit vertrek was duidelijk in handen van de Surinamers, die getooid waren in lange leren jassen en hoge Afro-kapsels hadden. Tussen de begane grond en de eerste verdieping was de eerste Amsterdamse coffeeshop gevestigd.

Het was al diep in de nacht toen het optreden eindelijk begon. King had een Presley-achtig pak aan en volgens de kenners was hij de eerste die zijn gitaar liet klinken van de ene naar de andere box (een soort stereo-effect).

Het optreden was geweldig en na afloop, staande op de eerste rij, mocht ik hem zelfs de hand schudden. Nog steeds is Freddie King mijn favoriete gitarist en Paradiso mijn favoriete concertzaal.
Ruud Monde (57)

27 maart 2018, 10:53

'In Paradiso spelen, prachtig'

Wessel Armando Kuit (32) speelde zelf in de grote zaal van Paradiso. Als drummer begeleidde hij in 2011 Angela Moyra in de finale van de Grote Prijs van Nederland. Ze wonnen de finale niet, maar het was nog steeds een prachtig moment, zo schrijft hij.

'Midden in de grote zaal. Ouders, vriendin, dochter, familie en vrienden er om heen. Als Diemense/Amsterdamse muzikant is Paradiso altijd een van de hoogtepunten in een muzikale carriére.'

Wessel Armando Kuit en Angela Moyra in Paradiso Beeld Wessel Armando Kuit

27 maart 2018, 9:21

'Die avond werd het: Prince eerst'

Ik kwam al in Paradiso gedurende mijn schooltijd, omdat een van mijn leraren van de IVO in een theatergroep zat en de 'Levende objecten show' opvoerde, maar uiteraard ging ik ook naar andere concerten.

Dat was mijn psychedelische periode: veel ecoline 'vloeistof projecties' op de wanden van Paradiso en blowende gelijkstemden in sterk ruikende Afghaanse jassen.

Later, in de jaren 80 en 90, woonde ik pal naast Paradiso. Weteringschans nummer 14. Het huis met de torentjes.

In het pand woonde ook een illustrator, een kunstenares en een reclameman - het was een gezellige creatieve feestende bijenkorf. Zoals dat hoorde. Ik werkte op de Prinsengracht, op een steenworp afstand, ook in de reclame.

Toen ik eenmaal naast Paradiso woonde, ging ik ook wat vaker naar nieuwe, wat minder bekende acts kijken. Zoals die ene avond in 1981.

Voor aanvang zagen we een kleine donkere man, met snor en wild haar, over het podium paraderen in een 'Sergeant Pepper'-achtige jas, met nylons/kousen aan en vrij weinig anders. Hij liep vrij hoog op de hak. Mannen in mijn omgeving droegen toen geen hakken. Het was een bijzonder voorkomen, niet perse mooi, maar spannend.

Nu vond ik in die tijd niemand beter dan Jimi Hendrix. Het eerste wat ik 's ochtends opzette was een Hendrix-album. Ik was heel halstarrig in mijn bewondering, ik stond gewoonweg niet open voor andere artiesten in dat genre.

Die avond werd alles anders. Die avond werd het voor mij eerst Prince, en dan pas Jimi Hendrix. Tot op de dag van vandaag.
Linda Beer

26 maart 2018, 20:49

Een verzoeknummer van The Stones

Nico van Gog zag hoe The Rolling Stones in Paradiso zijn verzoeknummer Sweet Virginia speelden.

De legendarische rockband stond in mei 1995 twee avonden voor een uitverkochte zaal en dat was een unicum, want eigenlijk was de band veel te groot voor Paradiso.

Voor de gelegenheid lieten The Stones een extra, tweede balkon aanbrengen in de zaal. Paradiso vond het een goed idee: bij de grootscheepse verbouwing die de zaal in 2002 onderging kwam er een definitief tweede balkon.

Enkele opnames van de Paradiso-shows zijn terug te horen op het album Stripped, dat eind 1995 uitkwam. In zijn autobiografie Life noemt gitarist Keith Richards Paradiso een van zijn favoriete zalen.

26 maart 2018, 20:35

'Sneaky opnames maken van het concert'

Ik woonde en werkte in Den Haag en was begin dertig. Ineens kwam het bericht dat The Black Crowes in Paradiso op 7 juli 1993 een verrassingsconcert zouden geven.

Het was maar een paar dagen van tevoren aangekondigd en de kaartverkoop was gelijk gestart en binnen een paar uur was het optreden uitverkocht. Heel veel fans visten achter het net en hoorden er pas later van, zo ik ook.

Maar ik had een plan en ben op de zomerse dag van de zevende juli naar Amsterdam gegaan en wilde met mijn simpele videocamera een reportage maken over de fans die rond Paradiso zouden hangen en die nog een kaartje wilden kopen bij de zwarte handel.

En misschien zou mij dat ook lukken en zou ik eventueel ook nog binnen met mijn Sony-handycam wat van het concert op kunnen nemen.

Ik was al vroeg op het Leidseplein die dag en ik maakte geweldige opnames en portretjes van wanhopige fans die nog een kaartje probeerden te bemachtigen. De meeste zijn wel binnengekomen. Ook wist ik de enerverende aankomst van The Black Crowes per bus vast te leggen.

Aan het eind van de middag kon ik ook voor 75 gulden een kaartje ritselen en ben ik met mijn camera, goed verborgen, Paradiso binnengegaan.

Ik zocht gelijk een plekje op het balkon en vond een perfecte plek in het midden op de eerste rij. En zo kon ik ook sneaky opnames maken van het concert. Spannend!

En nu staat mijn gemonteerde en humoristische mini-documentaire van een kwartier met de fans al jaren op YouTube, gevolgd door de bootleg van ruim een half uur van het optreden.

Het was voor mij een memorabele dag in en om Paradiso en ik was er als One Man One Camera.

DirkJan Vos (1960)

26 maart 2018, 17:30

'Achter de band aan naar binnen'

Ik ging in de jaren tachtig regelmatig naar punkconcerten in Paradiso.

Op 5 december 1982 zouden de Dead Kennedys optreden en daar wilde ik beslist bij zijn. Maar het concert was direct uitverkocht en het lukte me niet om aan kaartjes te komen. Alleen vriend Bert was er in geslaagd een kaartje te bemachtigen.

Toen besloot ik maar eens een poging te wagen op de zwarte markt; op de stoep voor Paradiso werden altijd kaartjes te koop aangeboden. Uitgerekend dit keer niet. Dus dat concert ging nu echt aan mijn neus voorbij.

Toen zag ik de limo van de band aan komen rijden. Ze parkeerden voor de zij-ingang. Ik liep eropaf en wandelde zo achter de band aan naar binnen. Ik had net een maand in Californië gereisd dus kon wel een beetje Californian slang meepraten.

We liepen door een kantoortje heen, maar toen ik er bijna doorheen was riep één van de beveiligers dat ik er niet bij hoorde. Ik begon gelijk te rennen met twee beveiligers achter me aan. Snel een paar deuren en gangetjes door en toen stond ik ineens in de grote zaal vol mensen en konden ze me niet meer vinden.

Ik bestelde een biertje en klopte Bert op zijn schouder. Het was een waanzinnig concert waarbij zelfs enkele mensen van de balkons naar beneden sprongen. Maar niemand van de aanwezigen had zoveel adrenaline in zijn lijf als ik.’
Bas Baljet, 62 jaar

26 maart 2018, 12:40

9 herinneringen aan debuut

Zanger Huub van der Lubbe (die dit jaar voor de 75ste keer in Paradiso optreedt), DWDD-presentator Matthijs van Nieuwkerk (die er een vieze bundel kocht), Topnotch-baas Kees de Koning (die er zijn jeugd doorbracht) en nog eens zes artiesten vertelden ons over hun debuut in Paradiso, als bezoeker dan wel artiest.

Lees verder: 'De eerste keer optreden in Paradiso is als je eerste keer neuken: je bent zenuwachtig, maar het is heerlijk.'

Huub van der Lubbe van De Dijk tijdens een van zijn 75 optredens in Paradiso Beeld anp

26 maart 2018, 12:19

'Ik voel nog altijd: hier gebeurt het'

De eerste keer dat ik naar Paradiso ging, stonden mijn ouders me na afloop bezorgd op te wachten onder aan de trap bij de ingang. Het waren de nadagen van het hippietijdperk en Supersister trad op.

Diep onder de indruk was ik. Van Supersister, maar meer nog van Paradiso. Hier gebeurde het – hoewel dat ‘het’ niet veel meer leek in te houden dan dat de meeste aanwezigen languit en knetterstoned op de vloer lagen.

Hoe anders was dat twee jaar later. Punk was inmiddels losgebarsten en Paradiso had zich moeiteloos aan de nieuwe tijd aangepast. The Stranglers traden op en de energie droop van de muren. Dat de Hells Angels in gelid op het podium stonden was doodeng, maar deed niks af aan de opwinding. Enthousiast sloot ik me aan bij het wild pogoënde publiek. Ja, hier gebeurde het.

Toen ik weer een paar jaar later naar Amsterdam verhuisde, was dat om veel redenen spannend, maar heel hoog scoorde de directe nabijheid van Paradiso.

Concerten van al die groepen die ik zo te gek vond op fietsafstand. Ik zou er, beroepsmatig, nog veel en veel vaker komen dan ik me toen kon voorstellen, soms meerdere keren per week.

Ik zag als popjournalist Paradiso veranderen van een gezellige bende in een geolied bedrijf, dat niet alleen in eigen huis bijna dagelijks concerten organiseert, maar ook elders in de stad programmeert. Maar spannend bleef het er.

Als vijftienjarige betrad ik Paradiso die eerste keer met knikkende knieën. Dat is er inmiddels niet meer bij, maar bij het binnengaan van de zaal is er nog altijd een op zijn minst lichte opwinding. In Paradiso gebeurt het.

En leuk dat u het vraagt: het beste concert dat ik in Paradiso meemaakte, was dat van D’Angelo op 3 maart 2015.
Peter van Brummelen, popjournalist van Het Parool

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool.nl.