Plus Column

Laten we het namenmonument niet bezoedelen

Theodor Holman Beeld Wolff

Ik zou me schamen.

Op een gegeven moment komt er iemand aan je deur en die zegt: ''Weet je wat ze hier willen bouwen? Een holocaust namen-monument!''

''O, mooi,'' zou ik gereageerd hebben.

''Nee, helemaal niet mooi, Theodor!''

''Nee, treurig... sorry...Maar zeer belangrijk.''

''Nee, dat bedoel ik niet! Ik bedoel het is treurig dat ze daar 25 bomen voor gaan kappen! Dat is pas treurig!''

''Oh... Ach zo... Waarom is dat treurig?''

''Omdat het bomen zijn. Levende bomen! En op dat idiote monument komen maar 102.000 namen van Holocaust-slachtoffers te staan.''

Ik zou even stil zijn en dan zeggen: ''Maar het is toch mooi dat er een monument komt waar we slachtoffers van de Holocaust kunnen herdenken? Ik ben elke dag weer geroerd als ik de stoeptegels passeer waarop de namen staan van de Joden die daar woonden en weggevoerd zijn. In mijn straat zijn er twee, en...''

''Hou op! Hou op! Ja, heel belangrijk, hoor. Ik herdenk ook altijd de oorlog op de Dam. Zo goed? Maar dit gaat om levende bomen! En daarom gaan we een proces beginnen! Doe je mee?''

Natuurlijk zou ik niet meedoen.

Maar dat proces is wél gevoerd en voorlopig komt dat namen-monument er niet. Ik lijd nu aan plaatsvervangende schaamte.

Stel nou eens dat het namen-monument inderdaad een afzichtelijk kitscherig, veel te groot beeldhouwwerk is, maar dat de familie van die 102.000 slachtoffers dat nu eenmaal willen. Wie ben ik dan?

Ik ken zo'n monument, overigens. Het Indië-monument in Den Haag vind ik afzichtelijk, kitscherig en te groot. Het drukt geen gevoel uit maar illustreert emotie. Of, zoals men wel eens zegt: ''Hier worden rode rozen rood gekleurd.''

Maar veel slachtoffers van de Japanse kampen vinden en vonden dit een prachtig herdenkingsteken. Het monument dééd mijn moeder wat. Het hielp haar juist niet te vergeten, maar wel te verwerken.

Als daarvoor een half bos had moeten worden gekapt, had ik dat niet erg gevonden. Zoals ik het ook niet betreur dat er 25 bomen gekapt moeten worden.

Het gaat om de verhalen die achter die 102.000 namen zitten. Dat monument moet een monumentale slijpsteen zijn voor onze moraal; het moet ons dwingen die namen in gedachten te houden.

Laten we de namen van wie we uit de stad hebben weggehaald niet nog eens bezoedelen over zoveel regels.

Theodor Holman (1953) is columnist, schrijver, televisie- en radiomaker. Elke dag, uitgezonderd zondag, lees je hier zijn column. Lees al zijn columns terug in het archief.

Reageren? t.holman@parool.nl

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden