Laatste kans voor Amsterdamse ijssalons

Tientallen ijssalons en wafelwinkels in de Amsterdamse binnenstad overtreden de regels. Zij krijgen nog één kans hun leven te beteren. Over vier weken begint stadsdeel Centrum met ingrijpen.

Buurtbewoners in en om de Oude Hoogstraat staan niet te springen om meer wafelwinkelsBeeld Vera Spaans

Een grote controleactie van het stadsdeel in augustus heeft uitgewezen dat van de zeventig ijs- en wafelwinkels in de binnenstad (waarvan er 65 nog actief bleken te zijn) er 46 beschouwd moeten worden als fastfoodrestaurant. Daarvoor is een horecavergunning nodig. Vaak ook zitten deze zaken illegaal in panden met een winkelbestemming.

Het behoort inmiddels tot de grootste ergernissen van de stad: de wildgroei van ijswinkeltjes, waar ter plekke wafels en pannenkoekjes met Nutella worden bereid. Steeds meer gewone winkels worden op die manier vervangen door horeca die uitsluitend gericht is op toeristen en dagjesmensen.

Geen horecavergunning
Voor de verkoop van ijsjes in het centrum is sinds 2009 geen horecavergunning meer nodig. Dat werd besloten nadat buurtbewoners in de Jordaan in opstand waren gekomen tegen het verbod op ijsverkoop door ijsfabriek Monte Pelmo. Wel moeten de winkels zich aan de strikte regels van de Richtlijn IJsverkoop houden. Die houden bijvoorbeeld in dat er geen etenswaren klaar mogen worden gemaakt. Veel ijswinkels doen dat toch.

Zaken die niet aan de regels voldoen, krijgen nu vier weken om orde op zaken te stellen. Het betekent op zijn minst dat zij hun wafelijzers en bakplaten van de hand moeten doen. Juist daarmee wordt veel geld verdiend. Een pannenkoekje met Nutella kost al gauw € 4,50.

Monocultuur
Volgende maand worden de ijssalons opnieuw gecontroleerd. Het stadsdeel begint daarmee op de as van de Damstraat en de Nieuwe Hoogstraat, in de buurt bekend als De Doorsteek. Daar zitten op een kort stukje negen ijs- en wafelwinkels op een rij en is de kans op het ontstaan van een monocultuur in het winkelaanbod het grootst.

'We maken hiermee stappen om de nadelige effecten van de groei in de binnenstad aan te pakken,' zegt stadsdeelvoorzitter Boudewijn Oranje. 'Als de eigenaren niet bereid zijn hun ijswinkels te transformeren, zullen ze moeten verdwijnen. Dat geeft weer ruimte voor andere ondernemingen.'

Aanwijzingen dat de ijswinkels worden gebruikt voor witwaspraktijken heeft het stadsdeel niet. Makkelijk om dat te controleren is het overigens niet, omdat de zaken niet onder de wet Bibob vallen, die controle vooraf op de financiële handel en wandel van de eigenaren mogelijk maakt.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden