Column

Kunnen vrouwen zich identificeren met Messi?

Theodor Holman
Theodor Holman. Beeld Wolff
Theodor Holman.Beeld Wolff

Waarom houden wij van kijken naar topsport?

Omdat topsporters iets kunnen wat wij niet kunnen. Wij bewonderen ze. Wij iden­tificeren ons met ze. We dragen een shirtje met de naam 'Messi' op de rug omdat we hem willen zijn.

Nu schreef ik: 'Waarom houden wij van kijken naar topsport?'. Maar onder die wij vallen uiteraard ook vrouwen.

Kunnen zij zich identificeren met Messi? Zijn er veel vrouwen die een shirtje dragen met 'Messi' op de rug? Ik weet het niet, maar ik betwijfel het.

Als jongetje wilde ik heel graag een keeperstrui en keepers­handschoenen zoals Eddy Pieters Graafland die had. Mijn moeder breidde voor sinterklaas twee handschoenen en die keeperstrui en ik kon wel huilen van geluk.

Ik kijk met vrienden naar het vrouwenvoetbal en we vinden het leuk. Elk nadeel heb z'n voordeel: het is niet zo ruw en er wordt niet gezeurd als bij de mannen.

Ik vraag mij af of ik mij als kind had kunnen identificeren met Shanice van de Sanden. Dat weet ik echt niet. Maar nu zou ik dat heel goed kunnen!

Als ik naar het stadion zou gaan om naar het vrouwenvoetbal te kijken en ik mocht een shirt kiezen, dan mag 'Shanice' op mijn rug.

Bij sport identificeer je je met vermogen, niet met geslacht.

Ik herinner mij de volgende anekdote. In de jaren zestig had je in Amsterdam allemaal sportwedstrijden voor de jeugd. Daar was een jongetje en dat liep hard in een hemdje (het woord shirt kenden we niet) dat hij van zijn tante had gekregen.

Die tante was niemand minder dan Fanny Blankers-Koen, die in 1948 (pakweg zeventien jaar eerder) olympisch kampioen was geworden. En dat hemdje was een gewoon hemdje, dat tante Fanny voor hem waarschijnlijk bij C&A had gekocht.

Ik geloof dat Fanny Blankers-Koen ook de enige vrouwelijke sporter was die wij kenden. Wij waren jaloers op die jongen! Wij wilden ook wel zo'n hemdje.

Het jongetje won de eerste ronde. En wij wisten dat het door het hemdje kwam.

Dat jongetje, dat heel beschaafd en aardig was, heeft in de kleedkamer zijn hemdje toen zomaar geruild met dat van een andere jongen en deed zijn eigen gymnastiekbloesje aan.

Die andere jongen heeft toen de volgende ronde gerend met dat hemdje van Fanny Blankers-Koen in zijn hand!

En hij won!

Theodor Holman (1953) is columnist, schrijver, televisie- en radiomaker. Elke dag, uitgezonderd zondag, lees je hier zijn column. Lees al zijn columns terug in het archief.

Reageren? t.holman@parool.nl

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden