Opinie

'Koppel jongeren met sociale diensttijd aan sportclubs'

Sportclubs in Amsterdam hebben een tekort aan vrijwilligers. Daniëlle de Jager pleit ervoor dat jongeren hun sociale diensttijd daar kunnen doorbrengen.

Sportverenigingen leunen vaak zwaar op de inzet van ouders en andere betrokkenenBeeld Marc Driessen

Deze zomer was ik bij voetbalvereniging SDW in Amsterdam Nieuw-West. Een betrokken vereniging en een ontmoetingsplek voor de buurt. In de avonden en weekenden wordt er druk gevoetbald en daarnaast is er coaching en sport voor vrouwen die weerbaar willen worden.

Er wordt ook huiswerkbegeleiding gegeven in het clubhuis. Lang niet alle kinderen hebben thuis ouders die ze daarbij helpen en het clubhuis staat anders toch leeg.

De club betekent veel voor de buurt en doet de naam, Sterk Door Wilskracht, eer aan. De bestuurders van SDW hebben ambitieuze plannen om de activiteiten van de club verder uit te breiden.

Toch heeft de club ook last van een veel voorkomend probleem onder sportverenigingen: waar vinden ze genoeg vrijwilligers? Vaak ­leunen clubs op een klein groepje ouders en betrokkenen die de boel draaiende houden.

Bijdrage aan de buurt
De zogenoemde maatschappelijke diensttijd zou uitkomst kunnen bieden. Het is de bedoeling dat 13.000 jongeren dit jaar vrijwillig aan de slag gaan met de nieuwe maatschappelijke diensttijd. Deze maand zijn de eerste jongeren al gestart.

Organisaties kunnen met subsidie van het rijk een project opzetten voor jongeren, die een paar maanden meedraaien als ­vrijwilliger en zich daarbij verder kunnen ontwikkelen.

Sportverenigingen kunnen jongeren een mooie plek bieden, waar ze bijdragen aan hun buurt, een netwerk opbouwen en ervaren dat zij er niet alleen voor staan, maar onderdeel zijn van de Amsterdamse samenleving.

Het kabinet wil met de maatschappelijke diensttijd jongeren meer maatschappelijk betrokken maken en de sociale cohesie in Nederland bevorderen. Dat is precies de kracht van veel sportverenigingen in de stad, die Amsterdammers met ­elkaar weten te verbinden.

Deze kans loopt helaas stuk op de voorwaarde die gesteld wordt door staatssecretaris Paul Blokhuis van de ChristenUnie. Om in aanmerking te komen als vereniging waar jongeren in maatschappelijke dienst treden, moet een plan worden ingediend met een subsidieaanvraag van minimaal 100.000 euro. Dan gaat het om grote projecten waar veel jongeren tegelijk aan de slag gaan.

De meeste sportverenigingen kunnen geen project opzetten van die omvang. Zij kunnen enkele jongeren begeleiden, maar niet tientallen tegelijk. Door deze subsidiedrempel staan sportclubs buitenspel.

Bijna professioneel
De staatssecretaris noemt verbinding en sociale cohesie als uitgangspunten voor de maatschappelijke diensttijd. Het is de vraag hoe dat rijmt met projecten die schaalbaar moeten zijn naar bijna professionele omvang.

Daniëlle de Jager

Duoraadslid voor D66 in Amsterdam op sport, zorg en jeugd

Daniëlle de JagerBeeld -

Niet de omvang van de organisatie zou bepalend moeten zijn, maar de maatschappelijke relevantie en kwaliteit van de begeleiding van de jongeren.

De maatschappelijke diensttijd was geen wens van D66, maar als het kabinet er dan toch 100 miljoen euro voor vrijmaakt, maak het dan een goede regeling.

Laat de drempel van 100.000 euro per project los, zodat ook kleinere verenigingen mee kunnen doen. Het loslaten van de drempel zou sportclubs overal in Nederland de mogelijkheid bieden om jongeren op vrijwillige basis aan te trekken voor de maatschappelijke diensttijd.

Deze week is het de Nationale Sportweek. Een jubileum, waarbij sportclubs, sportbonden en gemeenten voor de vijftiende keer hun deuren openen om aan heel Nederland te laten zien hoe leuk sporten is.

Een goed moment om jonge vrijwilligers en betrokken sportverenigingen met elkaar te verbinden.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden