Koninklijke familie geeft roofkunstwerk terug

De koninklijke familie heeft één kunstwerk in bezit dat tijdens de Tweede Wereldoorlog door de Duitse bezetters is geroofd van de Joodse eigenaren. Er is inmiddels contact geweest met de erven van de oorspronkelijke eigenaar over teruggave van het schilderij. 

Beeld anp

Het gaat volgens een onderzoekscommissie om het schilderij 'Het Haagse bos met gezicht op Paleis Huis ten Bosch' van Joris van der Haagen. Dat is in 1960 door koningin Juliana gekocht van een Nederlandse kunsthandelaar. De Stichting Historische Verzamelingen van het Huis Oranje-Nassau overlegt met de erven over teruggave.

De commissie begon eind 2013 met een onderzoek naar de herkomst van tienduizenden kunstobjecten die behoren tot de zogenoemde Koninklijke Verzamelingen. De commissie benadrukt dat Juliana niet op de hoogte was van de herkomstgeschiedenis van het schilderij.

Roofinstantie
Het schilderij van Joris van der Haagen moest in 1942 door een Joodse verzamelaar worden afgestaan aan de 'roofinstantie' Lippmann, Rosenthal & Co in Amsterdam. Via een aantal omzwervingen kwam het schilderij na de Tweede Wereldoorlog terecht bij een Nederlandse kunsthandel waar koningin Juliana het in 1960 aankocht.

Uit het onderzoek bleek dat het overgrote deel van de kunstwerken al ver voor 1933 tot de Koninklijke Verzamelingen behoorde. Bij de sinds 1933 verworven kunstwerken werden op een uitzondering na geen aanwijzingen voor roof, confiscatie of gedwongen verkoop gevonden.

Paul Bril
Bij het schilderij 'Landschap van de heilige Hubertus' van Paul Bril bestaat nog enige onduidelijkheid. Het werd in 1948 gekocht van de Stichting Nederlandsch Kunstbezit. In de diverse beschikbare bronnen konden geen onregelmatigheden worden gevonden.

De archieven geven echter geen uitsluitsel over wie voor eind 1939, begin 1940 eigenaar van het schilderij was, blijkt uit het onderzoek. Wel bleek dat het schilderij in ieder geval al voor de bezetting van Nederland in mei 1940 in bezit was van een Nederlandse kunsthandelaar. Die verklaarde na de oorlog dat het om een volkomen vrijwillige verkoop ging.

Koningin Máxima
Het omstreden schilderij dat de koninklijke familie in bezit heeft, wordt beheerd door de Stichting Historische Verzamelingen van het Huis Oranje-Nassau. Doel van deze stichting, die in 1972 door koningin Juliana is opgericht, is het verkrijgen en beheren van objecten of collecties die een link hebben met de geschiedenis van het koninklijk huis. De zogeheten Koninklijke Verzameling bestaat uit tienduizenden objecten.

Koningin Máxima is sinds 1 mei 2013 voorzitter van het bestuur van de stichting. Die gaf in 2013 ook de opdracht om onafhankelijk onderzoek uit te voeren naar de herkomst van de kunstvoorwerpen die sinds 1933 tot de zogeheten Koninklijke Verzamelingen behoren. De directeur en de staf van het Koninklijk Huisarchief beheren de museale collecties van de stichting.

Het gaat onder meer om familieportretten, portretminiaturen en vele andere (kunst-)historische objecten. Delen hiervan zijn in langdurig bruikleen bij onder meer Paleis Het Loo Nationaal Museum in Apeldoorn en het Rijksmuseum in Amsterdam. De voorwerpen uit de Koninklijke Verzamelingen zijn een paar keer per jaar te zien in een virtuele tentoonstelling.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden