Klimaatspagaat

JONATHAN VAN HET REVE

Gustav, al op zeer jonge leeftijd tot supertalent gebombardeerd, kon de verwachtingen uiteindelijk niet waarmaken: op het koningsnummer, de landfall, bakte hij er helemaal niks van. Een grote opluchting voor New Orleans natuurlijk, maar minder leuk voor alle journalisten en meteorologen, die voor het oog van miljoenen kijkers hun teleurstelling moesten verbergen. ''Toen met Katrina kwam het ergste ook pas in de dagen erna,'' probeerden ze nog - maar al snel was alle hoop op een echte ramp vervlogen. Volgende keer beter.

Zo'n potentiële catastrofe dwingt alarmisten wel vaker in die wonderlijke spagaat: als het meevalt, valt het voor hen tegelijkertijd ook een beetje tegen, want dan hebben ze voor niks geschreeuwd en luistert men de volgende keer niet meer naar ze. Als ze wél gelijk krijgen, en er zijn duizenden mensen dood of dakloos, is er natuurlijk ook niks te juichen. Wat dat betreft hebben sceptici het maar makkelijk.

Voor de makers van het nieuwe Deltaplan dat deze week gepresenteerd werd, was het op een bepaalde manier ook jammer dat Gustav weinig klaarspeelde: niks had hun argumenten meer kracht bijgezet dan een flinke overstroming in een bevriend deltagebied. Nu moesten ze zich weer eens behelpen met de beelden uit 1953 en 2005.

Er gebeuren trouwens een paar interessante dingen in dat rapport: zo gaat de commissie wat betreft de mogelijke zeespiegelstijging niet uit van de recente prognoses van het KNMI, maar van hun eigen, nog ernstigere scenario. Van dat scenario nemen ze dan weer de bovengrens, zodat ze komen tot een stijging van 1 meter 30 in het jaar 2100 en een stijging van 2 tot 4 meter in 2200.

Daarbij vermelden ze: 'Naarmate de inzichten zich verder ontwikkelen, blijkt er een opwaartse trend in de schattingen waarneembaar.' Waarom schrijven ze dat op? Wat hebben we daaraan? Dat zeggen ze helaas niet, maar ik mag toch hopen dat het gewoon bangmakerij is: het doortrekken van díe tendens (dus: het stijgen van de schatting van de stijging), dat zou wel een érg onwetenschappelijke stupiditeit zijn.

Iets anders wat de geloofwaardigheid van het rapport niet ten goede komt - naast de stellige overtuiging dus dat wij daadwerkelijk kunnen bedenken waar Nederland over twee eeuwen behoefte aan heeft - is dat klassieke doemoptimisme: er staat een ramp te gebeuren, jazeker, maar gelukkig zijn we nu, vandaag, precíes op tijd om hem nog af te wenden. Zo'n bewering staat al honderd jaar in élk groot klimaatgerelateerd rapport en kán dus niet altijd waar zijn. Het eerste rapport dat zegt: 'Ach, hier hoeven wij ons pas over twintig jaar druk over te maken' of zelfs: 'Te laat, we gaan er allemaal aan' - zo'n rapport moeten we echt serieus nemen.

Maar de Deltacommissie gaat verder: hun plan is misschien duur, maar het biedt tevens allerlei 'kansen'. (Mogelijkheden bedoelen ze, maar in Amerika zeggen ze immers opportunities...) 'Kansen voor de toekomst': wonen, werken, recreëren... Het heeft eigenlijk alleen maar voordelen!
Ja, zeg. Als dit plan nou echt nodig is om het land te redden, dan is zulk geslijm toch irrelevant? Als de geleerden zo beginnen, maak ík mij in elk geval geen grote zorgen meer.

''Waarom toch dat gefoeter? Misschien hebben ze wel gelijk!''
Dat is waar. Het probleem is alleen dat ik er niet meer ben tegen de tijd dat we daar achter komen. En die commissieleden ook niet. Aan de ene kant maakt dat hun taak zwaar en ondankbaar, maar aan de ander kant zijn ze daardoor volstrekt onkwetsbaar. En daarom mag ik, als scepticus en optimist, af en toe best zeggen dat ik denk dat het wel mee zal vallen. Trouwens: als het goed is, hopen ze dat zelf ook.

null Beeld
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden