Recensie

Kings of Leon trapt het gaspedaal net te laat in (***)

Het grootse, gelikte stadiongeluid van Kings of Leon is ingeruild voor makkelijk mee te klappen nummers. De vier heren waren gisteren in de Ziggo Dome een beetje ingedut, maar ze zijn nog niet alle pit verloren. Tijd om het raderwerk eens goed door te smeren.

Kings of Leon tijdens de MTV Music Awards in de Ziggo Dome Beeld anp

Wat gebeurt er als je je muziek mag vertolken in een zaal van 17.000 man? Sommige bands zetten een tandje bij, rennen als een gek in het rond en hangen nog wat harder de rockster uit, anderen leunen eens lekker achterover, tevreden met wat ze tot dusver bereikt hebben.

Tot die laatste categorie behoort Kings of Leon. Statisch dekt de lading. De vier heren blijven keurig in de buurt van hun microfoons. Het spannendste wat we te zien krijgen is een ingestudeerde solo met de mond op gitaar, en een kauwgombellen blazende drummer.

Flikkerende orchideeën
Daarentegen zijn de achtergrondbeelden redelijk spectaculair: rondvliegende vloeistoffen en flikkerende orchideeën wisselen elkaar af.
Maar we komen voor de muziek, niet voor de plaatjes, die niet kunnen verbloemen dat Kings of Leon nogal ingedut is. Ze zijn het bewijs dat veel optreden nog geen goede liveband maakt.

Amper anderhalf decennium oud is deze band, opgericht door de drie broers en neef Followill uit Nashville, Tennessee. Hun eerste aanraking met het Nederlandse publiek was op Lowlands 2003, toen ze net hun debuut 'Youth and young manhood' hadden uitgebracht. Een ongelikte plaat vol stuiterende combinaties van blues en garagerock.

Het optreden in Amsterdam datzelfde jaar duurde amper drie kwartier, maar het was wel een klein uur waarin het publiek omver werd gekegeld door de veroveringsdrang van deze jonge honden.

Schorre, overslaande stem
Hun ster rees snel. De definitieve doorbraak kwam in 2008 met het album 'Only by the night.' Het franjeloze gerammel was intussen ingeruild voor een groots, gelikt stadiongeluid. Eén en ander had de band afgekeken bij U2 en Pearl Jam, met wie ze een tijdje mochten toeren. Een handvol hits leverde de plaat op, zoals 'On Call,' 'Use Somebody' en 'Sex on Fire.'
Nummers met lekkere uithalen die lang nazingen, mede dankzij de schorre, overslaande stem van zanger Caleb Followill.

Enige hitpotentie ontbreekt echter op nieuwste aanwinst 'Mechanical bull.' Kenmerkend voor Kings of Leon nieuwe stijl zijn traag uitgesponnen tapijtjes van kabbelende gitaren en in slaap sussende melodieën.

Refreinen zijn teruggebracht tot één of twee zinnen tekst. Toegegeven, het is wat makkelijker meeklappen en zingen, maar wil je als rockband dat je muziek ook op het feestje van oma gedraaid kan worden?

Het is met name tijdens de vertolking van het nieuwere werk dat de show instort en het vooral van het ledscherm moet hebben. Gelukkig is Kings of Leon zijn voormalige pit niet helemaal verloren. Tegen het einde van de set trappen ze het gaspedaal nog even in met 'ouwetjes' 'Molly's Chambers' en 'Party.' En toegegeven, tijdens de toegift gaat het tempo flink omhoog, maar dat hadden ze net even eerder moeten doen. Kings of Leon is een trage, gemakzuchtige machine geworden. Het wordt tijd dat ze het raderwerk eens goed doorsmeren.

Kings of Leon

Ons oordeel: ★★★☆☆
Gezien: 2/6
Waar: Ziggo Dome
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden