Ketens in minderheid in de winkelstraat

Er zijn in Nederland meer zelfstandige winkels dan zaken die bij een keten horen. Dat blijkt uit cijfers van onderzoeksbureau Locatus. Het zijn vaak de kleinere winkeltjes die zich niet aan een vooraf bepaalde winkelformule houden.

Beeld ANP

In totaal hoort 32 procent van alle Nederlandse winkels bij een keten, terwijl 68 procent er een eigen visie op na houdt. Dat is de afgelopen 4 jaar nauwelijks veranderd: in 2008 was het 31 om 69 procent.

Vooral in de dorpen zijn er veel winkeltjes die niet aan een keten zijn verbonden. Hoe groter het inwoneraantal van een bepaalde plaats, hoe groter het aandeel van de ketens zoals Blokker, C&A, Albert Heijn en Hema wordt. Een uitzondering op die regel zijn de steden met meer dan 175.000 inwoners; wordt het inwoneraantal groter dan dat, dan neemt het aantal 'niet-formule winkels' weer flink toe.

Vooral antiekwinkels, kunsthandels, hobbyshops en winkeltjes in de detailhandel staan los van vooropgezette formules. De winkels die handelen in levensmiddelen zoals supermarkten, persoonlijke verzorging en warenhuizen zijn voor het overgrote deel wel verbonden aan een keten. De warenhuizen spannen de kroon: 96 procent is aan een vaste formule gehouden.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden