Recensie

Kerstmatinee met Bachs kerstoratorium was fraai, maar niet groots (***)

Het werd geen spannende middag in het Concertgebouw tijdens het Kerstmatinee, maar dat komt ook doordat de Weihnachtsoratorium gewoon wat minder opwindend is.

Dirigent Jan Willem de Vriend neemt nu met het Concertgebouworkest minder risico dan hij meestal doet met zijn eigen Combattimento Consort. Beeld Marcel van den Broek
Dirigent Jan Willem de Vriend neemt nu met het Concertgebouworkest minder risico dan hij meestal doet met zijn eigen Combattimento Consort.Beeld Marcel van den Broek

De Kerstmatinee is in het Concertgebouw net zo'n eerbiedwaardige traditie als de jaarlijkse uitvoering van de Matthäus- dan wel Johannes-Passion, maar Bachs toch zo passende Weihnachtsoratorium was op eerste kerstdag in het Concertgebouw nog nooit te horen. In 1969 werd voor het laatst één deeltje van het vijf cantates tellende oratorium gespeeld door het Concertgebouworkest - de Sinfonia waarmee de tweede cantate begint.

Het was dus weleens tijd voor de terugkeer van Bachs kerstoratorium. In de Kerstmatinee van dit jaar tekende dirigent Jan Willem de Vriend voor die op voorhand al historische uitvoering van het Weihnachtsoratorium. Onder zijn leiding speelden het Concertgebouworkest en Cappella Amsterdam de eerste drie cantates van het Weihnachtsoratorium - cantates vier en vijf zijn door Bach voor de kerkdiensten op Nieuwjaar en Driekoningen bedoeld.

Beetje vlak
Muzikaal was de uitvoering wat minder historisch dan vanuit het perspectief van de programmerings­geschiedenis van het Concertgebouworkest. De Vriend dirigeerde een musicologisch heel verantwoorde uitvoering die nergens teleurstelde, maar echt direct aansprekend was het niet. De felheid en het spannende risico dat De Vriend zo vaak wist te bereiken met zijn eigen Combattimento Consort - waarvan hij twee jaar gelden afscheid nam - was er niet met het Concertgebouworkest. Cappella Amsterdam zong Bachs koren soms zelfs een beetje vlak.

Het Concertgebouworkest klonk fraai en alle solo­blazers speelden even mooi, maar al die klankschoonheid kon niet verhullen dat er geen meeslepende lange spanningsbogen of subtiel verrassend levende fraseringen klonken die de interpretatie net wat meer vitaliteit hadden kunnen geven.

Fabelachtig mooie verteller
Dat het niet zo'n heel spannende middag werd, komt natuurlijk ook doordat het Weihnachtsoratorium een wat minder opwindend broertje van de passies is, al was het maar omdat het verhaal van de geboorte van Christus een stuk minder dramatisch is dan het verhaal van de gruwelijke kruisiging en al het verraad daaromheen. Waar het in de passies soms heftig stormt en Bach door het mysterie, verdriet en mededogen tot vrijwel uitsluitend geweldig geïnspireerde noten werd geïnspireerd, is het Weihnachtsoratorium wat minder gelaagd.

Het opent ongecompliceerd feestelijk, maar ook voorspelbaar, met pauken en trompetten. De mooiste, maar niet zo heel dramatische, lyrische muziek zit in de tweede cantate, die is gecomponeerd vanuit het perspectief van de eenvoudige herders die van Jezus geboorte horen.

Al die vijven en zessen nemen niet weg de Zwitserse tenor Fabio Trümpy een fabelachtig mooie verteller is. Hij heeft een prachtig lichte tenor en zingt alsof hij naast je staat en zojuist iets geweldigs heeft gehoord wat hij je graag zo meeslepend mogelijk wil vertellen. Elisabeth Kuhlmann zong even prachtig in de mooiste aria's van dit oratorium die Bach zoals wel vaker voor de altstem zette.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden