Kapers moeilijk te veroordelen

Als een schip wordt aangevallen in territoriale wateren, die toebehoren aan een land, wordt dat als 'een gewapende overval op zee' aangeduid. Foto EPA Beeld
Als een schip wordt aangevallen in territoriale wateren, die toebehoren aan een land, wordt dat als 'een gewapende overval op zee' aangeduid. Foto EPA

Piraterij kan alleen worden gepleegd op volle zee. Als een schip wordt aangevallen in territoriale wateren, die toebehoren aan een land, wordt dat als 'een gewapende overval op zee' aangeduid. In 2008 is middels een VN-resolutie een uitzondering gemaakt voor de territoriale wateren van Somalië vanwege het grote aantal kapingen dat daar plaatsvond. Omdat de Somalische overheid niet in staat was daar tegen op te treden, zijn ook marineschepen van andere landen bevoegd piraten aan te houden. Daarvoor is wel toestemming vereist van de Somalische regering. Zo heeft Nederland in april 2008 een verdrag gesloten met Somalië, dat de Nederlandse marine toestaat op te treden in Somalische wateren.

Met grote ogen kijkt de Somaliër in de rondte. Hij heeft net voet op Nederlandse bodem gezet en nu staat hij oog in oog met vijf mannen in pak, in de Rotterdamse rechtbank. ''En dan zegt één van hen: ik ben je advocaat,'' zegt Reinier Feiner, doelend op zichzelf. ''Daar geloofde hij natuurlijk niets van. Het heeft me dagen gekost zijn vertrouwen te winnen.''

Feiners cliënt is een piraat. Althans, hij wordt ervan verdacht dat te zijn door het Nederlandse Openbaar Ministerie. Op 2 januari is hij samen met vier andere mannen uit de Golf van Aden geplukt door een helikopter van de Deense Marine. Kort daarvoor was hun bootje uitgebrand en gezonken, nadat het vanuit een koopvaardijschip onder Antilliaanse vlag was bekogeld met molotovcocktails. De Turkse bemanning zou zich daarmee hebben verdedigd tegen een poging tot kaping van het schip, de Samanyolu.

Veertig dagen werden de vijf vast gehouden op het Deense fregat Absalon. De Denen kunnen echter niets met de Somaliërs, omdat hun wetgeving onvoldoende aanknopingspunten biedt hen te berechten. De Denen zoeken daarom contact met Nederland. Het aangevallen schip voer immers onder Antilliaanse vlag. Bovendien heeft Nederland 'universele rechtsmacht' voor zeeroof, wat zoveel betekent dat het piraten die waar ook ter wereld een schip kapen, kan vervolgen. Op 15 januari maakt minister Ernst Hirsch Ballin bekend dat Nederland de zaak op zich neemt. Op 11 februari worden de vijf Somaliërs overgevlogen naar Nederland voor hun berechting.

Het kan lang gaan duren, denken hun advocaten. Zij willen zowel de Turkse bemanning van de Samanyolu als de Deense helikopterpiloten horen over wat er precies is gebeurd in de Golf van Aden.

Volgens de advocaten van de vijf waren hun cliënten aanvankelijk misschien wel van plan een schip te kapen, maar kregen ze onderweg pech. ''De motor haperde en het voedsel en water waren op,'' zegt Haroon Raza, die een 31-jarige verdachte bijstaat. ''Toen ze bij de Samanyolu in de buurt kwamen, hebben ze hun handen omhoog gestoken om zich over te geven. Voor ze het wisten kregen ze brandbommen naar hun hoofd gegooid.''

Dat de Turkse bemanningsleden juist hebben verklaard dat de Somaliërs, die gewapend zouden zijn geweest met een AK47-machinegeweer en antitankgranaten, al eerste hebben geschoten, wuift Raza weg. ''Hoe heeft de bemanning een brandbom op zo'n klein bootje kunnen mikken als ze voortdurend werden beschoten? Dat zou pure zelfmoord zijn.''

Hoogleraar internationaal strafrecht Geert Jan Knoops denkt dat het OM een hele kluif krijgt aan een veroordeling van de vijf. ''Het OM zal moeten aantonen dat de verdachten wisten dat ze zich aan boord bevonden van een boot waarmee een kaping zou gaan plaatsvinden,'' zegt hij. ''Als ze alle vijf verklaren dat ze uit waren vissen, pech kregen en om hulp vroegen, wordt het moeilijk voor het OM. Vooral omdat er op zee geen getuigen zijn.''

De vijf zitten al twee maanden in een Nederlandse cel. De cliënt van Reinier Feiner 'waant zich in een andere wereld'. ''Bij zijn voorgeleiding vroeg hij de voorzitter van de rechtbank of ze een sigaretje voor hem had,'' zegt de advocaat.

Mocht de strafzaak achter de rug zijn, dan is het nog maar de vraag of vijf terug kunnen naar hun thuisland. Volgens internationaal recht mag Nederland geen Somaliërs, ook geen criminelen, uitzetten naar Somalië, omdat het daar oorlog is. (JAN SALDEN)

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden