Plus

Kansen van kind verschillen sterk per stadsdeel

De kansen van kinderen op een ongestoorde ontwikkeling verschillen sterk per stadsdeel. Toch is levensgeluk niet per se afhankelijk van de postcode, stelt hoogleraar Hans Koot.

De kansen van kinderen op een ongestoorde ontwikkeling verschillen sterk per stadsdeel. Beeld anp
De kansen van kinderen op een ongestoorde ontwikkeling verschillen sterk per stadsdeel.Beeld anp

De kaart van Amsterdam als een rad van fortuin. Wie de statistieken overziet, ontkomt niet aan de indruk dat de kans op een goede start sterk verschilt per stadsdeel. Kinderen die nu worden geboren in Nieuw-West, Noord en Zuidoost krijgen gemiddeld veel meer dan leeftijdsgenoten in de andere delen van de stad te maken met de risicofactoren die van grote invloed kunnen zijn op het verdere verloop van hun leven.

Factoren
Armoede, gebroken gezinnen, vaker problemen op school en een grotere kans om dader of slachtoffer te worden van criminaliteit: het zijn factoren die afzonderlijk niet per se van grote invloed zijn, maar gestapeld snel zwaarder gaan wegen. "Uit de literatuur weten wij dat drie of meer risicofactoren samen het recept zijn voor ellende," vertelt hoogleraar ontwikkelingspsychologie Hans Koot van de Vrije Universiteit. "Dan wordt het echt wel moeilijk."

Maar, voegt Koot (65) er onmiddellijk aan toe, het omgekeerde is ook waar. Een stapeling van gunstige factoren kan de balans voor het kind ook zo weer naar de andere kant doen doorslaan. "Die beschermende factoren kunnen overal opduiken. Een buurvrouw die zich een beetje met het gezin bemoeit als er problemen zijn, een opa of oma waar het kind een goede band mee heeft, een goede onderwijzer op school."

Tekst gaat verder na afbeelding

null Beeld Laura van der Bijl/Chantal van Wessel
Beeld Laura van der Bijl/Chantal van Wessel

Betrokkenheid essentieel
Neuzend in de Amsterdamse statistieken, vertelt de hoogleraar over zijn eigen jeugd in de jaren vijftig in het Brabantse Valkenswaard. "We woonden in een straat waar mijn vader koning was omdat hij kon schrijven. Wij woonden met negen mensen in een te klein huis, de kinderen vochten elkaar weleens de tent uit. Ik had het geluk dat er een buurvrouw was waar ik rustig op de bank naar de slingerklok mocht komen luisteren. En ze stelde allerlei vragen. Ze toonde interesse."

Betrokkenheid bij het kind is van essentieel belang voor een gezonde start, stelt Koot. Als dat thuis niet vanzelf gaat, doordat ouders grote problemen hebben of gewoon niet goed weten hoe dat moet, komt de omgeving in beeld.

Praten
"Ik ben zelf niet gelovig, maar ik zie wel hoe bijvoorbeeld de kerkgenootschappen in Zuidoost een formidabel netwerk vormen voor heel veel mensen. Daar wordt ook voor elkaar gezorgd." Wat ook heel belangrijk is voor de ontwikkeling van jonge kinderen: praten. "Het maakt niet uit in welke taal, maar het liefst in hun eigen moedertaal," zegt Koot.

"Een praatje maken, samen een boekje lezen, zulke activiteiten brengen de ontwikkeling goed op gang. Er zijn eigenlijk twee bepalende processen voor de latere schoolprestaties: de ontwikkeling van taligheid en het vermogen tot gedragsregulatie. Als die op orde zijn, wordt het leven al een stuk eenvoudiger."

Strenger
Koot ziet het als een taak van de scholen om ook de betrokkenheid van de ouders te stimuleren. "Er wordt al veel van leerkrachten gevraagd, maar dit is wel belangrijk. Scholen mogen wat mij betreft best wat strenger zijn. Ouders die onvoldoende betrokkenheid tonen, daarop aanspreken: 'Als u wilt dat wij uw kind verder helpen, moet u wel met ons meedoen'."

Ouders, omgeving en onderwijs kunnen samen de kansen van kinderen vergroten. De rol van de overheid is beperkt, zegt Koot. "Die kan zorgen voor voldoende geld voor onderwijs en goede voorzieningen in de wijken die de sociale cohesie helpen vergroten. Zo'n Cruijffveldje of een mooie speeltuin. En het zou prachtig zijn als de overheid het onderwijs voor de verandering een tijdje met rust zou laten, zodat leerkrachten hun volledige aandacht weer eens op kinderen en ouders kunnen richten."

Van alle tijden
Nog een advies van Koot: maak van ongelijkheid geen al te groot drama. "Ongelijkheid is van alle tijden. De positie van kinderen in de stadsdelen met veel migranten lijkt in veel opzichten op die van de arbeidersgezinnen uit de jaren vijftig en zestig. Het lijkt soms wel alsof we dat vergeten zijn. De problematiek is niet nieuw. Het duurt gewoon enkele generaties voor hun achterstanden helemaal verdwenen zijn."

Daarbij komt, zegt de hoogleraar, dat een voorsprong ook een relatief begrip is. "Ik heb buitenlandse studenten onder mijn hoede mogen nemen die uit een onmogelijke positie kwamen, maar dankzij een enorme drive en hun kwaliteiten nu belangrijke posities in de wetenschap hebben ingenomen. Schaarste kan ook een enorme stimulans zijn. Het kind uit Zuid dat opgroeit in overvloed, zal die drive misschien later wel missen."

Dit is de eerste aflevering van een serie waarin we onderzoeken hoe het staat met ongelijkheid in de stad.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden