'Kabinet voert halfslachtig campagne voor referendum'

De regering had het Oekraïnereferendum en het EU-voorzitterschap moeten gebruiken om Nederland warm te maken voor Europa, betoogt Mark Schalekamp in een opiniestuk. Een gemiste kans.

Maidam-demonstratie op de Dam op 3 april.Beeld EPA

Om het referendum over het EU-associatieverdrag met Oekraïne af te dwingen, voerde GeenPeil vorig jaar een campagne met posters. Eentje met de beeltenis en een citaat van Jean-Claude Juncker, voorzitter van de Europese Commissie: 'De meeste Europeanen begrijpen toch niet wat er beslist wordt.' Een andere van Alexander Pechtold: 'Europa is te complex om in een referendum te proppen.' Dubieus misschien, maar beide uitspraken zijn helaas waar, merkte ik tijdens mijn tweejarige rondgang langs EU-hoofdsteden.

Het is GeenPeil gelukt: morgen mag Nederland stemmen. Maar nog steeds weten weinigen wat het verdrag precies behelst, een onwetendheid waarvan juist het nee-kamp profiteert: het referendum gaat zo wat hen betreft niet slechts over samenwerking met Oekraïne. Zoals ook ten tijde van het referendum over een Europese grondwet in 2005 is een stem tegen meestal een stem tegen de regering of tegen 'Europa'. Verstandige strategie, want 'Europa' is impopulair.

'Overheidspropaganda'
Schoorvoetend en halfslachtig voert het kabinet campagne (die eerst vooral niet zo mocht heten). Niet op straat, wel wil het in debatten uitleggen waarom er ja moet worden gestemd. Dus is niet de minister-president de voorman van het ja-kamp, maar oud-PvdA-voorzitter en Europarlementariër Michiel van Hulten middels Stem voor Nederland, een burgerinitiatief.

Het klinkt bijna logisch dat de regering zich onthoudt van 'overheidspropaganda', zoals dat vanuit het nee-kamp wordt genoemd, maar dat is het natuurlijk niet. Het was toch echt minister-president Rutte die in juni 2014 een hand­tekening zette onder het akkoord, die dat naar je mag aannemen deed omdat hij het ee­­n goede zaak vond voor Nederland. Dan mag je toch ook verwachten dat zijn regering zich er volmondig achter schaart en niet de kastanjes uit het vuur laat halen door een burgerinitiatief.

Hete kroket
Een zelfde soort houding zie je ten aanzien van het EU-voorzitterschap. Mocht u het gemist hebben: dat is Nederland sinds januari, tot 1 juli. Er is gekozen voor een 'sober voorzitterschap'. Niet te veel toeters en bellen, het mag niet te duur overkomen, want dat zou het bestaande beeld bevestigen: die EU kost alleen maar geld.

-Beeld -

Mark Schalekamp

Van schrijver Mark Schalekamp verscheen in maart het boek Dit is Europa.

In Amsterdam zie je af en toe een vlag met het logo van het voorzitterschap en hangen er kunstwerken tegen de muur van het terrein naast het Scheepvaartmuseum. Da's alles. Geen ruchtbaarheid, geen reden voor enthousiasme. Het lijkt op hopen dat het snel juli wordt en die hete kroket kan worden doorgegeven,aan Slowakije.

Incapabele politici
De EU is nergens echt populair, ontdekte ik tijdens mijn tour langs de 28 EU-hoofdsteden. Natuurlijk, het vrije reizen wordt geprezen, ouderen danken de vrede aan een verenigd Europa, maar er is toch vooral veel kritiek. Over incapabele politici en dure ambtenaren. Over de bemoeizucht: 'beslissen zij hoe de olijfolie op tafel moet staan/dat we onze kaas niet meer mogen maken'.

Volgens mij deugt er veel niet aan de EU. Zijn de namen van al die instituties slecht gekozen, is de besluitvorming complex ­­­­en stroperig. Maar vaak genoeg krijgen broodjes aap alle ruimte, is de kritiek niet terecht. En heeft die impopulariteit veel te maken met onbekendheid, die onbemind maakt. Wilders kennen we, maar wie kent er meer dan vier Europarlementariërs? De media helpen niet: die hebben de afgelopen jaren weinig bericht over de EU, en zo blijven de uitspraken van Juncker en Pechtold waar.

College Tour
De regering had daar veel aan kunnen doen, door het Oekraïnereferendum en het voorzitterschap juist aan te grijpen om Nederland te enthousiasmeren voor de EU. Om Europa te vieren. Door bijvoorbeeld de verschillende eurotoppen aandacht te geven, spectaculairder te maken.

Het tv-programma College tour was vast wel te porren geweest voor een uitzending met Jean-Claude Juncker. Het waren kansen om iets te winnen, nu probeerde de regering vooral niet te verliezen. En als die er geen zin in heeft, wat kun je dan nog verwachten van de burgers? De regering presenteert de EU als een vader die zijn zoontje een nieuwe fiets geeft en zegt: 'Hij doet 't, maar verwacht er niet te veel van.' Die moet ook niet gek opkijken als het jochie het ding dan als een barrel behandelt.

Eerlijke kans
Maar dat de burger niet zo veel weet van Brussel, dat het impopulair is, is misschien juist wat Nederlandse politici in stand willen houden. Want meer Brussel is minder Den Haag. Of minder Parijs, Zagreb, Kopenhagen, Warschau. Het is niet in het belang van nationale politici macht af te staan, maar wellicht wel in het belang van de kiezers.

De EU zou een eerlijke kans moeten krijgen en dat vraagt om nationale politici die zichzelf overbodig durven maken, verkiezingen en referenda durven verliezen als dat is waar hun kiezers beter van worden. En van dat slag zijn er te weinig.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden