Column

Jules Deelder was juist de enige die helder was

James Worthy Beeld Agata Nowicka
James WorthyBeeld Agata Nowicka

Het komt steeds vaker voor dat ik mijn televisie van de muur trek en ermee naar een open raam loop. Genoeg is genoeg, denk ik dan, terwijl het toestel zo'n vijf meter boven de stoeptegels hangt.

Ik kan het niet meer. Ik wil het niet meer. Die voor-de-gek-houderij. Die constante verering van het pootjebaden. Niemand gaat meer kopje onder. De haren worden niet nat. Op televisie stikt het van de mensen die al jaren aan het pootjebaden zijn met een reddingsvest aan. Het is risicoloos vermaak.

En toen was daar opeens Jules Deelder die een aanloop nam, zijn knieën naar zijn borst trok en een prachtig bommetje in het televisiekanaal maakte. De 72-­jarige dichter ging kopje onder en kwam met nat haar boven. Het raakte mij.

Hoe hij gewoon zichzelf was en hij zijn karakter niet liet veranderen door de aanwezigheid van een camera. Want dat is wat een camera doet. Als er een camera in de buurt is, wil je de beste versie van jezelf laten zien, maar vaak is de beste versie van ­jezelf, jouw versie van iemand anders.

Het pijnlijkste vond ik dat de echtheid van Deelder door sommige mensen als recalcitrantie werd gezien. Het ging ook meteen over drugs. En drank.

Maar Jules was juist de enige die helder was. De rest van de tafel zat maar te wachten tot ze hun dingetje mochten verkopen.

De standaardtalkshowgast is vaak gewoon een ­gemuilkorfde octopus die door een hoepel moet springen, terwijl zeven van de acht tentakels achter z'n rug vastgeknoopt zitten.

Jules had zichzelf, net voor de uitzending begon, los weten te knopen en zodoende kon hij met behulp van al zijn tentakels en al zijn zuignapjes de hele uitzending naar zich toe trekken. De dichter gooide roet in het eten van iedereen die voorgebakken onderwerpen en kapotgefrituurde fastfood­gesprekken verwachtte.

De Rotterdammer improviseerde in een wereld waarin alles veertien keer wordt gerepeteerd. Hij was overduidelijk immuun voor het geestdodende virus dat alles voorkauwt.

Misschien is de Nederlandse televisie gewoon te ­Amerikaans geworden. Misschien zijn we ons te comfortabel gaan voelen in de nabijheid van een draaiende camera. Interessante mensen worden gereduceerd tot hun maniertjes. En spontaniteit wordt gezien als extravagantie. Eerlijkheid als onbeleefdheid. Jules Deelder heeft mijn televisie van de val gered.

Soms, al dromend kan ik vliegen
en al vliegend ben ik vrij
Niets te willen
Niets te weten
Niets te moeten
dan er zijn

Zo begint zijn gedicht Vogelvrij. Ik denk dat er maar weinig mensen zo vrij zijn als Deelder. Ik denk zelfs dat een vogel niet zo vrij is als Deelder.

Zo iemand moet je helemaal niet in een kooi willen stoppen, nee, koester zijn gefluit en zijn onmetelijke spanwijdte.

Geniet van zijn natte haren.

Jules Deelder *****

De in Amsterdam geboren en getogen schrijver James Worthy (1980) probeert in zijn columns iets van het leven te begrijpen. Lees al zijn columns terug. Reageren? james@parool.nl

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden