PlusTen Slotte

Johan van Hulst (1911-2018) wilde nooit 'verzetsheld' spelen

Johan van Hulst, die donderdag op 107-jarige leeftijd overleed, redde tijdens de oorlog honderden Joodse kinderen, maar hij wilde nooit 'de verzetsheld' spelen.

Johan van Hulst in 2015Beeld Mats van Soolingen

Hij was een verzetsheld, maar wars van de heldenstatus. Als iemand Johan van Hulst prees over de honderden kinderen die hij tijdens de Tweede Wereldoorlog uit handen van de bezetter wist te houden, dan haastte hij zich te zeggen dat hij dat niet alleen deed. Zonder al die anderen was het nooit gelukt.

Hij wilde nooit de 'verzetsheld spelen', zei hij in een interview met Het Parool in 2015. "Ik denk eigenlijk alleen maar aan wat ik níet heb kunnen doen. Aan die paar duizend kinderen die ik niet heb kunnen redden."

Altijd bleef het contact met de mensen die dankzij zijn hulp konden ontsnappen ongemakkelijk, zo vertelde hij in 2011 in een interview met NRC.

Heldenstatus
"Later zijn door mij geredde kinderen me wel komen bedanken, maar dan zei ik altijd: 'Leuk dat je geweest bent, maar bij deze ene ontmoeting blijft het.' Er was ook een vrouw in deze flat, nogal kopschuw. Op een goeie dag zegt ze: 'U hebt mijn leven gered.' Ik heb geantwoord: 'Mevrouw, u hebt dit nu gezegd, we praten er nooit meer over!'"

Hoewel de heldenstatus hem gestolen kon worden, was hij een van de bekendste verzetshelden. Tijdens de oorlog was Van Hulst, destijds vader van twee jonge kinderen, directeur van de Hervormde Kweekschool aan de Plantage Middenlaan.

Die lag tegenover de Hollandsche Schouwburg, die werd gebruikt om Joden te verzamelen en vervolgens te deporteren.

Kinderen onder de twaalf werden tot hun deportatie gestald in de crèche aan de overkant. Dat pand lag pal naast de Kweekschool waar Van Hulst werkte.

Onderduikadressen
De tuinen werden slechts gescheiden door een heg, uit het zicht van de SS'ers, die juist de voorkant van het gebouw nauwlettend in de gaten hielden.

In de tuinen werden Joodse kinderen over de heg getild, naar mensen van het verzet. De kinderen werden door hen in wasmanden of rugzakken weg gemokkeld via de fietsenstalling van de school.

Als de tram langsreed, en het zicht op de crèche voor de SS-ers werd geblokkeerd, vluchtten ze weg. Ze werden door het verzet ondergebracht bij onderduikadressen.

Het was, zo zei Van Hulst later in verschillende interviews, 'absurdistisch' en 'te brutaal om waar te zijn'.

"En nu kijk ik met grote verwondering terug hoe ik door de oorlog ben gekomen," zei hij in 2016 in Het Parool.

"Maar ik heb het redden van die kinderen niet alleen gedaan hoor. De studenten van de Gemeentelijke Universiteit en de Utrechtse universiteit hebben samen met de kinderverzorgers en directrice Henriëtte Pimentel en Walter Süskind vanaf april 1943 via het schoolgebouw kinderen weg gesmokkeld. Die meisjesstudenten waren zo brutaal als de beul. Nergens bang voor."

Vlak voordat de crèche gesloten zou gaan worden, kwam er nog een hooggeplaatste Duitser binnen. De crèche zat tjokvol. De SS'er begon te vloeken: "Die verdammte Judenkinder! Abtransportieren."

De moeilijkste beslissing
Een van de afschuwelijkste dagen uit zijn leven, zo zei Van Hulst. Want hij moest kinderen uitkiezen die nog konden vluchtten. Allemaal uit de crèche wegsluizen was onmogelijk. Maar wie dan wel? En wie niet? "Het was gruwelijk. De moeilijkste beslissing in mijn leven."

Van Hulst werd in april 1945, vlak voor het einde van de oorlog, ter dood veroordeeld. Hij wist op tijd onder te duiken.

Na de oorlog dompelde hij zich onder in een nieuwe carrière. Hij werd lid van de Eerste Kamer voor de CHU, later het CDA. Vanaf 1963 werd hij hoogleraar pedagogiek aan de Vrije Universiteit, maar bleef actief in de politiek.

Hij was van 1956 tot 1981 lid van de Eerste Kamer, waarvan van 1968 tot 1981 fractievoorzitter van achtereenvolgens de CHU en het CDA. Hij is lid van het Europees Parlement geweest en partijvoorzitter van de CHU.

In 1973 kreeg hij de Israëlische Yad Vashem-onderscheiding en in 2012 werd hij geëerd door Netanyahu, de Israëlische premier die in dat jaar Nederland bezocht.

Een buitengewoon dankbaar mens
Schaken deed hij ook verdienstelijk en graag. Op zijn 97ste won hij een schaaktoernooi voor oud-parlementariërs. Hij speelde in het verleden remise tegen Max Euwe en Anatoli Karpov.

De klappen van de oorlog kwamen na zijn pensioen, zei hij in Het Parool. "Vóór die tijd probeer je het enigszins te verdringen. Ik had het heel erg druk met mijn werk, ook later als politicus en hoogleraar pedagogiek. De oorlog kreeg toen geen kans."

"Maar na mijn pensioen begon het. Hoe? In mijn dromen. Ik droom dat ik in een vreemde stad op zoek ben naar een onderduikadres voor mezelf en ik kan niks vinden."

Als hem op 104-jarige leeftijd gevraagd wordt hoe hij terugkijkt op zijn leven, zegt hij: "Ik heb het leven cadeau gekregen. Ik heb nooit gerookt, was matig met alcohol en nam mijn rust."

En de gemoedsrust? "Er zit tegenover u een buitengewoon dankbaar mens."

Johan van Hulst overleed afgelopen donderdag in Amsterdam.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden