Plus

Jeugdgroep die overlast veroorzaakt in Bos en Lommer kent twee gezichten

Twee brandende politieauto's toonden afgelopen zomer dat de situatie in Bos en Lommer licht ontvlambaar is. Een groep jonge mannen zorgt al jaren voor overlast in de buurt. Wie zijn zij?

Het Karel Doormanplein was enkele jaren geleden het domein van de criminele groep. Beeld Marc Driessen

In een flits staan het dak en de motorkap van de politieauto volledig in brand. De vloeistof die door een man in donkere kleding wordt aangestoken is zo brandbaar, dat het alle kanten opvliegt, de trambaan van de Admiraal de Ruijterweg op.

De brandstichter zelf is ook even omgeven door vlammen, totdat hij achterop een scooter stapt en wegrijdt. De achterkant van de brommer staat in brand.

Een week later, als technisch rechercheurs onderzoek doen naar een schietpartij op de hoek van de Reinaert de Vosstraat, steekt een onbekende een auto van de forensische opsporing in brand.

De autobranden van afgelopen zomer wakkeren het gevoel aan dat heerst onder bewoners van Bos en Lommer: de groep overlastgevende jongens en mannen heeft geen enkel respect voor de autoriteiten. "Wij zijn hier de baas, is de boodschap van hun aanvallen, niet de politie," meende voormalig stadsdeelvoorzitter Ahmed Marcouch.

In de buurt is er weinig twijfel over wie de branden heeft aangestoken en over het motief zijn vermoedens: de branden zouden wraak zijn omdat een arrestatieteam bij een inval in het ouderlijk huis van een berucht groepslid een flashbang had gegooid.

Die knalgranaat, bedoeld om mensen te desoriënteren, ontplofte vlakbij een jong kind.

In het vizier
Ook het onderzoeksteam van de politie dat de autobranden onderzoekt krijgt al snel mannen in het vizier die ze kennen als leden van de overlastgevende buurtgroep (zie kader onderaan).

Het gaat om enkele tientallen Amsterdammers van Marokkaanse komaf, al lopen ook autochtone, Surinaamse, Antilliaanse, Ghanese en Joegoslavische jongens mee. Tamelijk onschuldig, hinderlijk gedrag wordt afgewisseld met zware (gewelds)delicten.

Iemand die de groep al jarenlang van heel dichtbij kent omschrijft het zo: "Ze houden zich bezig met zware criminaliteit, maar ze groeien niet uit de fase van overlast. Ze bouwen niets op. Niet in de samenleving, maar ook niet in de criminaliteit."

Een kenmerkend voorbeeld: op 31 juli vinden agenten in een huurauto op de Willem de Zwijgerlaan ruim 130.000 euro contant geld, verstopt in pakken koekjes en cornflakes. De politie gaat er vanuit dat het om forse misdaadwinsten gaat.

De politie kan het geld in beslag nemen doordat een buurtbewoner wakker wordt van het uitgelaten gejoel van de mannen, die op straat met plastic tassen gooien.

Kenners zien in de groep meerdere 'lagen.' De harde kern bestaat uit mannen tussen de 20 en de 40 jaar. Een opvallend aantal van hen is familie van elkaar: groepjes broers uit enkele families zijn bepalend.

Daaromheen hangen jongere jongens, van wie sommigen zijn uitgegroeid tot leiders. De derde groepslaag bestaat uit heel jonge jongens, tussen de 10 en 14 jaar oud. Zij nemen de mores over van de oudere jongens en doen klusjes voor hen.

Het gebruik van lachgas is populair. Van een buurtrestaurant zijn de ramen ingegooid, nadat de eigenaar had laten weten dat de groep niet langer welkom was. De ondernemer heeft zijn zaak inmiddels opgedoekt.

Rechtop lopen
Wie in de groep zit, moet er alles aan doen om overeind te blijven, zeggen betrokkenen. Altijd stoer zijn. Niet over je heen laten lopen. Als je iets wordt gevraagd, niet weigeren. Als iemand je iets flikt moet je diegene keihard terugpakken. Altijd rechtop lopen en het belangrijkste: nooit met de politie praten.

Geld wordt gedeeld en gaat snel op aan hasj, gokken en merkkleding. Nu en dan wisselt de groepshiërarchie: leden zitten vaak vast of begaan in de ogen van de anderen een misstap. Eén van de leiders raakte tijdelijk uit de gratie omdat hij een zwakbegaafde jongen in elkaar had geslagen.

De mannen ervaren volgens betrokkenen veel stress door hun levensstijl en bijbehorende problemen als schulden, celstraffen en problematische familieverhoudingen, maar het contact met hulpverleners verloopt moeizaam, zegt een betrokkene.

"Die jongens communiceren heel directief. Ze verwachten dat hulpverleners dingen voor hen regelen. Veel vatten ze persoonlijk op en ze reageren erg emotioneel. Tegen een oud vrouwtje in het verkeer zijn ze net zo agressief als tegen een agent die hen in hun ogen te dicht op de huid zit."

Zo'n vijf jaar geleden had de groep volgens betrokkenen feitelijk de zeggenschap over buurthuis Landlust op het Karel Doormanplein.

Jongerenwerkers zaten in een onmogelijke positie: aan de ene kant moesten zij contact maken en een vertrouwensrelatie opbouwen, tegelijk werden zij geacht corrigerend op te treden. De groep stuurden de jongerenwerkers het buurthuis uit als ze iets te bespreken hadden

Top 600
Later wonnen standvastige jongerenwerkers terrein terug, al ging dat moeizaam. Ze organiseerden activiteiten voor buurtmoeders, want met hen in de buurt gedroegen de jongens zich.

Het Karel Doormanplein ging grondig op de schop en veranderde van een onoverzichtelijk plein in een open ontmoetingsplek. In dezelfde periode kwamen een aantal van de harde kernleden onder toezicht van de Top 600-aanpak.

Sommige problemen zijn echter hardnekkig. Hoewel een aantal leden van het eerste uur langdurige celstraffen kreeg, ook voor liquidaties of overvallen met dodelijke afloop, komt ook de 'nieuwe' generatie regelmatig bij de politie in beeld als betrokken bij heel serieuze misdrijven.

Een groepslid pleegde in 2014 twee overvallen op één dag, waarbij op een winkelier werd geschoten. Anderen zijn opgepakt en veroordeeld voor inbraken, bedreigingen en mishandelingen. Sommigen zijn in verband gebracht met het voorbereiden van gewapende (woning)overvallen, ook op criminelen.

Justitie sluit niet uit dat in één van die gevallen in werkelijkheid een liquidatie werd voorbereid. Bij een aantal groepsleden zijn meermaals vuurwapens gevonden.

Zwak sociaal milieu
De jongens in de groep komen veelal uit een zwak sociaal milieu, met (geestelijke) gezondheidsproblemen en financiële tegenspoed. Regelmatig blijkt de zorg voor jongere broertjes en zusjes bij oudere kinderen te liggen, omdat ouders onmachtig zijn in de opvoeding.

In problematische gezinnen blijken vaders en moeders het onwenselijke gedrag van hun zoons nauwelijks te corrigeren, soms uit angst voor gezichtsverlies. Wat buiten de deur gebeurt, beschouwen ouders nogal eens als overheidstaak.

Hulpverleners merken dat vaders de gesprekken voeren met gezinswerkers, terwijl de opvoeding in de praktijk het domein van de moeders is. Dat zorgt voor spanningen in het gezin.

Volgens sommige buurtbewoners zijn de brandstichtingen de laatste grimmige oprispingen van een buurt die in hoog tempo veryupt, waarmee de problemen langzaam zullen verdwijnen.

Niet iedereen is zo optimistisch. Een betrokkene: "Vergeet niet, deze mensen zijn verankerd in de buurt, hun sociale leven speelt zich er af. Bovendien: waar moeten ze dan heen?"

'Een middelvinger naar het gezag'

Wijkteamchef Arthur Barendse ging vanzelfsprekend direct rechtop zitten toen hij hoorde over de twee uitgebrande politieauto's in zijn wijk.

"Natuurlijk vroegen we ons af of sprake was van georganiseerd verzet tegen de autoriteiten, maar al heel snel zagen we onze vermoedens bevestigd dat om op zichzelf staande incidenten ging. Natuurlijk, het was een middelvinger naar het gezag, en mijn ambtelijke hart bloedt dan, maar dit was niet het grootschalig saboteren van het overheidsapparaat."

Om de daders van de autobranden op te sporen, richtte Barendse een speciaal onderzoeksteam op. Extra agenten gingen de straat op. Om de informatiepositie te versterken, maar vooral ook om contact te leggen met de buurtbewoners.

"Door te laten zien dat je het serieus neemt, haal je de emotie uit de wijk. We wilden ook duidelijk maken dat wij ons nooit laten ondermijnen. We gaan met de handen open de wijk in, maar als het moet met gebalde vuisten, zeg ik wel eens."

Groepsscan
Barendse kent de wijk goed. "Het is een stukje van de stad dat altijd wat extra aandacht nodig heeft, maar het is niet zo dat de buurt voortdurend in vuur en vlam staat. Lange tijd gaat het heel goed, maar zodra er iets gebeurt is de reactie erg heftig."

Na de autobranden maakte de politie een 'groepsscan' van de groep jonge mannen in dit gedeelte van Bos en Lommer. Barendse herkent het beeld van een harde kern van criminelen, die voor een zachtere aanpak ongeschikt zijn, met daar omheen jongere jongens.

De groep verandert vaak. "Soms zie je kinderen van 13, 14 jaar, waarvan je weet: dat wordt later een boef. Dat is heel schrijnend. We zagen bijvoorbeeld dat een jongen uit de buurt door buurjongens werd afgeperst. Hij moest hun huiswerk maken en geld betalen. Sommige kinderen weten dat ze zich kunnen verschuilen achter hun jonge leeftijd. Toch grijpen we in zo'n geval stevig in."

Voor de autobrand op de Admiraal de Ruijterweg arresteerde de politie de beruchte Ali B. (25) en Faizal L. (20), die beiden ontkennen iets met de brand te maken te hebben. Hoewel het speciale, intensieve toezicht van de politie begin oktober is teruggeschroefd, blijven agenten extra aanwezig in de wijk.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool.nl.