Plus PS

Jeroen Woe: 'Ik heb in mijn eentje niet genoeg te melden'

Als kind stond cabaretier Jeroen Woe (37), bekend van De Kwis en het duo Van der Laan & Woe, al voor de vrienden van zijn ouders verhalen te vertellen, liedjes te zingen. Maar alleen het podium op, dat doet hij niet. 'Ik wil in een groepje, of ten minste met Niels.'

'Elkaar uit de tent lokken, concurreren, misgunnen - ik kan daar niet tegen.' Beeld Ivo van der Bent

Toen Jeroen Woe negen jaar was, kwam hij een keer uit bed en zag zijn ouders naar een onemanshow van Freek de Jonge op tv kijken. Toen ontbrandde er een vuur in hem dat nooit meer is gedoofd - cabaret is zijn lust en zijn leven.

Dat hij nu, 37 jaar oud, de top in Nederland heeft bereikt, kan hij nog amper geloven. Met Niels van der Laan staat hij voor uitverkochte zalen, en met Rob Urgert en Joep van Deudekom vormen Van der Laan & Woe het hart van De Kwis, het succesvolle, satirische programma op de zaterdagavond. Dat programma is nu bezig aan zijn laatste reeks.

Woe: "Het einde van De Kwis hangt al veel langer in de lucht. Rob en Joep verzinnen tv-formats, dat is een belangrijk deel van hun werk geworden. Zij zijn voortdurend bezig met nieuwe dingen proberen en vinden het leuk om alsmaar met een schone lei te beginnen. Dat vind ik heel tof aan ze, maar het werd ook steeds lastiger te combineren. We hebben gevieren besloten niet verder te gaan."

"Natuurlijk is dat ook wel jammer. Het is voor Niels en mij namelijk een heel mooi podium om te laten zien wat we kunnen; een fantastisch vervoermiddel voor onze mening en ons talent. Een goed format voor satire verzinnen is écht heel moeilijk - dat zie je aan veel andere programma's die mislukt zijn, ook al werden ze door zeer goede mensen gemaakt."

"Niels en ik zullen nu moeten bedenken wat we verder willen. Vanuit de NPO en BNN-Vara krijgen we daar alle mogelijkheden voor, trouwens, dus daar gaan we na deze reeks van De Kwis eens goed voor zitten."

Grappen verzinnen - is dat eigenlijk een vaardigheid of een talent?
"Ik heb het moeten leren. Of ik het een ander zou kunnen leren weet ik niet, maar ik kom echt van niveau nul wat dat betreft. Omdat ik helemaal niet ad rem ben van mezelf, vind ik het nog altijd gaaf om te doen. In de eerste paar Kwissen was elke grap die ik verzon een overwinning, nu schrijf ik er ontzettend veel. Ik heb het geleerd."

Hoe schrijven jullie?
"Hans Riemens is de eindredacteur. Joep en Rob maken het openingsverhaal. Edo Schoonbeek maakt de beelden. Het lied maken Niels en ik samen. Voor de rest van De Kwis zitten we met z'n zessen in een kamertje in de studio in Almere, grappen verzinnen. Dat willen we graag, dicht op elkaar zitten, anders werkt het niet."

En de samenwerking tussen die twee duo's - Van der Laan & Woe, Urgert & Van Deudekom - ging altijd goed?
"Eigenlijk wel, ja. Het is heel gezapig bij ons. Ik hou dan ook helemaal niet van het conflictmodel, zoals je dat wel eens over andere redacties hoort. Elkaar uit de tent lokken, concurreren, misgunnen - dat lijkt me allemaal vreselijk."

Dat heeft u toch weleens meegemaakt?
"Ja, maar dan ren ik meteen weg. Ik kan daar niet tegen. Het is een sfeer waarin ik simpelweg niet kan functioneren."

U zat met Niels op de Kleinkunstacademie, daar was het toch niet alleen maar pais en vree?
"Daar maakten we iets heel anders mee. Niels en ik zaten bij elkaar in de klas, en vanaf de allereerste dag trokken we samen op. We waren ontzettend gedreven bezig met dingen maken. Samen. Dan had de klas een reeks voorstellingen gehad, en bij de evaluatie barstten mensen in huilen uit: 'Jeroen en Niels zijn de hele tijd zo fanatiek!'"

"Tja, als iedereen naar huis ging, of naar het café, gingen wij door. Als er gegeten werd, zaten wij met z'n tweeën apart om over onze voorstelling te praten. Daar werden de anderen blijkbaar onzeker van. Daar merkten wij niks van, wij waren op een missie. Om elf uur moesten we het gebouw uit en dan fietsten we naar Niels' huis, waar we heel lang voor de deur stonden door te praten."

'Als iedereen naar huis ging, of naar het café, gingen wij door.' Beeld Ivo van der Bent

"Elke avond die we vrij hadden, gingen we naar anderen kijken, analyseren wat we gezien hadden. Ik heb later nog les gegeven op de Kleinkunstacademie, en dan zag ik al die studenten in de kroeg hangen en verliefd op elkaar worden - waarom heb ík dat niet gedaan?! Mijn tijd op de Kleinkunstacademie voelde helemaal niet als een studentenleven."

Heeft u kunnen analyseren waar die diepe liefde voor cabaret, die hang om het toneel op te gaan, vandaan komt?
"Nee. Maar het zit er al vanaf heel klein in. Mijn ouders konden geen vrienden uitnodigen thuis, of ik stond verhalen te vertellen en liedjes voor ze te zingen. Het móest gewoon. Het wonderlijke is dat ik mezelf totaal niet zou omschrijven als ijdel of aandachtsgeil, ik bén dat gewoon niet. Ik zou er ook totaal geen zin in hebben om alleen op het toneel te staan. Ik wil in een groepje, of ten minste met Niels."

Waarom?
"De bescheidenheid wint het daarin totaal van de ijdelheid. Ik vind echt dat ik in mijn eentje niet genoeg te melden heb. Ik geloof in samen iets maken. En ik ben absoluut dol op Niels. Als ik op hem kan reageren, voelt het veel zuiverder voor mij. Ik vind Niels ook oprecht fantastisch, het is gewoon heerlijk om naast hem te staan en te zien hoe hij het doet. Soms voelt het echt alsof ik hem mag brengen: kijk mensen, hier is Niels van der Laan!"

Wat is dat toch, die liefde tussen jullie tweeën?
"Tja. Geen idee. Maar ik ben er heel gelukkig mee, en hij volgens mij ook. We zitten al bijna twintig jaar aan elkaar vastgeklonken."

Wat is het in jullie karakters dat zo goed past?
"We vinden dezelfde dingen het belangrijkst in het leven. Hoe je je verhoudt tot anderen. We zijn allebei heel beleefd, bijvoorbeeld, wellevend. We vinden het heel erg als anderen last van ons hebben. Dat is het eerste wat in me opkomt. Is dat gek?"

Zijn jullie tegen elkaar ook zo wellevend?
"Ja, ontzettend. Wij schelden nooit op elkaar. Als we het met elkaar oneens zijn, vinden we het 'heel interessant'. Het is ongelofelijk harmonieus tussen ons, en dat bevalt mij dus enorm, aangezien ik het conflictmodel haat. Wij willen dat iedereen redelijk is en verantwoordelijkheid neemt voor zichzelf."

In de voorstelling Pesetas, die jullie nu spelen, hebben jullie jezelf op miraculeuze manier vermenigvuldigd, door met vier grote schermen te spelen waar jullie zelf, vaak meerdere malen, op te zien zijn.
"We wilden in een band spelen, we wilden canons zingen én een koortje hebben, we wilden eens met méér mensen scènes spelen - maar we wilden geen extra mensen meenemen. Dan gaan we onszelf opnemen, bedachten we. Dat was een enorme operatie. Hebben we in een studio gedaan, voor van die groene schermen."

Het moet een enorme puzzel zijn geweest om dat te maken.
"Het was gigantisch ingewikkeld. We hebben een geluidsband gemaakt van wat we op het toneel gingen doen, en op basis daarvan hebben we de videofragmenten voor de schermen opgenomen. Ondertussen vroegen we ons maar af: wat dóen we eigenlijk? Zijn we wel goed bezig? Of het leuk wordt, dat wéét je gewoon niet. En als het eenmaal is opgenomen, kun je het niet meer veranderen."

Is het een ingewikkelde voorstelling om te spelen?
"We zijn voortdurend aan het tellen. We hebben onszelf hints gegeven: als de gitarist in het filmpje z'n gitaar overpakt, is dat voor ons een cue. Gek genoeg is het héél erg leuk om de voorstelling te spelen. Het klinkt als een keurslijf, maar het geeft ook een enorme kick als het allemaal samenkomt, als het lukt. We hebben nu dus wel gewoon een band bij ons: met die power staan we muziektheater te maken. Maar toch: gewoon met z'n tweeën."

Is dat de reden dat jullie niet met een band op tournee gaan maar met vier schermen? Omdat anderen misschien ruzie zouden kunnen gaan maken?
"Misschien wel ja. Je weet niet wat je binnenhaalt hè? Wij functioneren gewoon heel goed samen. Op een feestje ben ik weleens blij als Niels er niet is, want als hij er wél is, staan we meteen met z'n tweeën en is het gewoon meteen weer dát."

Waarin verschillen jullie?
"Niels is van ons twee nog altijd de ambitieuze. Ik ben een genieter: na de opname van De Kwis wil ik het liefst in de studio blijven hangen, alles opdrinken en met iedereen praten. Niels wil naar huis, verder denken over wat er beter kon. Toen wij elkaar net kenden, ging ik heel erg over de muziek en hij over de tekst, in poëtische zin is dat misschien nog steeds zo: ik ga meer over het gevoel, hij over de ratio."

Muziek is altijd uw grote liefde geweest?
"Mijn zusje ging op gitaarles, ik pakte haar gitaar af. Zodra ik dat ding in handen had, ben ik op de bovenste snaar een liedje gaan schrijven en in een paar dagen kon ik gitaarspelen. Ik wilde gewoon liedjes schrijven, niets anders, en die gitaar was noodzakelijk kwaad daarvoor. Later kwam er een piano in huis - mijn vader wilde piano leren spelen - en onmiddellijk ben ik uit gaan puzzelen hoe dat werkte."

'Ik wilde gewoon liedjes schrijven, niets anders, en die gitaar was noodzakelijk kwaad daarvoor.' Beeld Ivo van der Bent

Komt u uit een gezin waar jullie allemaal muziek maakten?
"Helemaal niet! Mijn vader is makelaar, mijn moeder was stewardess en werkte later op Schiphol. Het was wel zo'n huis waar altijd muziek aanstond. Verder was mijn vader dol op Laurel & Hardy en Inspecteur Clouseau - hij vindt lachen heel belangrijk, en ik vond het fantastisch als hij lachte. We zijn in Amstelveen opgegroeid, maar ik had een busabonnement en uit school vertrok ik meteen naar Amsterdam, want ik ben dol op deze stad. Dan ging ik over de grachten wandelen, en naar Concerto."

U leefde voor de lach van uw vader en u ging met de bus naar Amsterdam om door de stad te wandelen - wat was u een schattig kind!
"De keerzijde was dan weer dat ik geen vriendjes had. Ik vond dit allemaal belangrijker dan sociaal zijn. Als iemand vroeg of ik na school wilde spelen, zei ik: 'ja, is goed', maar zodra we uit waren, rende ik naar mijn moeder toe zodat ze zou zeggen dat ik naar de tandarts moest."

"Wat ik voornamelijk wilde was thuis zitten, plaatjes draaien. Als er kinderen voor de deur stonden, riep ik door de brievenbus dat ik niet kwam. Ik werd niet gepest, ik was niet ongelukkig, maar ik had gewoon géén behoefte aan sociaal contact. Andere mensen zag ik als ruis. Waarschijnlijk was ik ook gewoon extreem verlegen."

Wie waren uw absolute helden?
"Het begon allemaal met Freek. En ik vind het dus nog altijd bijzonder om met Joep van Deudekom te werken, want er zijn voorstellingen van NUHR die ik eindeloos vaak gezien. Vond ik gewéldig. Paul de Leeuw, idem dito. Seth en Fiona, De Schreeuw van De Leeuw - daar was ik echt een gigantische fan van. Dat ik die mensen nu gewoon kén, dat ik met ze werk..."

...is nog altijd ongelofelijk?
"Ja, soms moet ik mezelf echt in mijn arm knijpen. Zeker met Paul de Leeuw, omdat hij altijd zo héél erg Paul de Leeuw is. Soms schrijf ik ook teksten voor hem, voor zijn andere programma's, en als hij mijn teksten uit staat te spreken, denk ik weleens: wát is hier gebeurd man!"

U houdt niet van conflicten, maar iemand als Paul de Leeuw zou ik niet als een conflictvermijdend persoon omschrijven.
"Wij zijn met De Kwis in zijn leven gekomen in een tijd dat hij het, professioneel gezien, moeilijk had. Hij had net een mislukt programma achter de rug, in zijn nieuwe zaterdagavondshow gingen wij een satirisch blok van een kwartier maken. Dat sloeg aan, het is het begin van De Kwis geworden, dus er was meteen feeststemming. Inmiddels is het zo dat als wij De Kwis maken, hij er simpelweg niet bij mag zijn: hij moet vers op de grappen reageren als hij ze ziet, hij is het publiek."

"Op vrijdag komt hij even langs, maar dan klappen we de laptops dicht en bedekken we de whiteboards. Het is een deel van de kracht van het programma: óók als we een grap maken die niet leuk is, ga je je als kijker toch afvragen hoe Paul reageert. Dat geeft een dynamiek die voor ons heel handig is. Maar los van dat alles, ik mag 'm gewoon ontzettend graag."

U zingt soms mee met Het Nieuwe Lied en heeft een paar jaar geleden ook een cd gemaakt met eigen werk. Gaan die liedjes over uzelf?
"Ja, of over kleine dingen die me opvallen. Als ik op vakantie ben geweest, kom ik altijd terug met ten minste drie persoonlijke liedjes. Die rollen er zo uit."

Het viel me op dat die liedjes óf heel romantisch en teder, óf tamelijk zwartgallig zijn.
"Blijkbaar zijn dat twee kanten van mij. En misschien maak ik die bittere kant wel wat groter, omdat ik in de rest van m'n leven zo conflictvermijdend ben - ik moet het toch érgens in kwijt."

Ze gaan ook over de weerbarstigheid van het leven. Bevalt het u om ouder te worden?
"Ja, eigenlijk wel. Het leven wordt serieu­zer, maar dat is niet zo erg. Er is ook meer innerlijke rust."

Was er veel innerlijke onrust?
"Ik was vooral heel onzeker. Niet zozeer over theaterwerk, maar over mezelf, als mens. Een tijdje geleden heb ik meegedaan met What's the right thing to do, een programma van de Human, waarbij we met een stuk of dertig mensen, onder leiding van een Amerikaan, maatschappelijke thema's filosofisch gingen benaderen, in een amfitheater in Griekenland. Die mensen kwamen van over de hele wereld, hadden geen idee wie ik was, en automatisch werd dat een soort vriendengroep."

'Als ik op vakantie ben geweest, kom ik altijd terug met ten minste drie persoonlijke liedjes.' Beeld Ivo van der Bent

"Toen het voorbij was, heb ik echt de tranen van mijn wangen moeten vegen: voor het eerst in lange tijd voelde ik dat ik er zelf, als mens, óók wel toe deed. Ik heb de neiging om mezelf heel erg nietig te voelen, misschien dat ik daarom ook zo'n onstuitbare drang heb om dingen te maken. Ik vind mezelf volstrekt oninteressant, als ik iets gemaakt heb kan ik tenminste zeggen: 'Kijk dáár maar naar.'"

Uw valkuil is dat u zichzelf te veel marginaliseert, in uw hoofd?
"Misschien, ja. Niet dat ik daar zwaar onder lijd, maar die neiging heb ik wel."

Bent u in essentie socialer geworden dan toen u elf was?
"Man, ik ben véél socialer geworden! En veel zekerder van mezelf. Ik vind het nu ook oprecht leuk om sociaal te zijn. Vroeger, als we in een theater kwamen, sprak Niels altijd met de schouwburgdirecteur en stond ik er zwijgend bij, als een soort debiel."

"Daar schaam ik me met terugwerkende kracht enorm voor - doe eens normaal man, je kunt toch gewoon leuk doen! Maar ik kon dat echt niet opbrengen. Nu vind ik het juist leuk, ik vind andere mensen ook écht heel vermakelijk. Het is pas na mijn dertigste gebeurd, maar de wereld heeft zich voor mij geopend."

Jeroen Woe

2 april 1981, Amsterdam

1999 Vwo Keizer Karel College, Amstelveen
2004 Eindexamen Kleinkunst­academie
2004-2012 Cabaret Spijkers met koppen (Vara)
2005 Van der Laan & Woe winnen Wim Sonneveldprijs
2007 Eerste theaterprogramma, Ctrl+Alt+Del
2011 Neerlands Hoop voor theaterprogramma Superlatief
2011-2013 Nieuwsquiz in PAU!L (Vara)
2013 Regie Schettino! van Erik van Muiswinkel
2013 Solo-cd Als je aanbelt doe ik open
2013-2018 De Kwis (Vara)
2017 Theaterprogramma Pesetas

Jeroen Woe woont samen met zijn vriendin in het centrum van Amsterdam.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden