Plus

'Je moet nu maar geloven dat die ziektes erg zijn'

Het consultatiebureau ziet steeds meer ouders met twijfels over kindervaccinaties. De voorlichting is hier onvoldoende op afgestemd, stelt het RIVM. Tijd voor een nieuwe aanpak: een bijspijkercursus en extra tijd voor een goed gesprek.

Circa 90 procent moet aan het vaccinatieprogramma meedoen, anders kan er een ernstige infectieziekte uitbreken Beeld anp

Ze zijn deze week voor alles uitgemaakt wat lelijk is, ouders die twijfelen of afzien van vaccinatie van hun kinderen tegen ernstige ziekten als kinkhoest en mazelen. Gevaarlijke gekken, zwevers, idioten, griezels, heksen en ga nog maar even door. Zonder hun potentieel besmettelijke kinderen af op Rottumerplaat, weg van onze kinderdagverblijven en speeltuinen.

In het andere kamp werd trouwens ook hard terug gefoeterd over ouders die hun kinderen 'gedwee gif in laten spuiten'.

De vaccinatiediscussie ligt, om het zacht uit te drukken, gevoelig, ook omdat de 'ieder-zijn-meug-houding' niet opgaat bij een rijksvaccinatieprogramma. Circa 90 procent moet meedoen, anders bestaat het risico van een uitbraak van een ernstige infectieziekte. Nog niet ingeënte kinderen kunnen dan besmet raken.

Tegelijkertijd is er een groep die ervan overtuigd is dat niet (of deels) vaccineren beter is. Die willen hun kind niet 'opofferen' voor de groep. Aan het RIVM - dat het rijksvaccinatieprogramma coördineert - de taak om de opkomst zo hoog mogelijk te houden.

Ondergrens
Maar daar loopt de laatste jaren iets mis. Het aantal kinderen dat tegen de twaalf ziektes wordt ingeënt, loopt terug. Grofweg is de verdeling zo: vijftien procent heeft vragen of twijfels bij de vaccinatie, maar doet het toch. Tachtig procent laat zonder problemen prikken en vijf procent doet het niet.

Kortom, het aantal kinderen dat wordt ingeënt, is 95 procent, maar het RIVM ziet al twee jaar op rij een daling van 0,5 procentpunt.

Dat lijkt weinig, maar niet als je bedenkt dat de buffer naar de ondergrens - landelijk negentig procent - zo klein is. In een deel van Amsterdam-Zuid is de vaccinatiegraad voor de DTKP-prik (difterie, tetanus, kinkhoest en polio) bij zuigelingen 89 procent.

Specifieke vragen
De medewerkers van de consultatiebureaus worden steeds vaker geconfronteerd met een nieuw type klant: die met bedenkingen en inhoudelijke, vaak heel specifieke vragen.

"Ik zie ouders die zeggen: ik leef bewust, ik let op voeding, op levensstijl en nu wil ik ook weten wat je in mijn kind spuit," zegt jeugdarts Lucy Smit van de vereniging van jeugdartsen AJN. "Het zijn júist mensen die zich goed informeren. Ze zoeken zelf naar antwoorden en ze nemen niet meer zomaar alles aan van de overheid."

Probleem is volgens haar dat het moeilijk is om op internet goede informatie te krijgen als je inhoudelijk meer wilt weten dan het brochuremateriaal. Er circuleert veel onzin - onderzoeken die zijn herzien of vage studies.

Ontbijtkoek
Dat roept bij de ouders niet alleen vragen op, maar ook wantrouwen. "Het is moeilijk de meningen van de feiten te scheiden. Er is gewoonweg te veel informatie - een algemeen probleem als het gaat om gezondheid. Probeer maar eens de meest gezonde ontbijtkoek uit het schap te trekken; dat is bijna niet te doen."

Achter het gevoel zit vaak een heel concrete zorg, zegt manager van het rijksvaccinatieprogramma Hans van Vliet. "Bij de een is dat: 'Goh, krijgt mijn kind geen epilepsie?' Bij de ander: 'Spuiten ze geen kwik in?' Of: 'Is mijn dochter niet veel te jong voor al die prikken?'

Altijd zit er wel een onderliggende vraag achter, die vaak heel goed te beantwoorden is." Als je twijfelaars in het programma wilt houden, kom je niet ver met een brochure en een verwijzing naar de website - wat nu nog weleens voorkomt.

Niet goed genoeg
"Het gaat erom: welke vragen hebben mensen over het vaccinatieprogramma en beantwoorden we die? Dat doen we nu niet goed genoeg. Dus er moet iets gebeuren."

Het RIVM neemt maatregelen om de voorlichting te verbeteren, een traject dat al werd ingezet vóór alle ophef. Alle verpleegkundigen en artsen die binnen het rijksvaccinatieprogramma werken, krijgen volgend jaar een online cursus aangeboden, zodat ze worden bijgespijkerd over de inhoud van de vaccins en de achtergronden van het vaccinatieschema.

Ook wordt op termijn ruimte gemaakt in de financiering, zodat er meer tijd is om met bezorgde ouders te praten. Sinds een paar jaar worden ouders in de uitnodigingsbrief voor de vaccinatie ook geattendeerd op de bijsluiters op de website - ook weer omdat daar steeds vaker naar werd gevraagd.

Persoonlijke voorlichting
De persoonlijke voorlichting loopt, zo moet Van Vliet erkennen, op dit moment achter. Dat komt doordat het programma alleen het prikken vergoedt; de tijd die de arts kwijt is aan voorlichting is niet te declareren.

Ander punt: jeugdartsen zijn in hun opleiding onvoldoende in kritische vragen getraind. "Het was lange tijd niet nodig om de noodzaak van de prikken aan de ouders verder uit te leggen, want de ernst van de ziektes lag nog vers in het geheugen."

"Dat is nu anders. Bij sommige ziektes hebben mensen nauwelijks nog een beeld. Bijvoorbeeld rode hond - die ernstige gevolgen voor zwangeren heeft. We zien het niet meer in onze omgeving, en dus moet je maar geloven dat het ernstig is."

Nog geen zorgen
Amsterdam geeft hetzelfde beeld als landelijk, zowel in vaccinatiegraad als het fenomeen van de groeiende groep ouders met kritische vragen.

Zowel de GGD als het RIVM benadrukt dat het niet alleen om de hoger opgeleide ouder gaat, maar dat de groep veel diverser is - al zou je door de relatief lage DTKP-vaccinatiegraad in delen van Zuid anders vermoeden.

Volgens Astrid Nielen, hoofd staf Jeugdgezondheidszorg in Amsterdam, zijn de verschillen zo klein - in absolute aantallen gaat het om enkele tientallen niet-gevaccineerde kinderen - dat er geen conclusies aan moeten worden verbonden.

Nielen maakt zich voor de vaccinatiegraad in Amsterdam nog geen zorgen - die is vergelijkbaar met die in Nederland, behalve dan de HPV-vaccinatie voor meisjes van twaalf jaar, ter voorkoming van baarmoederhalskanker.

Niet bemoeizuchtig
Die was in 2015 44 procent - veel lager dan landelijk, of ter illustratie, in Amstelveen (71 procent). "Misschien speelt de associatie met seks mee, misschien is van invloed dat meisjes op die leeftijd niet willen, of misschien zijn de ouders tegen."

Het schetst wel hoe nauw de uitvoering van het vaccinatieprogramma luistert. Smit vindt ook dat de voorlichting over de hele linie beter moet: 'voorlichting en advies 2.0'. Alleen, de vraag is hoe. "Wij zijn bang geworden om als 'consternatiebureau' door te gaan - om als bemoeizuchtig te worden gezien."

"Mensen denken dat ze het zelf wel weten, wat lang niet altijd zo is, anders waren er geen overgewicht, cariës en gehoorschade bij kinderen. Maar we hebben ervoor gekozen geen ongevraagd advies te geven. Nu zie je bij de vaccinaties dat het de andere kant op slaat: als mensen niet weten welke vraag ze moeten stellen, dan kunnen wij ze ook niet beantwoorden. Daar moeten we wat mee."

Voor: Jantien Plooij

35 jaar en zakelijk leider in podiumkunsten, Amsterdam-Noord
"Geen haar op mijn hoofd die twijfelt over het inenten van mijn dochters. Vaccinatie is een vooruitgang van de medische wetenschap, en ik vind de recente twijfel daarom opmerkelijk. Iedereen heeft een eigen stijl van opvoeden, maar in het geval van vaccineren vind ik het zorgwekkend dat mijn dochter van vier maanden, die nog niet is ingeënt, gevaar loopt als ze in aanraking komt met een kind met mazelen. Maar ik denk dat ik het sentiment van die ouders begrijp. Ze zijn bang om hun kinderen met een voor hen onbekende stof te vaccineren. Ik hoop echter wel dat ze zich willen openstellen voor de wetenschappelijk bewezen argumenten."

Jantien Plooij. Beeld Daniel Cohen

Tegen: Joris Baas

50 jaar en zelfstandig ondernemer, Amsterdam-Oost
"Ik ben geen expert, maar vader en dus eindbeslisser over wat het beste is voor mijn kinderen. Na het overlijden van mijn vrouw ben ik mij kritisch gaan verdiepen in de gezondheid. Mijn kinderen zijn op jonge leeftijd ingeënt, maar dat zou ik nu niet meer klakkeloos doen. Mijn dochter kreeg op haar twaalfde een oproep voor de HPV-vaccinatie. Er zijn wereldwijd problemen met dat vaccin. Voordat ik de inenting goedkeur, wil ik bewijzen hebben dat het veilig, werkzaam en noodzakelijk is. Ik wil harde wetenschap zien en de onafhankelijkheid van instanties, zoals het geneesmiddelenbureau van de EU, moet bewezen worden."

Joris Baas. Beeld Daniel Cohen

Voor: Hidde Boersma

36 jaar en moleculair bioloog en wetenschapsjournalist, ­­Amsterdam-Noord
"Ik heb een dochter van vier maanden die ingeënt is voor DKTP en pneumokokken. Vaccinatie is samen met antibiotica een van de allerbelangrijkste wetenschappelijke uitvindingen. Honderd jaar geleden stierf een op de vijf kinderen aan infectieziekten, en nu bijna niemand meer. Het is gek dat ouders zelf op onderzoek gaan en hun oordeel op gelijke hoogte zetten met dat van honderd jaar medische wetenschap. Mensen die niet willen laten prikken, hebben het gevoel de controle over hun leven te verliezen. Voor hen is het de manier om de controle terug te pakken. Het is een ideologie die heel moeilijk is te doorbreken."

Hidde Boersma. Beeld Daniel Cohen

Tegen: Mara Kroon

34 jaar en huismoeder, De Pijp
"Mijn zoontje van twee en dochter van vijf zijn net als ik niet ingeënt. Ze hebben nog nooit een arts hoeven zien. Nederlandse kinderen zijn gezond, ze groeien op in goede leef­omstandigheden met goede voeding. De overheid laat zich leiden door eenzijdige informatie van onderzoeken die van de farmaceutische industrie komen. Die bedrijven spelen in op de angst van ouders, want ze zijn gebaat bij hoge medicijnverkoop. Tegenstanders van inenten worden neergezet als een stelletje gekken, maar veel kinderen worden beschadigd door vaccins. Die kunnen tot hersenbeschadiging leiden, zelfs tot de dood."

Mara Kroon. Beeld Daniel Cohen
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden