Janine Jansen speelt Vivaldi met duivelse passie (****)

De Robeco Summernights van dit jaar eindigden dit weekeinde in het Concertgebouw met de winter uit Vivaldi's 'De vier jaargetijden.' Het laatste van de vier barokconcertjes voor strijkers en soloviool kreeg gisteravond - net als de drie concerten die eraan voorafgaan - een absolute topuitvoering van Amsterdam Sinfonietta en stervioliste Janine Jansen.

Janine Jansen Speelt met het Amsterdam Sinfonietta De vier jaargetijden van Antonio Vivaldi.Beeld Simon van Boxtel

Het almaar blijvende succes van Vivaldi's 'De vier jaargetijden' zit hem in de combinatie van uiterst trefzekere eenvoud: rake melodieën, en motieven die als de hook uit een hedendaagse pophit meteen in het geheugen haken. Wat het afmaakt - en wat deze vier concerten de status van meesterwerk heeft bezorgd - is dat Vivaldi tegelijkertijd een enorme rijkdom aan grillig verrassende wendingen in de muziek aanbracht. Het zit vol emotionele uitbarstingen en uiterst originele klankuitbeeldingen die, ook als je ze vaker gehoord hebt, nog steeds opwinden.

De geweren van de jacht in de herfst klinken door ongehoord fel met de vingers getokkelde snaren en het onzekere glijden en krassen van niet zo geoefende schaatsers in de winter wordt fraai weergegeven door de snaren dicht bij de kam aan te strijken, in plaats van iets verder daarvandaan. Natuurlijk kwinkeleren er vogeltjes en natuurlijk zijn er fraaie donder- en bliksemstormen - vaker dan de uitgebeelde seizoenen rechtvaardigen, maar dat is Vivaldi graag vergeven.

Raffinement
Amsterdam Sinfonietta speelt de eigenlijk best lastige partituur met een zelden gehoord raffinement en detail en bovendien vindt de interpretatie die onder leiding van eerste violiste Candida Thompson gestalte krijgt een perfect midden tussen stijlgetrouwheid en op het scherp van de snede: recht uit het hart en niet aan stijl gebonden musiceren, zonder interpretatieve belemmeringen. Dat het er zo uitkomt bij Sinfonietta heeft alles te maken met de weergaloze instinctieve interpretatie van Janine Jansen - als altijd tot het gaatje gepassioneerd spelend.

Jansen is een mooie fee als ze de trap naar het podium van de grote zaal afdaalt, maar als ze speelt, klinkt de duivelse passie die volgens overlevering aan alles wat de romantische vioolgod Paganini speelde een demonisch aantrekkelijke lading geeft.

Hysterisch
Even goed gespeeld, maar zonder de attractie van Janine Jansen, waren de interpretaties van Alban Bergs 'Eerste sonate' en Beethovens 'Strijkkwartet in f, opus 95' die voor de pauze op het programma stonden. Beide stukken zijn bewerkingen - Bergs sonate is voor piano en Beethovens strijkkwartet is, jawel, voor strijkkwartet, en niet voor de acht keer grotere bezetting van Amsterdam Sinfonietta.

Gustav Mahler bewerkte Beethoven, maar als Beethoven zijn kwartet voor strijkorkest had bedoeld, had hij een heel ander dynamisch palet gebruikt. Beethovens muziek wordt een beetje hysterisch in de grote bezetting in plaats van flitsend, ironisch en bijtend.

Bergs sonate is van zichzelf al overdreven expressief. Al die grote gebaren overschreeuwen nogal eens de niet zo heel veelzeggende muzikale inhoud.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden