Plus Column

Jaloers op de IJslanders die de jeugd van Ajax mogen zien voetballen

Menno Pot is popjournalist, voetbalschrijver en Ajacied. Hij schreef twee boeken over Ajax: Vak 127 en Sporen van Ajax. Iedere donderdag verschijnt hier zijn column.

Menno Pot Beeld Wolff

'Ajax O19 maakt kennis met Kópavogsvöllur,' las ik op de officiële Ajaxsite. Foto erbij van het stadionnetje (want dat is het: de naam van een stadion) waar de jonge Ajacieden een paar uur later met 0-3 van Breidablik zouden winnen, de IJslandse landskampioen in hun leeftijdscategorie.

Mijn bloed ging er sneller van stromen. Als klein jonge­tje zag ik IJsland als het beloofde land van het voetbal. In mijn dagdromen zegevierde Ajax niet bij Real Madrid en Juventus, maar in Reykjavik of liever nog, in de woeste IJslandse natuur, tussen overhellende zwarte rotsen en slierten zwaveldamp, met een paar verdwaasde papegaaiduikers als toeschouwers.

Dat ik dat als het hoogst haalbare zag, kwam door Knudde naar IJsland (1978), mijn favoriete voetbalstrip, waarin Oranje moet aantreden op een veld vol kraters en hoog opspuitende geisers. De IJslandse spelers waren geduchte tegenstanders: handige, kleine mannetjes die gewend zijn aan de bizarre omstandigheden.

In de F.C. Knuddestrip komt een club voor die Knattspyr­nufélag Reykjavíkur heet, een naam die me hikkend van het lachen van de bank deed rollen.

Sindsdien hoor ik tot het selecte gezelschap Nederlanders dat op de vraag 'wat is voetbalclub in het IJslands?' achteloos knattspyrnufélag kan antwoorden.

Ergens tussen Knudde naar IJsland en 2016 is me wel duidelijk geworden dat het IJslandse knattspyr een tamelijk bescheiden plek inneemt in het Europese clubvoetbal.

Toen ik een foto zag van een Ajaxspeler, wandelend langs de rotsige Atlantische kust, was ik vooral jaloers op de IJslanders omdat ze in het Kópavogsvöllur mochten gaan kijken naar Matthijs de Ligt, Carel Eiting, Kaj Sierhuis en al die anderen.

Zij gaan Ajax de komende jaren naar een niveau tillen waar je weinig IJslandse knattspyrnufélags tegenkomt. Dat weet ik zeker en het is een fijn gevoel.

Reageren? m.pot@parool.nl

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden