Plus PS

J'Aimsterdam: Steeds meer Fransen wonen in de stad

Een groeiend aantal Fransen sluit Amsterdam in zijn hart en komt hier wonen en werken. 'Ineens zitten jonge Franse vrouwen op de bakfiets.'

Beeld Van Santen en Bolleurs

Je moet een beetje van Frankrijk houden om het te weten. Om het steile stenen trapje op Keizersgracht 529 af te dalen en je onder te dompelen in een souterrain vol Frans ­cultuurgoed.

Een plek waar titels van ­klassieke Franse grootheden als Verlaine, Rimbaud, Baudelaire en Proust niet liggen te vergelen, maar bekleed zijn met nagelnieuwe ­kaften. Waar onlangs uitgekomen Franse romans, ­graphic novels en poëziebundels op de tafels schitteren.

Pierre-Pascal ­Bruneau (63) beent geestdriftig af en aan met stapels boeken en brochures die volgens hem ­aandacht verdienen: "Dit boek van Pauline Dreyfus bespreken we binnenkort tijdens onze ­soirée littéraire."

Lawaaiig
Boekhandel Le Temps Retrouvé is een lapje Frankrijk op de Keizersgracht. "Voor Fransen voelt het als thuiskomen. Hier kunnen ze Frans praten en de boeken vinden die ze graag lezen." Bruneau ruimde in 2014 met zijn Nederlandse vrouw Elise Klein Wassink het souterrain onder zijn woonhuis leeg en begon een Franse boekwinkel. Heel wat anders dan de lange dagen die hij maakte als advocaat in Parijs.

"Toen onze twee dochters naar school moesten, besloten we naar Nederland te verhuizen. Het Nederlandse onderwijssysteem leek ons beter dan het Franse, dat veel hiërarchischer is. Een goed besluit, want de kinderen zijn gelukkig hier."

Dat geldt ook voor Bruneau zelf. "Het leven in Amsterdam is simpeler. In Parijs zijn de afstanden zo groot en is het erg lawaaiig. Hier fiets je in tien minuten van de ene naar de andere plek. Amsterdam is een provinciale stad en heeft tegelijkertijd alles van een metropool."

Pierre-Pascal Bruneau voor zijn boekhandel Le Temps Retrouvé: 'Het voelt als thuiskomen' Beeld Carly Wollaert

Een stukje Frankrijk
Bruneau mist zijn geboorteland vrijwel nooit, al helpt het dat hij hier zijn stukje Frankrijk heeft gecreëerd. Hij sprong in het gat dat Maison Descartes achterliet, de Franse culturele ambassade op de Vijzelgracht.

Die hield in 2016 wegens bezuinigingen op te bestaan, waardoor Fransen en francofielen hier literaire en culturele activiteiten moesten missen. Bruneau richtte daarom de stichting l'Échappée Belle op en begon literaire ­soirées en Franse filmavonden in het Ketelhuis.

"In ons huis organiseren we regelmatig literaire avonden met een Frans cocktaildiner. Elke tweede zaterdag van de maand is achter in de winkel een Franse poppenkastvoorstelling voor kinderen."

Vorig jaar zomer kwam daar het onderkomen La Maison de l'Échappée Belle op de ­Spiegelgracht 2A bij. In dit souterrain ­kunnen de veelal Franse bezoekers elkaar ontmoeten, ­­thee of koffie drinken, een madeleine of meringue nuttigen, boeken ruilen en Franse kranten lezen.

Veel cultuur
In Amsterdam wonen naar schatting 8000 Fransen, van wie er 5600 geregistreerd zijn bij het Franse consulaat. Er is sprake van een stijging: in 2009 waren het er 4821. Dat is nog altijd niet veel als je bedenkt dat er 300.000 Fransen in Londen wonen en er dubbel zo veel Britten (16.000) in Amsterdam wonen en werken.

Het zijn enerzijds Fransen met een Nederlandse partner, anderzijds Franse expats. De laatste groep blijft volgens Bruneau meer in hun Franse omgeving en heeft vaker kinderen op de Franse school, het Lycée Vincent van Gogh in De Pijp.

Sarah Haïlé-Fida (50) woont sinds tien jaar met haar Franse man en kinderen in Amsterdam. Als loopbaanadviseur merkt zij dat een toenemend aantal Fransen geïnteresseerd is in Amsterdam. "Ze willen hier graag wonen en werken. Ze vinden er het beste van twee werelden: veel cultuur en minder verkeersdrukte dan in Parijs."

Bij vijftig procent van de werkzoekenden gaat het om partners van expats. Een kwart bestaat uit jongeren ­tussen de twintig en vijfentwintig jaar, die hier hun geluk willen beproeven. Daarnaast zijn er Franse vrouwen die in Nederland wonen en na een scheiding weer aan het werk willen of hun baan kwijt zijn."

Trekpleisters
Haïlé-Fida verwacht dat het aantal door de brexit verder zal stijgen. "Veel Fransen in Londen zullen overwegen naar Amsterdam te verhuizen." Vaak vinden ze een baan bij een callcenter, internationale bedrijven als Booking.com of in de IT-­sector. Ook is er volgens Haïla-Fida een groeiende groep jonge Fransen die begint als zzp'er in de cultuur- of voedingssector.

Die trend is overal in de stad zichtbaar. Veel Franse dertigers beginnen hier een bedrijf. Zo is de ambachtelijke slagerij van Alain ­Bernard een geliefd adres op de Albert Cuyp. Fransen fietsen om voor zijn faux filet (Franse entrecote), ­saucissons, onglet (longhaas) en rillettes. Daarnaast gelden de Bretonse crêperie Cocotte op de Spuistraat en bakkerij Le Fournil de Sébastien in Zuid inmiddels als trekpleisters.

In september 2017 opende het Franse koppel Caroline Moisson en Anthony Mariotti wijnbar Le Baravin in De Pijp, met Franse ­wijnen en gerechtjes als foie gras, terrines van escargots of kikkerbillen en rillettes. In de ­Jordaan begon Lorraine Niss vorig jaar ontbijt-en lunchcafé Chez ­Lorraine.

In veel gevallen hanteren deze Franse ondernemers een Engelse menukaart. Wie ooit op een terras in Parijs heeft geprobeerd iets in het Engels te bestellen, en de ober daar met subtiele walging op zag ­reageren, zal dat opmerkelijk vinden.

Cursus Nederlands
De tijden zijn veranderd, ervaart ook ­de Nederlandse Marjolijn van Eys, bestuurslid van Amsterdam Accueil, een vereniging voor Franstalige vrouwen en stadsgids voor Fransen.

"Zo'n dertig jaar geleden spraken de ­vrouwen van Franse expats echt geen Engels of Nederlands. De taal leren vonden ze zonde van hun tijd. Ik werd dan ook non-stop gebeld of ik een Franse kinderarts, dokter, tandarts of kapper voor ze wist. Tegenwoordig spreken jonge Fransen heel goed Engels en volgen ze vaak nog een cursus Nederlands."

Dat geldt ook voor Parisienne Audrey Krief, eigenaar van My Little Patisserie in de Eerste van der Helststraat. Vier jaar geleden verhuisde ze met haar Nederlandse vriend naar Amsterdam. Ze hebben nu een dochtertje van twee. Krief spreekt vloeiend Engels en heeft haar patisserie een Engelse naam gegeven. "Pas later bedacht ik me dat hij eigenlijk Frans had moeten zijn."

Myriam Bouzid, taaldocent bij de Waalse kerk: 'Fransen zijn erg gecharmeerd van de vrijere maatschappij hier' Beeld Carly Wollaert
Slagerij Alain Bernard op de Albert Cuyp. Fransen fietsen ervoor om Beeld Carly Wollaert


Slecht eten, te veel regen

De betere beheersing van de Engelse taal maakt het leven voor Fransen in Amsterdam, volgens Van Eys, een stuk makkelijker. "Vroeger klaagden ze meer. Er deugde maar weinig in Nederland: het eten was niet goed, het regende te veel."

"Bij een kuchje kregen ze geen penicilline van de Nederlandse dokter, dus haalden ze die in Frankrijk. Het vlees lieten ze in Lille ­snijden, want dat konden de slagers in Amsterdam niet. Daar zijn ze van teruggekomen: nu ze in het Engels kunnen zeggen hoe ze hun vlees willen, blijken de slagers hier het prima te kunnen."

Van Eys ziet ook dat jonge Franse expatvrouwen vaker gaan werken. "Ze ­zitten net als Nederlandse moeders op de bakfiets. Dat is echt een verandering. Ik heb het idee dat Fransen hun draai nu beter kunnen vinden. Vaak hoor ik dat ze het leven in Amsterdam geweldig vinden. Het fietsen, de vrijheid, de gelijkwaardigheid."

Had de Franse filosoof René Descartes het daar zo'n vier eeuwen geleden ook niet over? Op een gevelsteen op de Westermarkt 6, waar Descartes jaren woonde en werkte, prijkt zijn citaat: 'Quel autre pays, où l'on puisse jouir d'une liberté si entière?' - 'In welk ander land kan men genieten van een zo totale vrijheid?'

Gevelstenen
Descartes koos voor Amsterdam omdat hij er in alle rust kon werken. Hij was niet de enige. Ook Waalse en Franse vluchtelingen, de zogenoemde hugenoten, en vrijdenkers trokken in de zeventiende eeuw massaal naar Amsterdam. Als andersdenkenden voelden zij zich er thuis. Zij vestigden zich vooral in de volkswijk de Jordaan, in die tijd een Frans bolwerk.

Vermoedelijk komt de naam voort uit het Franse 'jardin' (tuin). Niet voor niets zijn vrijwel alle ­straten er vernoemd naar bloemen, planten en bomen. Bekende familienamen uit de Jordaan, zoals Perlee (de orgelfamilie), Lancée en Baljé herinneren nog aan de Franse oorsprong.

Verschillende gevelstenen verwijzen naar de aanwezigheid van voormalige Franse bewoners. In de zeventiende eeuw, toen er nog geen huisnummers bestonden, werd een adres aangeduid met namen die afgebeeld stonden op de gevelstenen.

Zo is op de Keizersgracht 320 een gezicht op ­Bordeaux te zien met de naam In De Stat Van Bordee en vind je op de gevelsteen van Huis Marseille een gezicht op de havenstad Marseille.

Francofoon en francofiel
In de Waalse Kerk aan het Walenpleintje, ook wel l'Eglise Wallonne, komen Fransen al sinds 1578 samen. De protestantse Walen en de hugenoten vluchtten voor de godsdienstvervolging van de rooms-katholieken en vonden er een beschermd onderkomen.

Tot op de dag vandaag vindt daar elke zondagmorgen een Franse kerkdienst plaats. Nog slechts een handjevol Fransen schuift aan op de groen beklede kerkbanken, want ook de Waalse Kerk bleek op den duur niet bestand tegen de ontkerkelijking.

Op een doordeweekse middag klinkt in de kerk een kakofonie van zangerig Frans. Tientallen Fransen hebben zich er verzameld voor de bijeenkomst Avenir Emploi Pays Bas. Ze krijgen tips en advies bij het vinden van een baan in Nederland. Het is een van de activiteiten die Barend Toet, directeur van de Waalse Kerk, voor ogen had toen hij de ruimte een nieuwe invulling wilde geven.

"Een voorwaarde van het kerkbestuur was dat het Franse dna van de kerk behouden zou blijven. We kiezen er daarom voor om de geschiedenis en het heden met elkaar te verbinden. Net als vierhonderd jaar geleden moeten ­Fransen zich hier thuis voelen en in ­contact kunnen komen met Nederlanders."

Progressief imago
Sinds anderhalf jaar geven Franse taaldocenten, eerder actief voor Maison Descartes, Franse taallessen aan Nederlanders. Daarnaast worden Nederlandse taalcursussen voor Fransen aangeboden. Nederlanders en Fransen kunnen elkaar ontmoeten bij leesclubs, lezingen en workshops.

Audrey Krief, eigenaar van My Little Patisserie: 'Het belang van goed leven zit in ons dna' Beeld Carly Wollaert
Bakkerij Le Fournil de Sébastien, waar Fransen, net als bij My Little Patisserie, de juiste croissants vinden Beeld Carly Wollaert

"Onze bedoeling is dat de francofoon en de francofiel elkaar op deze manier in de armen vallen. Twee miljoen Nederlanders gaan jaarlijks met vakantie naar Frankrijk, dus enige interesse zou er ­moeten zijn."

Andersom zijn ­Fransen ­volgens Myriam Bouzid (52), Française en taaldocent bij de Waalse kerk, erg gecharmeerd van het progressieve imago van de stad en de vrijere maatschappij. "In Parijs zijn bijvoorbeeld veel minder vegetarische restaurants. Daar zuchten obers nogal eens als ik om een vegetarisch gerecht vraag."

Vaak zijn Fransen in Amsterdam nog op zoek naar wat ze van thuis ­kennen. Zo bestaan er Facebookgroepen zoals Maman à Amsterdam of French People in Amsterdam, om informatie uit te wisselen. Soms gaat dat over producten die in Nederland niet blijken te bestaan of minder voldoen aan hun verfijnde Franse maatstaven.

My Little Patisserie of Le Fournil de Sébastien zijn plekken waar Fransen naartoe gaan, omdat zij daar wél de juiste croissants vinden. "Het belang van goed eten zit in ons dna. Als kind leer je al onderscheid te maken tussen een goede en een slechte croissant," zegt Audrey Krief.

Stamppot
Dat beaamt Christophe Declerieux, werkzaam bij boekwinkel Le Temps Retrouvé. In 1997 verhuisde hij met zijn Nederlandse vriendin vanuit Lyon naar Amsterdam. "Aan het nepstokbrood kon ik niet wennen. Een tosti bij de lunch? In Frankrijk eten we drie gangen. Het aanbod is wel sterk verbeterd. Je kunt een smaakvolle croissant in Amsterdam kopen en er zijn goede restaurants. Maar het Nederlandse eten... Stamppot blijft toch stamppot, hè?"

Desondanks zeggen de meeste Parijzenaars niet terug te willen naar Parijs. "Het leven in Amsterdam is veel relaxter. De mensen gaan gelijkwaardiger met elkaar om," zegt Krief. "Amsterdammers kunnen beter genieten van kleine dingen," aldus Pierre-Pascal Bruneau. "Fransen staan zorgelijker in het leven. Als hier de zon schijnt na een regenbuitje, rennen mensen meteen naar het terras en zijn ze helemaal gelukkig. Dat vind ik mooi." l

J'Aimsterdam

Nadat in de zeventiende eeuw de Walen en hugenoten naar Amsterdam waren getrokken, brak in de periode 1795-1813 de Franse tijd aan. Nederland was toen officieel Frans grondgebied.

Lodewijk Napoleon werd in 1806 door zijn broer Napoleon uitgeroepen tot koning van Holland. Hij liet het stadhuis op de Dam inrichten als koninklijk paleis. In de stad zijn nog veel sporen uit die oude Franse tijd te vinden. De app j'aimsterdam is een wandelroute die langs die historische plekken voert.

Hij is te downloaden via www.fransamsterdam.nl (€3,99).

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden