Israëlische leger wil preciezer navigatiesysteem

Het Israëlische leger heeft onlangs de leveranciers van gps-software gevraagd hun producten aan te passen aan de praktijk op de Westelijke Jordaanoever. Foto AP

Een tomtomvergissing is nergens prettig, maar op de Westelijke Jordaanoever kan zoiets gevaarlijk zijn. Het Israëlische leger wil dat de gps-software wordt aangepast. De weg kwijtraken op de Westelijke Jordaanoever en ineens in een Palestijns dorp staan, omgeven door vijandige 'inboorlingen', het is de nachtmerrie van veel Israëliërs, ook al zetten de meesten nooit van hun leven een stap in de bezette gebieden.

Een goede wegenkaart of een adequaat gps-systeem kan zo'n scenario voorkomen. Daarom heeft het Israëlische leger onlangs de leveranciers van gps-software gevraagd hun producten aan te passen aan de praktijk op de Westelijke Jordaanoever. De kortste weg tussen twee Israëlische nederzettingen leidt daar vaak via Palestijns gebied, en dat kan gevaarlijk zijn.

Het Israëlische schrikbeeld heeft vooral te maken met beelden uit het recente verleden. Iedereen hier herinnert zich hoe aan het begin van de jongste intifada twee reservisten op weg naar hun basis de weg kwijtraakten en in Ramallah belandden. De sfeer was vijandig en het kostte de Palestijnse politie moeite de twee mannen over te brengen naar een politiebureau.

Een opgewonden menigte bestormde daarop de politiepost, reeg de twee Israëliërs aan het mes en wierp hun lichamen op straat. Op tv-beelden was te zien hoe jonge Palestijnen voor een raam trots hun met bloed besmeurde handen toonden. Die lynchpartij was voor Israëliërs reden zich voortaan geen tweemaal, maar driemaal te bedenken voordat ze de bestandslijn van 1967 overschrijden.

Dat geldt natuurlijk niet voor de driehonderdduizend kolonisten in het gebied en voor iedereen die zaken met hen doet. En evenmin voor de soldaten en reservisten die de nederzettingen moeten beschermen. De Oslo-vredesakkoorden hebben de kaart van de Westelijke Jordaanoever veranderd in een lappendeken, met A-gebieden (geheel onder Palestijns bestuur), B-gebieden (onder Palestijns bestuur, maar onder de hoede van het Israëlische leger) en C-gebieden (de nederzettingen en de doorgaande wegen, volledig onder Israëlisch bestuur).

Burgers met Israëlische identiteitskaarten mogen de A-gebieden niet in. Bij de ingang van Palestijnse dorpen in de A-zones staan daarom waarschuwingsborden. Maar er waait wel eens een bord om, zegt een legerwoordvoerder. En niet alle Israëliërs nemen de waarschuwingen even serieus, zeker niet nu de tweede intifada is uitgewoed.

Op veel Israëlische kaarten staan de A-, B- en C-gebieden niet eens aangegeven. En op sommige is om politieke redenen zelfs de bestandslijn van 1967 weggelaten, waardoor iemand die niet echt oplet, ongemerkt bezet gebied kan inrijden.

Blindelings vertrouwen op gps kan in dit deel van de wereld gevaarlijk zijn. De laatste jaren zijn er weinig meldingen van ernstig geweld, maar Palestijnse kinderen gooien soms met stenen en dat is vervelend genoeg. Het gebeurt bijna elke week wel een keer dat de Palestijnse politie een verdwaalde Israëliër die zich ongewild een A-gebied in heeft 'getomtomd', de uitgang moet wijzen. Als de fabrikanten van gps-software hun producten aanpassen aan de politieke realiteit, kan dat soort vergissingen simpel worden voorkomen. (AD BLOEMENDAAL)

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden