Plus

Is yoga de snelweg naar innerlijke vrede?

Een vriendin met een burn-out, zijn tandarts die vindt dat de stad te boosaardig is geworden en eigen existentiële noden doen Paul Teunissen besluiten yoga te proberen. 'Hoor ik nu iemand huilen? Of is het die vrouw met die snotneus?'

Beeld Van Santen en Bolleurs

Ik heb geleerd dat ik zelf de verandering moet zijn die ik in de wereld wil zien. Ik heb geleerd dat het niet helpt om altijd angstig te zijn over de ondergang van de wereld.

Dat ik mensen met een open gezicht en vooruitgestoken borst tegemoet moet treden. Ik heb geleerd dat scooterrijders heel vriendelijk kunnen zijn. Hoe je van oud verdriet verlost kunt raken. Dat, als de stad niet wil veranderen, ik dat maar moet doen.

En dat in drie weken tijd!

Zelfs een mars van duizend kilometer begint met de eerste stap.

De yogahost wreef zachtjes over haar blote, zwangere buik. Alsof ze het wilde tonen, nu het nog amper zichtbaar is.

Ze had een neusbelletje in, met motief.

Dat kon. Maar waarom praatte ze zo zacht en vond ze alles mooi wat ik zei? En waarom die schapenvellen en die natuurkleuren?

Ik werd er een beetje kriegel van.

Er zat veel onvrede in me. In het verkeer was ik grof. Mijn werk was ik beu. Ik huilde snel. Bij een film, een stervend diertje, als ik nadacht over de toekomst van mijn kinderen. Ik hoopte dat de zomervakantie er verandering in zou brengen, maar de toestand was weer net als daarvoor. Vermenigvuldigd met een grote creditcardschuld.

De drukke stad greep me naar de keel. Natuur maakt me rustig, maar ik kon moeilijk elke dag naar de duinen rijden. Als de stad niet wilde veranderen, moest ik dat maar doen.

Een vriendin met een burn-out vertelde hoe ze zichzelf met yoga probeerde te hervinden.

Radio Noord-Korea
Mijn eerste stap gaat omhoog, naar de bovenste verdieping van een statig pand aan de Bloemenmarkt. Daar zit Maarten van Huystee (41) van Delight Yoga. Amsterdam heeft zo'n 100.000 beoefenaars. En dat is niet voor niets, legt hij uit.

Vroeger had je winnaars, een grote groep gewone mensen, en losers. Nu hebben mensen het gevoel alleen nog maar winnaars te zien. Kijk maar op Instagram.

Amsterdam trekt veel winnaars aan. Als je het hier weet te redden, red je het overal.

Als hij vroeger op het terras van De Ysbreeker zat, voelde Maarten zich omringd door mensen die iets van hem dachten. Vinden ze me wel aantrekkelijk? Succesvol? Doe ik het allemaal wel goed? Radio Noord-Korea noemt hij het. Iedereen heeft zo'n stemmetje in zijn hoofd dat de hele tijd tekeer gaat.

Met een yogales kopen mensen anderhalf uur rust. Weg van al die meningen en ambities. Gewoon ademen, het voelen van jezelf.

Zelf woont Van Huystee sinds een jaar met zijn gezin in Portugal. In een huis aan zee, midden in de natuur. Het brengt veel rust. Bomen hebben geen mening.

Vroeger vertelde dat stemmetje hem dat het doel van het leven was: die goede baan, dat grote huis en die ene auto. Tot de stress en de lichamelijke klachten kwamen.

Zijn eerste baas gaf hem een kaartje van een yogaleraar. Deze leerde hem mediteren, met een mantra: Cheering. Dat woord moest hij elke meditatie herhalen.

Het helpt hem afstand te nemen van zijn emoties en gedachten, de stress. Hij kan het elk moment van de dag doen. Bij een spannende vergadering of het jaarlijkse kerstdiner, als zijn moeder wéér hetzelfde verhaal vertelt.

Wat ook helpt, is de wereld niet vanuit boosheid en frustratie te benaderen, maar vanuit liefde en compassie. "Dat brengt je veel meer."

'Total relaxation'
"Yoga? Jij?" zegt mijn vrouw.

Moet je mij zien. Tien kilo te zwaar. Allemaal opgekropte frustratie.

Op de website kan ik mijn leraar uitkiezen. Mooie vrouwen. Mannen die wijsheid uitstralen. Mensen bij wie je in de buurt wilt zijn. Velen hebben volgens hun biografie lang de wereld rondgereisd, een persoonlijke crisis doorgemaakt, en zijn daar met yoga uitgekomen.

Een voetbalbroek kan natuurlijk niet. Ik scrol naar yogakleding. Halfnaakte mannen met six-packs en koele yogakleren bezorgen me een minderwaardigheidscomplex.

Nog maar wat aftershave op doen.

Ik heb twee ham-kaascroissants gegeten. Een sloot ouderwetse doorgietkoffie. En pennywafels. Die eet ik altijd als ik met werk niet op gang kan komen.

Ik erger me aan mijn zwakte. Of is dat dubbel verkeerd? Eerst die troep naar binnenwerken en je daar vervolgens slecht over voelen.

Gelukkig ga ik nu naar yoga. Herstellende yoga.

De lerares heet Van Zonneveld, maar ze introduceert zich met haar voornaam: Fleur. Natuurlijk. Of anders heet ze wel Dolores of Maan. Ze is nog mooier dan op de foto. Moet je die benen zien. Wat beweegt ze elegant.

'Kindness' staat erop het kaartje dat ik uit haar zakje trek. Daar kan ik me op concentreren als ik wil.

Walvismuziek, alsof je in een oneindig deinende oceaan dobbert.

Waarom praat ze Engels? Dit gaat om zo dicht mogelijk bij je rustpunt komen. Het mijne luistert het liefst naar Nederlands.

Fleur van Zonneveld Beeld Tammy van Nerum

Hoe komen mijn teennagels zo zwart? Heb ik er lang geen aandacht aan besteed, of is het regenwater door mijn zwarte brogues gesijpeld? Denken de anderen dat het oud vuil is?

Achttien vrouwen, twee mannen. Gelukkig ben ik aantrekkelijker dan die ander. Dat is geen zen-gedachte, maar wel aangenaam als je anderhalf uur samen in één ruimte verblijft.

De lerares vraagt ons te gaan voor total relaxation.

Ik voel me ongeveer net zo ontspannen als wanneer ik op de bank de Tour de France lig te kijken. Nog meer relaxation en speeksel zal uit mijn mond op mijn matje glijden.

Van Zonneveld lijkt wel te zweven. In no time is ze bij me om me een extra kussen onder mijn benen te duwen.

Hoor ik nu iemand huilen? Of is het die vrouw met die snotneus?

Ik kijk in het decolleté van de vrouw links van me. Het is niet erg. Het zijn maar borsten. Lieve, mooie borsten die de hele wereld grootbrengen.

Riekie in haar panty
"Wat ben je lenig," zegt Fleur na de les.

Even denk ik dat ze een grap maakt, tot ik me realiseer dat dit geen plek is voor sarcasme, maar van liefde.

We praten over de les. Hoe je dicht bij de grond begint. Daarna langzaam overeind komt en houdingen gaat doen. Soms val je om en moet je opnieuw beginnen. Je eindigt weer op de grond, in de lijkhouding.

Net als in het echte leven.

Zelf zat ze met een hernia een tijd thuis. Was ze bang dat ze nooit meer les zou kunnen geven. Wie wil er nu les van een half invalide yogadocent? Door yoga was ze van haar angsten losgekomen en weer op halve kracht les gaan geven. Haar leerlingen vond het juist heel inspirerend.

Ik zit ermee dat het voor mensen als Van Huystee en zij, aantrekkelijk en met een goed stel hersens, niet zo moeilijk is je leven om te gooien als dat nodig is. Ander werk, een andere liefde misschien. Dat is anders voor iemand die jarenlang elke dag zijn rondjes draait op lijn 1 naar Osdorp, toch?

Maarten van Huystee Beeld Tammy van Nerum

De lerares vertelt dat ze in De Baarsjes yoga geeft aan de caissière van de buurtsuper en bejaarde Riekie in haar panty.

Je hoeft je leven niet om te gooien, je moet balans vinden in je dagelijks bestaan. Afstand nemen als het je te veel wordt. Lachen om je woede-uitbarsting.

Wat heeft ze mooie ondertanden.

Na drie lessen word ik rustiger. 's Ochtends onder de douche probeer ik mijn lichaam te voelen. Het genot van het warme water op mijn huid. Ik sta niet gebogen, maar rechtop, in mijn kracht. Kom maar water. Verwarm me, omhels me.

Ik mopper niet tegen de kinderen omdat ze de cornflakes over de grond uitstrooien. Het geeft niet. Daar zijn het kinderen voor.

Het slechte nieuws in de krant sla ik over. Het maakt me down en ik kan er toch niets aan doen.

Ik laat me niet meeslepen door de eerste de beste emotie als iemand zijn e-bike voor mijn snufferd de weg op gooit, terwijl ik door groen rijd en vol moet remmen.

Oké, even wil ik achter hem aan om hem recht in zijn gezicht te zeggen dat de weg naar beschaving begint bij dat stoplicht en eindigt bij het uit de mond sparen van je eten voor een hongerig kind. Maar ik herstel me en denk: die moet zeker naar een afspraak in het ziekenhuis.

Ik ga naar een verantwoorde supermarkt. Je bent wat je eet. De groente is er echter van kleur dan in mijn vaste supermarkt. Spinazie wil ik.

'Biologische babybladspinazie. Dertig euro per kilo.'

What the f*. Met een uitgestreken smoelwerk dergelijke prijzen vragen. Ik ben nu niet zen. Zoals ik meestal heel on-zen raak in deze winkel. Alles is zo kalm en verantwoord en ik heb er nog nooit iemand zien lachen.

Carrièresprong
Op de yogaschool ontmoet ik Stefanie van der Zwaal (33) en Royce Benda (30). Ze hebben veel overeenkomsten: perfectionistisch, universitair opgeleid en kregen twee jaar geleden een burn-out.

Van der Zwaal vertelt hoe het op drie vlakken niet goed ging. Haar moeder was ziek, haar relatie ging voorbij en in haar werk liep ze op haar tenen. "Het valt iedereen op dat je zoveel naar buiten loopt," zei haar baas. Daarna was er iets bij haar geknapt en had ze alleen nog maar kunnen huilen.

Benda had als teamleider in de IT de verantwoordelijkheid over twintig mensen. Voelde zich een tijdje koning op de berg, tot de wandeling van de bank naar de keuken hem ineens te veel werd.

Honderd procent de oude zullen ze niet meer worden, maar wel honderd procent de nieuwe. Door yoga hebben ze naar hun lichaam leren luisteren. Het moeilijkst vond Stefanie toe te geven dat ze zichzelf had verwaarloosd. Het herstelproces wil ze omarmen. "Wat is er in mijn leven waardoor ik me zo rot voel en hoe kan ik dichter bij mezelf komen?"

Benda dacht erover postbode te worden. Rustig zijn rondjes maken in de buitenlucht. Nu zijn ze allebei host bij Delight Yoga. Soms steekt het Benda, als hij hoort van een studiegenoot die een carrièresprong heeft gemaakt. Tijdens yogales onderzoekt hij dat gevoel. Wil hij zich soms weer in een pak hijsen en naar een kantoorpand slepen?

'Inchecken bij jezelf', noemen ze het. Hoe gaat het? Wat voel ik? Welke gedachten beheersen me?

Laatst had iemand een Tibetaanse lama gevraagd waarom zoveel jonge mensen een burn-out kregen. "Wat vragen ouders aan hun kind als het van school komt?" had die geantwoord.

Daar gaat het al mis.

Ruzie met mijn vader
Soms wordt mijn innerlijke rust op de proef gesteld. Ik moet naar mijn oude vader. Hij is gevallen en kan met een gebroken rib niet uit bed komen. 's Avonds ben ik kalm en begripvol, maar na een nacht bij hem op de bank is de kat weg.

Beeld Van Santen en Bolleurs

"Die is vast van het dekbed gelazerd dat jíj op het balkon hebt gehangen," zegt mijn vader.

Veertien jaar had hij die kat. Zijn dagelijkse metgezel. "Nu is die weg. Je wordt bedankt."

Ik laat me gaan. "Waarom zoek je altijd ruzie?" Vindt hij dat leuk, met iemand die helemaal uit Amsterdam komt rijden om hem te verzorgen?

Even later komt de kat uit de kast gekropen.

"Sorry," zegt mijn vader.

"Ja, ook sorry."

Snel maar weer een les boeken.

Verkeersregelaar
Onrustig lig ik op mijn matje. Door die verkeersregelaar - over het algemeen vriendelijke mensen - die me, nadat ik vijfhonderd meter was omgefietst, met wilde gebaren terug bonjourde. Weer vijfhonderd meter om. Wat dacht hij wel niet, die verkeersnazi.

"Goed zo. Zeg die loser maar waar het op staat," zei het stemmetje in mijn hoofd.

Met mijn borst en armen om een langwerpig kussen moet ik aan de verkeersregelaar denken. Ook maar een mens. Misschien moet ik straks even naar hem toe, me verontschuldigen.

Waarom is het hier zo warm? Ik heb nog niks gedaan en zweet al als een otter.

Ik ruik mijn voeten. Ik hou van de geur van mijn lichaam. Het ruikt levendig, vitaal. Een mannenlichaam moet sterk ruiken. Niet als een hond tegen de muurtjes piesen, gewoon geuren uit je zweetklieren.

Ik kijk naar de andere mannen in hun droge T-shirts. Ze gebruiken vast antitransparant op doktersrecept. Dat kan niet anders. Als ik in de krijgerhouding spring, vliegen de zweetdruppels in het rond.

Languit liggend voel ik hoe een luchteenheid langs mijn ruggengraat richting mijn zitbotten beweegt. Nu ik mijn lichaam zo goed voel, kan ik de luchteenheid terugsturen, weg van mijn zitbotjes. Het gevaar is geweken.

De leraar zegt dat we onze tenen moeten ontspannen, daarna onze enkels en zo verder omhoog, tot bij ons reproductieve systeem. Dat mag ik de ruimte geven.

Ik voel mijn reproductieve systeem. Daarna denk ik aan het reproductieve systeem van de anderen. Met compassie, zoals het hoort.

Sesamolie
Mijn vrouw pakt het flesje uit de verpakking. "Sesamolie?"

"Je moet het opwarmen en op je huid smeren. Het beschermt je zenuwstelsel tegen de herfstwinden."

"Ben je weer naar yoga geweest?"

"Kun je het zien?"

"Weer geflirt met zo'n leuk vrouwtje zeker? Leer mij die vijfendertigjarige vrouwen kennen."

Ik hou mijn mond over die lange benen.

"Als je het niet erg vindt, zet ik die olie bij het gasfornuis."

Ik ga op bed liggen luisteren naar mijn gedachten. Een stem zegt dat het wel leuk is, die yoga, maar dat ik het toch niet serieus neem. 'Jij bent een voetballer. Een rauwdouwer. Te nuchter voor yoga. Jij speelt dat je mediteert. Poseur.'

Soms zitten de stem van mijn vrouw en Radio Noord-Korea op één golflengte.

Ik doe mijn best, zeg ik tegen de innerlijke stem. Het is een begin. Misschien zal ik dit pad niet tot aan het eind afleggen, maar ik probeer hier wel lessen uit te trekken.

"Wat doe je nu weer?" zegt mijn vrouw.

"Ik probeer mijn lichaam te voelen."

"Dat yogagedoe begint me de keel uit te hangen."

"Volgens mijn yogaleraar levert het reageren vanuit liefde en compassie veel meer op dan reageren vanuit frustratie en ergernis."

Stilte.

"Morgen ga ik naar een meditatieworkshop."

Grote emotie
De jonge cursisten schudden leraar Tijn Touber (58) met grote ogen de hand. Hij zal hen inwijden in de kunst van het mediteren. De jongen naast me vraagt of ik mijn matje wil opschuiven, maar dan zit ík achter de rug van een ander.

Touber vraagt ons gedachten binnen te laten komen en die van een afstand te bekijken. Als het helpt, kan ik mijn gedachten visualiseren als wolken aan de hemel. Daarna moeten we onze emoties proberen te voelen. Vooral degene die je liever wegdrukt, als een bal onder water.

Als je te veel ballen onder water probeert te houden, zal het lichaam op zeker moment zeggen: bekijk het maar! zegt Touber.

Hij vraagt ons een grote emotie te voelen. Eentje die je al lang met je meedraagt. Deze zit meteen in mijn maag en vult even later mijn hele lichaam. Hebben de anderen dat ook?

Mijn grote emotie gaat over mijn moeder. Mijn schuldgevoel na haar overlijden. Ik heb er vaak bij stilgestaan. Tegen mezelf gezegd dat ik op de onbeholpen manier van een twintiger mijn best had gedaan om haar te helpen.

Soms lukt het een cursist om een jarenlang onderdrukte emotie de vrijheid te geven, zegt Touber. Alleen maar omdat die er voor het eerst werkelijk naar kijkt.

Ik ga nu niet al dat verdriet eruit laten lopen. Zeker zitten schokschouderen als een klein kind?

Na de les voel ik me moe. Ik bedenk wat ik allemaal verkeerd doe. Dat ik liefdevoller moet zijn. Meer om mijn vrienden moet geven. Waarom laat ik zo weinig van me horen, vertel ik niet hoezeer ik die vriendschap waardeer? Ze zullen me wel een arrogante zak vinden.

Een berg ongedane zaken valt over me heen.

Aanraken
Het is verstandiger een kaars op te steken, dan te klagen over duisternis.
Lerares Victoria Hyndman (45) zag aan mijn wiebelende tenen dat ik koffie had gedronken, zegt ze. Dan kun je niet diep in jezelf wegzakken. Kijk naar al die mensen met hun laptops in die koffiebarretjes: net hamsters in een loopwiel.

In haar les liggen ze na een half uur nog te woelen. Helemaal vol van de dag, de doelen en eisen die ze aan zichzelf stellen. Na afloop beginnen ze als bezeten hun matje te poetsen en daarna snel naar hun smartphone.

Jonge vrouwen soms, die niet meer menstrueren door de werkdruk en de stress.

Ik mag van geluk spreken dat ik veel aardse energie in me heb, zegt ze.
Die glimlach van haar.

De plek waar ze me tijdens de les aanraakte gloeit nog steeds. Ik lag voorover met ontblote onderrug. Ze vouwde er een deken overheen en streek er met beide handen langs.

Mensen moeten elkaar veel meer aanraken, vindt Hyndman. Hier omhelzen ze elkaar als begroeting.

Yoga is niet een checklist met houdingen die je moet afwerken, maar een levensbeschouwing. Verder leren kijken dan je ego; wat tricky is met yoga, omdat je zo met jezelf bezig bent. Ikke ikke ikke. Ervaren yogavrouwen die zogenaamd helemaal zen zijn, maar op de fiets naar huis zonder pardon door wandelaars op het zebrapad razen.

"Wees de verandering die je in de wereld wil zien," zegt ze soms aan het einde van de les.

Wijsheid is niet voorbehouden aan yogi's. Ze ziet het soms in de ogen van een buschauffeur. Vaak zijn het oudere mensen. Die kennen de pijn van verlies. Dat helpt om verder te komen.

Yoga gaat over zachtheid. De helft van de yogaleraren is nu zwanger. Ze hebben naar hun lichaam leren luisteren. Je kunt het in de liefde gebruiken. Kijk naar stelletjes. Hoe ze praten klinkt vaak als een debat. "Dat weet ik óók wel." "Dat heb ik toch al gezegd."

Neem afstand en kijk naar jezelf. Lach om je ernst.

Ik vertel dat ik tijdens de les moeite had dingen los te laten. Op het moment van de les kreeg een vriendin haar eerste chemokuur intraveneus toegediend. Het leek me beter om mijn aandacht haar kant op te sturen.

De laatste tijd word ik overspoeld door onheilsberichten. En mijn vader komt nooit meer de deur uit. Het brengt me uit balans.

"Kan yoga me hierbij helpen?"

"Kijk naar je angst en je verdriet. Wil je het zijn, of wil je het hebben?"

Probeer ermee te dealen. Wees niet te hard voor jezelf, maar ook niet te zacht. Erge dingen zijn moeilijker om van los te komen, maar hoeven je niet te verteren.

Diep ingesleten gedachten zitten me ook in de weg. Over de toeristen die de sfeer in de stad vernielen. En dat, als we zo doorgaan, de wereld naar de knoppen gaat. Dit denk ik al dertig jaar!

Boosheid is niet erg, zegt Victoria. Dat is vuur dat eruit moet. Daarna kun je weer tot rust komen. Ego is ook niet erg. Zonder ego hou je je niet staande in Amsterdam.

Eigenlijk weet ik het wel. Dat liefdevol luisteren naar mijn boze kind beter werkt dan boos terug gaan zitten doen. Dat ik begripvol het hoe-het-op het-werk-was-verhaal van mijn vrouw moet aanhoren.

Maar als je er niet bij stilstaat, vergeet je het. En daar helpt yoga bij. Of zoals Victoria het noemt: hardop tegen het leven praten.

Inchecken bij jezelf.

Kunstbloemen
Vandaag gaat het even niet. Mijn mailbox is gecrasht, net nu ik belangrijke werkmails moet versturen. De provider zegt al een half uur dat ik zo spoedig mogelijk wordt geholpen.

"Heb je mijn fiets weer ergens verstopt?" vraagt mijn zoon.

"Nee." Gestolen dus. De tweede al deze week. Ha, ha. Een kettingslot was niet nodig, dacht hij.

Mijn dochter wil dat ik nú met haar naar de Intertoys ga voor een verlanglijstboekje voor de Sint.

"Wat denk je zelf? Het is september."

Op mijn telefoon zie ik dat de thuiszorg van mijn vader belt. Waarom bellen ze mijn broer of zus niet? Is hij weer gevallen? Waarom let hij niet beter op? Ik ontplof bijna.

"Inner peace, inner peace," zeg ik tegen mezelf.

Op de fiets naar voetbaltraining van mijn dochter hervind ik mezelf. Ik leg mijn hand op haar rug en duw haar vooruit. Vraag haar over school. Niet of ze goede cijfers heeft gehaald, maar of het leuk was.

"Heb je nog iemand geholpen?"

"Ja, Marilie wist niet wat omtrek en oppervlakte was."

De thuiszorg wilde weten of mijn vader hulp nodig had bij het douchen. Ik heb spijt van mijn uitval tegen mijn zoon. Zo was ik óók. Mijn fiets werd ook altijd gestolen. Het op twee sloten zetten van je fiets is op je zestiende ongelooflijk vermoeiend.

Langs het veld roep ik liefdevolle aanmoedigingen naar mijn dochter. Ze glimlacht veel meer dan vorig seizoen, toen ik me weleens liet gaan.

De wereld tegemoettreden vanuit liefde en compassie. Lach om je Radio Noord-Koreastemmetje. Trek een toegankelijk gezicht. Het werkt. Ik glimlach naar mensen en die doen dat terug. Het vergroot mijn gevoel van vreugde.

Ik laat een jongen op een scooter voorgaan.

"Dank je wel," roept hij me na.

Ik voel me een beetje als zo'n vrouw met kunstbloemen in haar fietskrat.

Er zit een traditioneel gekleed Turks meisje met haar baby op een bank. Ze straalt, kijkt om zich heen of anderen haar kleine jongen zien. Naar mij kijkt ze niet. Ze kijken me nooit aan. Bang voor een argwanende, berispende grimas. Jammer, want ik wil vriendelijkheid uitstralen. Haar geluk wensen. Ze heeft er vast meer behoefte aan dan anderen.

Zal ik haar aanspreken? Iets zeggen over haar mooie kindje?

Ik draai rondjes om het bankje, maar durf het niet. De volgende keer dan maar.

De Inner Peace Conference is te bezoeken op 6 en 7 oktober in de Amstel-, Vondel- en Zuiderkerk en in De Duif.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden