Column

Is het echt zo dat je van oorlogsspelletjes van oorlog gaat houden?

Theodor Holman (1953) is columnist, schrijver, televisie- en radiomaker. Elke dag, uitgezonderd zondag, lees je hier zijn column uit Het Parool.

Theodor Holman.Beeld Het Parool

Ik ben in de speelgoedwinkel. Mijn dochter belde daarnet dat ik niets voor Kerstmis hoefde te kopen, want er is speelgoed genoeg in huis. Eerst sinterklaas, toen de geboorte van Bloem, daartussen nog een verjaardag - bij al die gelegenheden kreeg Koning speelgoed, dus meer was voor hem absoluut verboden, want 'pedagogisch' niet juist.

Als dat pedagogisch niet juist is, deugt de pedagogie niet, maar ik hield mijn mond.

'Koop maar wat voor kinderen in asielzoekerscentra,' zei mijn dochter scherp.

'Dat zijn mijn kleinkinderen niet,' was mijn zwakke antwoord.

Maar nu sta ik in die winkel en kijk ik naar de kinderen - eigenlijk vooral naar de jongetjes. Ze willen games: Homefront, The Revolution, Call of Duty, Black Ops, Dead Island, Battleborn, Doom - veel oorlogsgeweld. Ik besef dat het een afspiegeling is van deze tijd. Maar wat zou ik graag deze 'games' voor mijn kleinzoon kopen, maar dat mag, denk ik, nooit van z'n moeder. Is erfelijk.

Als de dag van gisteren herinner ik me hoe mijn moeder mijn bezit van een klapperpistooltje verafschuwde; Japanners, Duitsers, communisten - wat had je allemaal in de jaren zestig - trokken voorbij in een verbaal spervuur, uitmondend in de zin: 'Walgelijk, walgelijk, zo'n pistool!'

'Maar ik heb dat pistool om jou te beschermen toch?' Het was mijn slijmerige verdediging, want ik wist heus wel dat het een klapperpistool was en niet een echt, mooi wapen.

De jongens kijken naar de games en vervolgens naar hun moeder zoals ze later naar vrouwen zullen kijken.

Ik loop de speelgoedwinkel uit. De decembermaand zou opgeheven moeten worden. Ik weet dat ik mijn dochter ontlast door te zeggen dat ik niet kom en dat ze niet bij mij hoeft te komen. Dat sms ik. Ik ga toch niets anders doen dan lezen en films kijken.

Maar ik moet denken aan die games. Zou het echt zo zijn dat je van die oorlogsspelletjes van oorlog gaat houden? Dat je het dan minder erg vindt om te doden? Bijna alle lone wolves speelden fanatiek computergames. Moet je die dan verbieden? Misschien zongen ze ook allemaal kerstliedjes, dat is dan geen reden om kerstliedjes te verbieden.

Hoeveel jongetjes zouden met kerst van deze games krijgen van hun ouders of grootouders? Kleine wolfjes van wie voorkomen moet worden dat ze eenzaam worden.

Hoeveel jongeren spelen geen games, maar het echte spel?

Wilt u reageren op deze column? Dat kan. Scroll een beetje naar beneden om een reactie te plaatsen of stuur een mail.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden