Plus

In de schuur van Waling (80) kun je van alles kopen én leren

Waling van Wijngaarden (80) begon twee jaar geleden een schuurverkoop - volg de pijl op zijn erf in Durgerdam. In zijn minimuseum spijkert hij je ook nog bij over de Tachtigjarige Oorlog.

Waling van Wijngaarden tussen zijn koopwaarBeeld Ivo van der Bent

De meeste fietsers flitsen zonder op of om kijken langs het houten bord met de rode blokletters aan de Durgerdammerdijk 105. 'Collectors items. Scheepsantiek. Bodemvondsten. Meubels' staat erop. En daaronder in kleinere letters: 'munten, speelgoed, boeken'.

Toch remmen sommige voorbijgangers af. Anderen stuiten al wandelend op de aankondiging. Als ze de pijl volgen, vinden ze op het erf de groene schuur van Waling van Wijngaarden.

Fletse Mickey Mousevlaggetjes wapperen in de deuropening. Daarbinnen een bonte verzameling boeken, speelgoed, lampen, schoenen, kleding, ski's, schilderijen, pannen, serviesgoed, snuisterijen, klokken, kasten, gereedschap en stokoude attributen waarvan de functie niet altijd meteen duidelijk is.

Nieuwsgierige bezoekers
'Is er niemand? Bel voor entree. Hard' valt te lezen op een bordje bij de deur. Meestal is het niet nodig om de bel te laten klingelen. Bij een klein gerucht komt Van Wijngaarden al vlug aangelopen. Verwachtingsvol draalt hij in het kielzog van zijn nieuwsgierige bezoekers.

"Wij zoeken een zwemband of een luchtbedje voor bij onze boot. Heeft u die toevallig?" vraagt de moeder van een ­gezin. Van Wijngaarden schudt zijn hoofd, maar komt meteen met een alternatief: "Spelletjes heb ik wél!"

Vanuit een ooghoek ziet hij de vader een messenset ­optillen. "Tien euro. Kunt u zo mee aan de gang. Zit een slijper en aanzetstaal bij."

En tegen de vrouw die met een schuin hoofd de titels van de boeken bekijkt: "Wat leest u graag, mevrouw? Ik heb hier het tijdschrift Historia, met alles over de Tweede ­Wereldoorlog," oppert Van Wijngaarden.

Kopers uit IJburg
Twee jaar geleden begon hij met zijn schuurverkoop. "Ik gebruikte de schuur vroeger als werkplaats, want ik ben aannemer geweest. Toen ik stopte met werken, kwam hij leeg te staan.

Mijn kinderen vroegen me om er wat spullen van hen in te zetten. Ik mocht ze niet weggooien, maar wel verkopen. En dus knapte ik wat oude kasten op en zette een bord aan de weg. Al gauw kwamen allerlei mensen uit IJburg hierheen om meubelen te kopen."

Van Wijngaarden had weer wat ruimte in zijn schuur, totdat ook verschillende buren met hun oude spullen en ­antiek bij hem aanklopten.

"Ze dachten kennelijk dat ik een soort kringloopwinkel was begonnen. Ik heb het maar zo gelaten. Wat bruikbaar is, bied ik te koop aan. Een deel van de opbrengst gaat naar de Oranjevereniging."

1 euro
Hij breidde het assortiment uit met bodemvondsten, ­zoals oude munten en pijpenkoppen. "De munten ontdekte ik toen ik de fundering van mijn huis vernieuwde. Exemplaren uit de zestiende en zeventiende eeuw en de Tweede Oorlog en zelfs een Amerikaanse munt uit 1900. Kinderen uit de buurt vinden emmers vol pijpenkoppen in de grond en brengen ze hierheen."

Op oude tegeltjes maakte Van Wijngaarden met zwarte stift een tekening van het kerkje en de vuurtoren van Durgerdam. "Die verkoop ik als schilderijtjes."

Tussen alle koopwaar hangt ook een handgeschreven bord met het opschrift 'Foto's maken één euro'. Van Wijngaarden resoluut: "Mensen kwamen de boel aan alle kanten fotograferen, maar ze kochten niets. Ik denk: ik moet daar toch 'ns wat aan gaan doen. Want foto's maken, daar heb ik niks aan."

Extra attractie
Hoewel hij vooral in de weekenden flink wat aanloop had, werd het hem op sommige dagen toch te stil. Van Wijngaarden besloot daarom een extra attractie bij zijn schuurverkoop te maken: een museum over de Tachtigjarige Oorlog. Voor 1,50 euro per persoon kunnen bezoekers een kijkje áchter de winkel nemen.

een deel van de collectie in zijn museum over de Tachtigjarige OorlogBeeld Ivo van der Bent

Een benauwde warmte heeft zich opgehoopt in de kleine, schemerige ruimte. Op een tafel heeft Van Wijngaarden zorgvuldig antieke wapens en attributen, een harnas en helm en uitgeprinte afbeeldingen van soldaten uit de zestiende eeuw uitgestald.

Overal staan verklarende bordjes bij: Kuras met halskraag, Spaanse stijlbeugel, een ­rapier, vuursteen-ruiterpistool, kopergiettang voor ­pistool, musketkogels, kruithoorn.

Zijn fascinatie voor de Tachtigjarige Oorlog begon op de Derde Elthetoschool in Amsterdam-Oost, toen hij een jaar of negen was.

Fascinatie
Ademloos luisterde Van Wijngaarden naar de verhalen die meester Padding daarover vertelde. "Die fascinatie is nooit overgegaan. Ik ben antieke wapens gaan verzamelen en bleef me verdiepen in de geschiedenis."

Op de tafel liggen twee A4'tjes. "Tijdens de rondleiding lees ik die voor," verklaart Van Wijngaarden. Hij buigt zijn hoofd en begint plechtig: "De dorpen in Landelijk Noord krijgen het in deze oorlog zwaar te verduren. ­Amsterdam blijft aan de kant van de Spanjaarden staan, terwijl de Watergeuzen de ene Noord-Hollandse stad na de andere veroveren."

Zijn vinger glijdt langs de regels. Soms hapert hij even. Bij de spannende stukken past hij zijn intonatie aan. Beide teksten leest hij in zijn geheel voor, wat zo'n twintig minuten duurt. "Ik word steeds meer tekstvast," zegt Van Wijngaarden als hij klaar is.

"Dit is ook goed voor mijn psyche. Als aannemer werkte ik vaak alleen. Dan zat ik met mezelf te overleggen hoe ik iets zou doen. Door de schuurverkoop en het museum praat ik plotseling veel met mensen en moet ik toespraakjes houden. Het gaat me steeds beter af."

Toeristen
Na afloop van zijn voordracht kunnen mensen vragen stellen. Dat duurt volgens Van Wijngaarden soms wel een half uur. "Ze willen van alles weten. Bijvoorbeeld waar de attributen voor dienden en hoe de wapens werkten."

Beeld Ivo van der Bent

Hij geeft toe dat voorbijgangers ook vaak geen zin in hebben in de Tachtigjarige Oorlog, als ze met het zweet op hun voorhoofd van hun fiets stappen.

"Toeristen zijn ­vaker geïnteresseerd. Laatst waren hier een paar Engelsen en Amerikanen. Ik spreek die taal niet goed, maar er was een Nederlands stel dat het kon vertalen. En kinderen vinden het leuk. Er komt hier weleens een schoolklas. Na ­afloop maak ik een foto van ze met de helm op hun hoofd en een zwaard in hun hand."

Modelzeilbootje
In de winkel scharrelt nog steeds het gezin rond. "Hebben jullie nog zin om even naar het museum over de Tachtig­jarige Oorlog te gaan?" informeert de moeder bij haar dochters. "Mwoah, ik wil zwemmen," is hun reactie.

Wat besluiteloos staat de ene dochter met een modelzeilbootje in haar handen. Met nauwelijks verholen ongeduld drentelt Van Wijngaarden om haar heen. "Tachtig jaar oud. Er zijn nog wedstrijdjes mee gevaren op de Bosbaan. Een tientje maar."

Uiteindelijk gaan de vier naar huis met het zeilbootje, een dominospel en een Historia. Spelletjes, speelgoed of boeken is Van Wijngaarden meestal het eerst kwijt. Maar tot zijn spijt gaan er dagen voorbij dat niemand op zoek is naar een smeedijzeren boor, een boetnaald, een pijpenkop of een houten schaaf.

Dorpsgek
"Mensen vinden dingen al gauw te duur." Liefkozend haalt hij zijn hand over een houten schaaf. "Deze is uit de zestiende eeuw. Zo sierlijk gemaakt. Die vind je ook in het Rijksmuseum. En dan begrijpen mensen niet dat ik er 25 euro voor vraag."

In het begin las hij bezoekers vaak luidkeels een zelf­gemaakt pamflet voor: "Al deze mooie spullen zijn grotendeels bijeengebracht door bewoners. Koopt u niets dan ­rekenen we op uw sportiviteit door een donatie in het klompje bij de uitgang te doen."

"'Je bent gek! Dat kun je niet doen,' zei mijn vrouw. Maar kom, ik moet wel een beetje verkopen! Doe ik dat niet, dan sta ik er erbij als de dorpsgek."

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden