Ik wil niet dat de minister-president gaat zitten janken

PlusTheodor Holman

Die traantjes van Rutte. Daar wordt een wel­denkend mens on­rustig van.

Ik bedoel: de reden dat ik nooit minister-president heb willen zijn, komt door mijn gevoelsleven, waardoorheen een rivier van suikerstroop stroomt die uitkomt op een zee van tranen. Toon mij een dood muisje en ik heb minstens drie zakdoeken nodig. Bijt Koosje mijn buurman in z’n achterwerk, dan vind ik hem te lief en laat ik een hele doos Kleenex aanrukken; en zie ik huilende kleinkinderen… ah, dan ben ik dusdanig geroerd dat ik de oma even­tuele problemen laat oplossen.

Voor de politiek ben ik dus ongeschikt, want ik ben zo snel geraakt dat ik vast door mijn sluier van traanvocht op de verkeerde politieke knoppen druk en meteen het leger inzet, de doodstraf invoer en alle toeristen uit de hoofdstad laat ranselen.

Politici moeten niet huilen.

Ik was destijds dan ook blij met de verbazing van Rutte toen Thierry Baudet hem vroeg: “Wanneer hebt u voor het laatst gehuild?”

Eigenlijk wilde Baudet vragen: “Wanneer hebt u het laatst geneukt?” maar daar zag de door en door fatsoenlijke Baudet toch maar vanaf, hoewel ik denk dat de verbazing en het gegraaf in het geheugen bij Rutte niet minder groot zouden zijn geweest.

Wenende politici – ze wekken altijd net zoveel medelijden als achterdocht op. Ik herinner me nog dat Hans Wiegel huilde toen hem door de journalist Jaap van Meekren een vraag werd gesteld over zijn overleden vrouw. Je dacht meteen: hoe kan iemand die zo gevoelig is, toch politiek zulke keiharde maatregelen nemen?

Dat heb ik nu bij Rutte ook. Hij bezoekt – en dat was keurig – de mensen die door zijn belastingdienst als misdadigers werden gezien, maar waar ik uit schaamte mijn portemonnee zou hebben leeg­geschud, ging hij huilen.

Dat is de verkeerde gevoeligheid. Ik geloof niet dat het nepgevoeligheid is – was het dat maar – het was vermoedelijk echte gevoeligheid. ‘Emotioneel’ heet dat tegenwoordig.

Ik wil niet dat een minister-president, die gaat over miljarden, over onze defensie, over… ons atoomwapen… een potje gaat zitten janken.

Straks stopt hij mijn belastingcenten nog in het missiebusje.

“Hij is ook maar een mens.”

Ja zeg, wat doe je dan in de politiek als je mens bent? Ik wil geen mensen in de politiek. Ik wil alfawolven – of wolvinnen – bonobo’s, cobra’s.

Ik ben nu bang geworden voor Rutte. Hij is een muisje.

Theodor Holman (1953) is columnist, schrijver, televisie- en radiomaker. Elke dag, uitgezonderd zondag, lees je hier zijn column. Lees al zijn columns terug in het archief.

Reageren? t.holman@parool.nl.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden