'Ik voel die machteloze woede al naar boven komen'

Lucia de Berk met haar advocaat, nadat ze woensdag werd vrijgesproken. Foto ANP Beeld
Lucia de Berk met haar advocaat, nadat ze woensdag werd vrijgesproken. Foto ANP

DEN HAAG - Lucia de Berk, de verpleegkundige die ruim zes jaar vastzat en vandaag werd vrijgesproken voor zevenvoudige moord en drie moordpogingen, schreef haar ervaringen op in het boek 'Lucia de B. levenslang en tbs'. Enkele fragmenten.

''Net als de meeste mensen was ik altijd van mening dat ons rechtssysteem goed en rechtvaardig was. [...] Maar toen wist ik niet hoe het is als er een arrestatieteam voor je deur staat. En hoe het is om van misdaden beschuldigd te worden die je niet begaan hebt. Ik kon ook niet weten hoe het is om machteloos te zijn en afhankelijk van mensen die je verachten. En al helemaal niet hoe het is om jaren in onzekerheid te wachten tot justitie besluit wat ze met je wil doen.''

De arrestatie:
''Ik sta op de galerij te roken, het is vroeg in de avond. De lucht ziet er prachtig uit, zoals dat vaak is in december, de zon is bijna onder. Achter me ligt opa, op zijn bed, dood te gaan. [...] Opa is veranderd, de afgelopen drie weken. Het is net of hij zijn harde pantser heeft afgelegd en nu zijn ware gezicht laat zien. Of het hem niet meer kan schelen, dat hij stervende is. Hij heeft gehuild, gelachen en ons geknuffeld. Hij wil oma's hand vasthouden, iets wat hij in veertig jaar niet meer gedaan heeft.

In de verte zie ik een hele groep mensen. Ze zijn met een man of tien en lopen in de richting van de flat van mijn opa en oma. Het is al vrij donker en ik kan het niet goed zien, maar ze ogen somber. Zullen wel naar het bejaardenhuis naast de flat gaan. Zeker iemand overleden.

Mijn blik dwaalt weer af. Er stopt een auto, twee mensen stappen uit en lopen haastig in de richting van de groep. Ik zie dat het een politieauto is. Mijn hart slaat op hol, ik voel het bloed uit mijn armen en benen wegtrekken. O nee, ze komen voor mij! O nee toch? O, oma en opa! O God! [...]
Mijn hart gaat als een bezetene te keer. Paniek in mijn buik - o oma, wat moet je nog meemaken? [...] 'Mevrouw, wilt u uw jas en schoenen aandoen?'. Ik schrik van de harde mannenstem. Het is een politieman. Ik kijk om me heen en zie overal vreemden in het kleine flatje. 'Mevrouw!' 'Ach, ik had het hier zo graag af willen maken,' zeg ik, doelend op het begeleiden van oma en opa. (Later zal officier van justitie I. Degeling zeggen dat ik bedoelde dat ik mijn opa af wilde maken).''

In de rechtszaal:
''Elffers (Henk Elffers, getuige-deskundige en statisticus, red.) komt aan de getuigentafel zitten, ook bij hem voel ik die machteloze woede naar boven komen als ik dat miezerige mannetje zo dicht bij me zie. Onvoorstelbaar wat een ravage deze man heeft aangericht! Door zijn foute berekening zit ik hier, en ik weet zeker dat het foutief is want er is wél sprake van toeval. Ik heb nu eenmaal niets gedaan: geen moord, geen doodslag, geen mishandeling in welke vorm dan ook. [...] Helaas ben ik de dupe van zijn ijdelheid, ik heb een levenslange gevangenisstraf gekregen om niets. ''
De uitspraak:
''Ik ga op het bankje zitten en na het gebruikelijke ritueel zegt de voorzitter dat de jongste rechter, Van Dijk, zal beginnen met het voorlezen van het vonnis over Amber (een van de overleden baby's, red.). Ik hoor Van Dijk praten en eerst begrijp ik het niet. Wat bedoelt ze? Maar dan zie ik haar verbeten gezicht, die ogen die me vol haat aankijken, en dan begrijp ik het. Ik voel hoe het zuur omhoogkomt samen met een golf van woede. Ik kan nu nog maar twee dingen doen: vechten of vluchten. Ik wil Van Dijk boven op haar bek slaan, zodat ze die onzin niet meer uit kan kramen. Maar ik vlucht.

Ik kon niet reageren (op de uitspraak van levenlang en tbs, red.) want ik liet het niet tot me doordringen, wilde er geen betekenis aan geven. Ik had het gevoel alsof ik verdoofd was en de tijd wazig en onduidelijk. Ik had mezelf, mijn ik, als het ware in een doosje gestopt om me van de realiteit af te schermen. Daardoor kon ik alles van een afstandje bekijken zodat ik in elk geval in staat was om te functioneren. [...]
Pas als de celdeur op slot gaat, om vijf uur, kan ik de realiteit een beetje tot me door laten dringen. Ik heb gehuild, zo gehuild.''

Het boek 'Lucia de B., Levenslang en tbs' door Lucia de Berk is uitgegeven door De Arbeiderspers. (GPD)

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden